Door de miljarden extra uitgaven in combinatie met de krappe arbeidsmarkt "loopt het kabinet tegen de grenzen aan van wat mogelijk is", schrijft minister Sigrid Kaag (Financiën) in de voorjaarsnota die ze vrijdag naar de Kamer heeft gestuurd. Dat geldt voor zowel de overheidsuitgaven als de uitvoeringskracht, meldt de bewindsvrouw.
Dat het kabinet moet bezuinigen, sijpelde de laatste maanden al door. Eerder deze week lekte een aantal maatregelen uit.
Een deel wordt gedekt via meevallers. Gek genoeg helpt de krappe arbeidsmarkt in dit geval ook mee. Want door het gebrek aan personeel lukt het de overheid niet altijd om geld dat al beschikbaar was ook daadwerkelijk uit te geven.
Na jaren van financiële voorspoed - op de onzekere coronajaren na - moet het kabinet weer kijken waar er geld af kan. "Dat zijn we niet meer gewend", zei premier Mark Rutte daar woensdag over.
Sommige ontwikkelingen zijn het kabinet niet kwalijk te nemen. Neem bijvoorbeeld de stijgende rente op staatsleningen. Die was enkele jaren geleden zo laag, dat lenen gratis was of zelfs geld opleverde. "De tientallen miljarden die we lenen, is tegen 0 procent rente of we krijgen er geld op toe. Dat is natuurlijk bizar", zei toenmalig minister van Financiën Wopke Hoekstra drie jaar geleden.
Nu is het kabinet ieder jaar 2,5 miljard euro kwijt aan rentelasten. En dat bedrag loopt in 2028 op tot 7,4 miljard. De toegezegde steun aan Oekraïne bedraagt ook 2,5 miljard euro.
Het vorig najaar aangekondigde pakket maatregelen om de gestegen energieprijzen deels te compenseren, waaronder het prijsplafond, moet ook nog worden betaald. Ook dat wordt geregeld in de voorjaarsnota. Het kost ongeveer 5 miljard euro.
Volgens Kaag zorgen "ingrijpende gebeurtenissen uit het afgelopen jaar" voor deze "forse tegenvallers op de begroting".
Een van die tegenvallers raakt bijvoorbeeld mensen die thuis hulp nodig hebben en daarvoor afhankelijk zijn van overheidssteun (Wmo). Het kabinet gaat onder meer de eigen bijdrage voor huishoudelijke hulp opnieuw invoeren.
Deze bijdrage wordt per 2025 afhankelijk van de hoogte van het inkomen, nu moet iedereen hetzelfde bedrag betalen. Het kabinet hoopt er ieder jaar 100 miljoen euro mee te besparen.
Ieder ministerie moet uiteindelijk meehelpen de begroting rond te krijgen door minder geld uit te geven. Defensie wordt vanwege de oorlog in Oekraïne ontzien. En ook het armoedebeleid blijft buiten schot.
Het totaalplaatje van de overheidsfinanciën verslechtert de komende jaren. De staatsschuld loopt op van bijna 50 procent van het bbp (bruto binnenlands product ofwel de omvang van de economie) in 2023 naar ruim 55 procent in 2028.
Dat is nog steeds binnen de Europese regels van maximaal 60 procent. Maar Kaag geeft wel een waarschuwing: "Dit beeld kan bij een verslechtering van de economische situatie snel omslaan."
Source: Nu.nl algemeen