De kans is aanwezig dat koning Willem-Alexander zaterdag excuses voor het Nederlandse slavernijverleden zal uitspreken. Het is dan Ketikoti, de dag dat veel mensen in Nederland en Suriname vieren dat in 1873 de slavernij afgeschaft werd in de toenmalige kolonie Suriname en het Caribisch deel van het Koninkrijk.
Het woord Ketikoti betekent 'ketenen gebroken' in de Surinaamse taal Sranantongo. Op de voormalige Nederlandse Antillen heet het einde van de slavernij Dia di Abolishon.
Veel reacties die NU.nl ontving waren van de strekking 'waarom het verleden nog oprakelen, het is al zo lang geleden'. Alleen is het voor heel veel mensen niet lang geleden, maar dagelijkse kost. "Toen mijn dochter studeerde, dook ze de archieven in", vertelt Lou. "Daar vond ze belastingaangiftes waarin wij werden weggezet als vee. Dat mijn overgrootmoeder bezit was waar gewoon belasting over geheven werd."
Lezer Lucille Oostburg heeft last van haar door slavenhouders gegeven familienaam. "De slavennaam is de naam die wij hebben gekregen van de plantagehouder. Het komt van de Oostburg-plantage in Suriname en het is dus niet de oorspronkelijke naam die je zou hebben als je niet uit het slavernijverleden komt. Het betekent dat je je eigen familie kwijt bent."
"Die slavennaam draagt een ontzettende negatieve energie met zich mee", zegt Lucille. "De tot slaaf gemaakte mensen die die naam droegen, hebben niet geleefd als normale mensen. Die plantagehouder deed onmenselijke dingen. Ik heb daar zelf eigenlijk niks mee te maken, maar omdat het mijn voorouders is overkomen, is dat wel de lading. Ik heb niet om die naam gevraagd, maar die lading heeft wel effect op hoe je naar jezelf kijkt en naar je familiegeschiedenis."
"De diepe pijn daarvan is niet tastbaar. Wij zijn heel erg aan het zoeken naar wie wij zijn en wat onze roots zijn. De mensen die voor ons kwamen hebben dat niet kunnen doen en daarom ook niet door kunnen geven. Onze wortels zijn kapot gemaakt. En pas als we ons daar allemaal van bewust zijn, kunnen we er wat aan doen."
"Ik sta met een been in de Westerse wereld en een been in de Caribische wereld", zegt Lou, die via moederskant ook Deense wortels heeft. "Vanuit de Caribische wereld kan ik begrijpen hoe mannen in die wereld gevormd zijn door het slavernijverleden. Als tot slaaf gemaakte man werkte je maximaal drie of vier jaar op een plantage, want daarna ging je dood of werd je verkocht. Je kon jezelf niet binden aan vrouwen of aan kinderen."
En dat heeft ontzettend verstrekkende en intergenerationele gevolgen gehad, zegt Lou. "Mannen konden niet aan hun kinderen doorgeven hoe ze zich voelden, ze hadden geen zelfrespect en geen idee van opvoeden. Dat moeten de mannen met een slavernijverleden weer gaan leren: opvoeding en de tools die je meekrijgt van je ouders."
"Het mooie vind ik dat we als gemeenschap nu bezig zijn met bewustwording", vertelt Lucille. "Wat is onze basis, wat zijn onze roots?" Dat proces is geweldig. We zijn op de goede weg om ons te herpakken, maar je kan nooit meer inhalen wat geweest is. "Je kunt het lijmen, je kunt er een strik omheen doen, maar het wordt nooit meer wat het ooit was."
Voor Lou is het elke dag zoeken. "Waar hoor ik nou, wat ben ik nou, waar mag ik nou zijn? Dat is echt een lastige. Toen ik op Aruba was dacht ik: hier hoor ik! Als ik daar ben en zie hoe familieleden met elkaar en met zaken als bijvoorbeeld homoseksualiteit omgaan, dan denk ik: dan pas ik toch beter in het ruimdenkendere Nederland. Door die tweestrijd denk ik dat ik nooit het gevoel van 'belonging' ga krijgen waar ik eigenlijk naar op zoek ben."
Source: Nu.nl algemeen