UNICEF bezocht de afgelopen maanden honderd noodopvanglocaties waar zowel Oekraïense vluchtelingen als andere vluchtelingen wonen. Hoewel de noodopvang eigenlijk is bedoeld voor kortdurende opvang, worden deze locaties vanwege de opvangcrisis al lange tijd gebruikt.
Daarom heeft UNICEF op zo'n veertig noodopvanglocaties geholpen bij het opzetten van een zogenoemde 'kindvriendelijke ruimte'. Daar kunnen kinderen meedoen aan activiteiten, schrijft de organisatie in het rapport Hoe gaat het met de kinderen? 100 bezoeken aan de (nood)opvang voor asielzoekers en Oekraïners.
De noodopvang voor Oekraïners in Gouda heeft zo'n kindvriendelijke ruimte in de kantine van het voormalige kantoorpand. Daar kunnen de kinderen behalve spelen ook meedoen aan activiteiten die worden georganiseerd door een team van vijftien vrijwilligers.
"Eigenlijk volgen we daarbij de seizoenen", zegt vrijwilligerscoördinator Leon Collignon. In de herfst maken de kinderen bijvoorbeeld spinnenwebben met kastanjes en rond Pasen gaan ze op zoek naar paaseitjes.
Die ruimtes zijn een middel om kinderen aandacht te geven en structuur te bieden, zegt Collignon. Hij ziet dat de kinderen een band opbouwen met de vrijwilligers: zij vertellen verhalen of geven een knuffel ter begroeting.
Maar het duurt even voor dit soort projecten van de grond komt in de vaak snel opgezette opvang. Zo moest in Gouda het onderwijs nog geregeld worden na de opening, maar kunnen kinderen daar inmiddels gebruikmaken van het onderwijs, de kindvriendelijke ruimtes, een beweegmiddag, een kinderkoor en een kinderbingo.
"We bouwden alle activiteiten langzaam op", zegt locatiemanager Minka Kleve. Ze zegt dat het voor kinderen lastig is om onbezorgd kind te kunnen zijn in een noodopvanglocatie. "Maar wat we vinden aan aanbod en kunnen gebruiken, zetten we in wanneer blijkt dat hier behoefte aan is. Daar blijven we naar speuren."
Dat het voor mensen lastig kan zijn om kind te zijn in een noodopvang, blijkt ook uit meerdere rapporten over de (crisis)noodopvang. Onder meer de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) en gemeenten en de onderwijsinspectie trokken aan de bel. Er zijn zorgen over de voorzieningen in de locaties, het gebrek aan privacy en de regelmatige verhuizingen naar andere locaties.
Initiatieven als de kindvriendelijke ruimtes helpen om "weg te zijn" van alles rondom de asielprocedure. Dat merkt ook Marina AlMhana, die al zo'n zeven maanden vrijwilliger is in de noodopvanglocatie in het A&O Hostel in het Amsterdamse stadsdeel Zuidoost.
In een grote zaal in het hostel zijn veel spelletjes, boeken en ander speelgoed voor de kinderen te vinden. "Meestal laten we de kinderen kiezen wat ze willen doen, afhankelijk van de hoeveelheid kinderen. Niets is verplicht."
AlMhana, die vroeger zelf de asielprocedure heeft doorlopen, zegt dat zulke initiatieven al veel betekenen voor kinderen in de asielopvang. "Deze ruimte helpt bij het herstel van hun zelfvertrouwen na alles wat ze hebben meegemaakt. Het geeft ze inspiratie om weer door te kunnen gaan."
In de crisisnoodopvang in Culemborg, die na enkele verlengingen inmiddels al een jaar open is, zijn de laatste tijd steeds meer activiteiten voor alle bewoners georganiseerd. "Het is misschien het lichtpuntje op de dag", zegt Maaike Knoppers van ElkWelzijn. Zij is samen met twee anderen verantwoordelijk voor het aansturen van de vrijwilligers.
Er is inmiddels een relatief stabiel activiteitenprogramma, zegt Knoppers. De organisatie koos er op den duur voor om meer kwalitatief goede activiteiten te organiseren, in plaats van zoveel mogelijk activiteiten. Nu zijn er onder meer taallessen en speelactiviteiten en worden jongeren op sleeptouw genomen door een vrijwilliger met een atelier.
Dat mensen zo'n lichtpuntje nodig hebben in de crisisnoodopvang, zag ze nog die middag. "Jopie, een van de vrijwilligers, kwam net terug. Zij was met acht mensen met een busje naar het water gegaan. In het begin werden er nog grapjes gemaakt, maar na een kwartier merkte je dat het echt niet goed met ze gaat. Dan zie je wat het met mensen doet om in deze omstandigheden te leven, los van wat ze al hebben meegemaakt."
Knoppers ziet hoe gemotiveerd de bewoners zijn om bijvoorbeeld de taal te leren en dat er een mooie verbinding met de inwoners van de Gelderse stad ontstaat, dankzij de enthousiaste vrijwilligers. "Dat doet mij goed. Hoe kan je dit als gemeente niet willen? Elke gemeente zou zoiets moeten kunnen."
We zijn benieuwd naar je mening over dit artikel. Klik hier om je feedback achter te laten in een korte vragenlijst van een minuut.
Log in of registreer gratis op NU.nl en krijg toegang tot extra artikelen
Source: Nu.nl algemeen