Helder reageert in haar brief op de twee recentste onderzoeken naar de inkoop van persoonlijke beschermingsmiddelen. De bewindsvrouw is kritisch op de toenmalige verantwoordelijken binnen het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en op leveranciers van de middelen.
Naar de onderlinge prijzen van verschillende leveranciers werd niet gekeken, schrijft ze. Ook leken VWS en het Landelijk Consortium Hulpmiddelen (LCA) eventuele winstmarges bij leveranciers "niet relevant" te vinden. De minister vindt dit soort winstmarges in crisistijd ethisch niet verantwoord.
Maar Helder is ook kritisch op de rol van de leveranciers. "De manier waarop sommige leveranciers en hierbij betrokken personen hebben gehandeld, vind ik niet passen bij de omstandigheden van dat moment. Individuele belangen speelden daarbij een rol", schrijft Helder.
De bewindsvrouw begrijpt dat beslissingen tijdens de coronacrisis onder hoge druk werden genomen. Ze schrijft dat het belangrijk is om te realiseren dit "tijdsgewricht van belang is", maar ze benadrukt dat naast het bestrijden van de crisis ook gekeken had moeten worden naar de bedoelingen van de betrokken partijen.
Dat is volgens Helder extra belangrijk in het geval van dergelijke samenwerkingen tussen een ministerie en een privaat bedrijf.
Source: Nu.nl algemeen