De Europese Unie sprak dit voorjaar af dat er geen auto's met verbrandingsmotoren meer verkocht mogen worden in 2035. Benzine en diesel gaan straks in de ban: over twaalf jaar verschijnen alleen nog maar auto's die op waterstof of elektriciteit rijden op de markt.
Maar onder druk van Duitsland - een grote autoproducent - verruimde de Europese Commissie later alsnog de regels: óók auto's die op e-fuels rijden worden toegestaan in 2035. En zo laaide het debat over dit soort brandstoffen weer op.
Maar wat zijn e-fuels precies? E-fuels zijn synthetische brandstoffen die uit elektriciteit, water en koolstofdioxide (CO2) worden geproduceerd. Dat gaat als volgt: met stroom uit hernieuwbare energiebronnen zoals wind- of zonne-energie wordt water gesplitst in waterstof en zuurstof, dat heet elektrolyse.
Daarna wordt er CO2 toegevoegd. Die mag niet afkomstig zijn uit fossiele bronnen, maar moet uit de lucht of uit biomassa komen. Via dit proces kunnen onder meer e-methanol, e-diesel, e-ammoniak, e-lng en e-kerosine gemaakt worden.
"Duurzaam opgewekte stroom omzetten naar synthetische brandstoffen kan handig zijn om energie op te slaan voor later", zegt Gert Jan Kramer, hoogleraar duurzame energievoorziening aan de Universiteit Utrecht. "Zon en wind is er niet altijd en batterijen kunnen maar tot op zekere hoogte energie opslaan. Dan komt deze brandstof goed van pas."
Maar verder is Kramer kritisch over e-fuels. "Er is heel veel energie nodig om e-fuels te maken, terwijl het gebruik daarvan eigenlijk niet efficiënt is." Hij vergelijkt het met een batterij, bijvoorbeeld van elektrische auto's. Daarbij wordt rond de 90 procent van de opgewekte energie daadwerkelijk in aandrijving omgezet. Bij e-fuels schat de hoogleraar dit rond de 10 procent. Dat heeft te maken met het dure en energieslurpende maakproces. Alleen het maken van waterstof kost al een kwart van de energie.
Rijden in een auto op e-fuels zorgt niet voor extra broeikasgassen. Maar daarbij komen nog wel schadelijke stoffen als fijnstof en stikstof vrij. "Strikt genomen zijn e-fuels klimaatneutraal, maar passen ze niet in een duurzaam systeem", zegt Kramer.
Zolang we nog geen overschot aan groene stroom hebben, kan de energie die het maken van synthetische brandstoffen kost beter direct op andere plaatsen worden ingezet, vindt Kramer. Waterstof kan bijvoorbeeld worden gebruikt om de industrie te vergroenen.
Wel kan het gebruik van e-fuels mogelijk een uitkomst bieden voor bijvoorbeeld luchtverkeer, scheepvaart en vrachtvervoer. Dat concludeert een recent rapport van onderzoeksinstituut TNO. Vliegtuigen en schepen zijn moeilijk volledig elektrisch te maken omdat deze vaak lange afstanden afleggen en batterijen veel ruimte en gewicht innemen. Nu zijn deze sectoren nog grotendeels afhankelijk van fossiele brandstoffen.
Voor dit soort vervoersmiddelen zijn e-fuels mogelijk een oplossing als er in de nabije toekomst meer duurzame energie wordt opgewekt, ziet ook Kramer. "Op dit moment is het nog ondenkbaar om de oceanen over te steken op een batterij."
Log in of registreer gratis op NU.nl en krijg toegang tot extra artikelen
Source: Nu.nl algemeen