Nederland heeft in 2018 geweigerd om van Curaçao de tbs-maatregel over te nemen voor Jamal L., de man die dinsdag in Den Haag een medewerkster van een supermarkt doodstak. Dat meldt Nu.nl. Het besluit om het verzoek van Curaçao af te wijzen zou zijn genomen door toenmalig minister van Justitie en Veiligheid Sander Dekker.
Waarom die het verzoek afwees, is niet duidelijk. Tbs-veroordelingen die zijn opgelegd door rechters in het Caribische deel van het Koninkrijk kunnen door Nederland worden overgenomen, maar dat hoeft niet.
De 56-jarige L. blijft twee weken langer vastzitten. Hij wordt verdacht van moord of doodslag, meldt het Openbaar Ministerie. L. werd dinsdag in de buurt van de supermarkt opgepakt op verdenking van het doodsteken van de 36-jarige Albert Heijn-medewerkster, kort na openingstijd.
Hij stond op 9 juni voor de rechtbank in Rotterdam in verband met twee zaken: hij werd verdacht van bedreiging van gemeenteambtenaren in Zwijndrecht eind vorig jaar en de diefstal van een pak melk in een supermarkt en bedreiging van een medewerker in april dit jaar.
De rechtbank sprak hem vrij van diefstal van het pak melk, wegens gebrek aan bewijs. Voor de bedreiging van de gemeenteambtenaren kreeg hij een gevangenisstraf van 107 dagen, dat was de tijd dat hij in voorarrest had gezeten. Hij is daarom direct vrijgelaten.
De rechtbank in Rotterdam meldt dat daar niet bekend was dat L. op Curaçao een tbs-maatregel opgelegd had gekregen. Ook wist de rechtbank niet dat L. ook al eens door een Engelse rechtbank was veroordeeld.
In 2018 oordeelde een rechter op Curaçao dat er een duidelijke relatie was tussen stoornissen en verschillende gepleegde delicten in 2016 en 2017 op het eiland. In dat vonnis is het oordeel van de psychiater die L. onderzocht opgenomen.
Die psychiater noemde L. "een chronisch psychotische man met paranoïde wanen" en "ernstige realiteitsstoornissen". L. kreeg ook een psychische behandeling opgelegd op Curaçao, maar kon die niet uitzitten omdat een aangewezen inrichting hem niet wilde opnemen omdat hij te gevaarlijk was.
Bij de behandeling voor de Rotterdamse rechtbank is wel gevraagd of L. geobserveerd kon worden in het Pieter Baan Centrum, bleek gisteren. Het NIFP, de instantie die bekijkt of iemand een tbs-maatregel moet worden opgelegd, heeft toen het advies gegeven dat er geen noodzaak was om hem ter observatie op te nemen. Dat advies is door de Rotterdamse rechter overgenomen.
Binnenland
Deel artikel:
Source: NOS nieuws