Sportclubs zien steeds meer jongeren vertrekken. Vooral in de leeftijdsgroep 13- tot 18-jarigen is het aantal leden van verenigingen de afgelopen jaren gedaald. Dat blijkt uit onderzoek naar het sportgedrag in Nederland van het bureau Kantar in opdracht van NOC*NSF.
Volgens de sportkoepel haken tieners af omdat ze meer drempels ervaren om lid te worden. Zo vinden ze vaste trainingstijden en andere verplichtingen lastig, Ook andere hobby's en de kosten van een lidmaatschap werken ontmoedigend.
Jongere kinderen zijn vaak wél lid van een sportclub. Maar vanaf 13 jaar verdubbelt het aantal kinderen dat niet of nauwelijks van plan is om te gaan sporten, van 14 naar 28 procent.
Een kwart van de kinderen van 13 tot 18 jaar sport niet, in de categorie 5 tot 12 jaar is dat 13 procent. Ook het aantal kinderen dat wekelijks sport neemt af vanaf het dertiende levensjaar: 66 procent sport wekelijks, bij de leeftijdsgroep daaronder is dat 79 procent.
Volwassenen van 18 tot 44 jaar hebben ook steeds meer moeite met sporten in verenigingsverband, blijkt uit het onderzoek. Zij kunnen het steeds lastiger inpassen in hun drukke leven met baan en kinderen. Deze groep volwassenen noemt tijdsgebrek als grootste reden om niet te sporten.
Als mensen eenmaal ouder zijn en kinderen bijvoorbeeld uit huis zijn, neemt de animo om wekelijks te sporten weer toe. Bij deze groep 45-plussers is de motivatie het hoogst.
Het totaal aantal mensen dat wekelijks sport is tijdens de coronacrisis gedaald en was vorig jaar nog niet terug op het oude niveau. NOC*NSF zegt dat het verenigingsleven bij ruim 25.000 sportclubs onder druk staat. Ook kampen ze met een tekort aan vrijwilligers.
De sportkoepel adviseert clubs om een gevarieerder aanbod aan te bieden en meer samen te werken met andere sporten, zodat ze bijvoorbeeld gezamenlijk een professionele trainer kunnen inhuren.
Binnenland
Sport algemeen
Deel artikel:
Source: NOS nieuws