In de Oekraïense provincie Zaporizhzhia staat de grootste kerncentrale van Europa onder hoogspanning. Het terrein is bezet door het Russische leger, het personeel is uitgeput en elektriciteitskabels zijn beschadigd. Het Internationaal Atoomagentschap spreekt al maanden grote zorgen uit.
Die problemen lijken steeds ernstiger te worden. Na het opblazen van de Kachovka-dam is een volledig stuwmeer leeggelopen. Daarmee verdween de voornaamste bron van koelwater voor de centrale.
En terwijl het front in de strijd tussen het Oekraïense en Russische leger dichterbij kruipt, klinkt de waarschuwing dat Russische troepen explosieven hebben geplaatst op de kerncentrale en een aanslag voorbereiden.
De vraag is vervolgens wat het militaire wapen is: dodelijke straling - of de angst daarvoor.
Met die angst grijpt de wereld terug op één gedeelde herinnering: 26 april 1986, de ramp met de kerncentrale van Tsjernobyl - in het noorden van Oekraïne, tegen de grens met Belarus.
Naar schatting van de Wereldgezondheidheidsorganisatie kwamen door blootstelling aan straling mogelijk duizenden mensen om het leven, vaak vele jaren na de ramp.
In Tsjernobyl ging het mis met een van de vier reactoren. Daarvan staan er in Zaporizhzhia maar liefst zes. Zo is een worstcasescenario al snel geschetst: een kernramp met een 'fall-out' die een groot deel van Oekraïne en aangrenzende landen zou kunnen besmetten.
Maar de vergelijking met Tsjernobyl is onterecht, zegt stralingsexpert Lars Roobol tegen NU.nl. Of beter gezegd: die gaat niet langer op sinds september, toen ook de laatste van de zes reactoren is stilgezet. De andere staan al meer dan een jaar uit.
"Zodra je de reactor uitzet, wordt er geen nieuwe radioactiviteit meer aangemaakt." Achtergebleven radioactieve brokstukken vervallen vervolgens. Dat levert uiteindelijk onschadelijke atomen op. Afhankelijk van de soort radioactieve stof duurt dat verval seconden tot honderdduizenden jaren.
Wat maken maanden of een jaar dan uit? Veel, zegt hoogleraar reactorfysica Jan Leen Kloosterman. Een goede maat voor de radioactiviteit is de hoeveelheid warmte die ontstaat in de reactor. "Die warmteontwikkeling is 24 uur na het uitzetten nog maar 10 procent", zegt Kloosterman.
Ook daarna zet het verval door, zegt Roobol - zij het wat langzamer. Na een jaar is in de reactor grofweg nog een procent van de energie over.
Die afnemende warmte heeft twee belangrijke gevolgen, zegt adviseur nucleaire veiligheid Mark van Bourgondiën van de Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming (ANVS). Er is minder water nodig om te koelen. En als het toch mis gaat, zijn de gevolgen aanzienlijk kleiner.
Als de koeling van de reactoren volledig wegvalt, kan het wel nog tot een kernsmelting komen, zegt Van Bourgondiën. Daarbij kan radioactief materiaal in de omgeving verspreiden, maar geen dodelijke niveaus over een groot gebied.
"In de directe omgeving van de centrale zijn nog hoge stralingsniveaus en radioactieve besmettingen mogelijk. Je hebt het dan over een gebied van enkele kilometers, mogelijk tien tot twintig. Daar moeten wel directe beschermingsmaatregelen genomen worden, zoals ramen en deuren 48 uur gesloten houden."
Afhankelijk van de windrichting kunnen radioactieve stoffen nog in een strook tot enkele honderden kilometers verder neerslaan. Dat zal volgens Van Bourgondiën niet zozeer leiden tot gevaarlijk hoge stralingsniveaus voor de bevolking, maar kan het wel nodig maken om kassen te sluiten en het vee tijdelijk op stal te houden.
Na Tsjernobyl bereikten zulke concentraties radioactieve vervuiling ook Nederland, maar dat sluiten de experts in het geval van de centrale bij Zaporizhzhia inmiddels uit.
Mocht het toch misgaan, dan zullen ook mensen in de directe omgeving van de centrale geen baat hebben bij jodiumpillen, zegt Roobol.
Radioactief jodium kan ophopen in de schildklier en kanker veroorzaken. Door tijdens een ramp niet-radioactief jodium te slikken, wordt de radioactieve variant veel minder opgenomen.
"Een gevaarlijke vorm van jodium die bij een kernramp kan vrijkomen is jodium-131", zegt Roobol. "Maar dat heeft een halveringstijd van 8 dagen. Dus drie maanden na het uitzetten van de centrale was daar minder dan een duizendste van over."
Hoe zit het dan met de gevolgen van mogelijke sabotage van de kerncentrale voor de oorlog in Oekraïne?
Het front is uitgestrekt. Tweehonderd kilometer ten westen van de kerncentrale zijn Oekraïense militairen de rivier de Dnipro overgestoken. En driehonderd kilometer naar het noordoosten herovert Oekraïne terrein rond Bakhmut.
Soldaten vechten daar onder levensgevaarlijke omstandigheden. Maar een meltdown in de kerncentrale zal de risico's niet voor ze vergroten - en het krijgsverloop dus ook niet beïnvloeden.
Dit verhaal gaat ook over politiek. Sabotage van een kerncentrale is radioactiviteit inzetten als oorlogswapen. En dat wordt van Washington tot Peking gezien als 's werelds belangrijkste red line.
Als de Russische president Vladimir Poetin toch besluit die grens te overschrijden, kan hij sterke tegenreacties verwachten. De 'voordelen' voor het Kremlin wegen dan al gauw niet op tegen de nadelen.
Het Amerikaanse Institute for the Study of War (ISW) schat dan ook in dat de kerncentrale niet daadwerkelijk opgeblazen zal worden. In plaats daarvan zou Rusland volgens ISW juist langdurig willen dreigen met een incident. Niet straling, maar angst als wapen dus.
Log in of registreer gratis op NU.nl en krijg toegang tot extra artikelen
Source: Nu.nl algemeen