"Wat nu het grootste probleem is? De raketten, het lege stuwmeer of dat er mogelijk iets gebeurt met de kerncentrale van Zaporizhzhia?"
Viktoriya Kryvenko denkt kort na en zegt dan: "Ik ben erg bang dat er wat met die kerncentrale gebeurt. Tegen raketten kun je schuilen en water kun je sparen. Maar bij een nucleaire ramp kunnen we nergens schuilen. Ze vernietigen ons als kakkerlakken. Alsof we niet menselijk zijn, maar insecten."
Kryvenko is burgemeester van een klein plaatsje vlak bij het enorme stuwmeer dat achter de Kachovkadam lag. Die dam werd onlangs opgeblazen.
Het meer is ruim 200 kilometer lang en 23 kilometer op het breedste punt. Een soort binnenzee. Nu is de aanblik apocalyptisch als je aan de rand staat: links en rechts en in de verte zie je een woestijn in wording, waar de wind stofwolken in draait. Wel liggen er nog wat plassen: water van de regenval van de afgelopen tijd.
Waar gebieden ten zuiden van de dam onder water kwamen te staan toen de dam doorbrak, is er juist een enorm watertekort in de gebieden aan de rand van het stuwmeer.
Ook de kerncentrale van Zaporizhzhia, de grootste van Europa, was altijd afhankelijk van het stuwmeer voor koelwater. Nu gebruikt de door Rusland bezette centrale een noodreservoir. Een geluk: de reactoren zijn in het afgelopen jaar uitgezet en hebben dus minder water nodig.
De Oekraïense overheid waarschuwt intussen dat Russen de centrale zullen opblazen. Uiterlijk 5 juli wordt al het Russische personeel er weggehaald. De Russen zeggen dat juist Oekraïne iets gaat doen en hun de schuld zal geven.
Deskundigen denken dat deze stilgezette centrale nooit zo'n grote ramp zal veroorzaken als in 1986 bij Tsjernobyl. Burgemeester Kryvenko is er niet gerust op. Ze heeft een evacuatieplan klaarliggen, mocht er een ramp plaatsvinden.
"We moeten eerst kijken hoe dan de wind staat. Als die onze kant op komt, moeten mensen eerst vier dagen binnen blijven en geen water uit de kraan gebruiken, maar uit flessen", zegt ze. "Ook moeten ramen gesloten blijven en moeten we jodiumpillen slikken. Als na vier dagen de nucleaire stof naar beneden is gedwarreld, starten we de evacuatie naar een veilige plek. We hebben een deal met lokale chauffeurs om bussen in te zetten." Overigens laat een zoektocht bij een paar lokale apotheken zien dat jodiumpillen daar niet te krijgen zijn.
Zou het toch niet kunnen dat het allemaal meevalt? "Ik heb geen hoop, ik denk dat het wel degelijk zal gebeuren. Na de explosie bij de dam denk ik dat alles kan gebeuren", zucht de burgemeester.
Ook in Zaporizhzhia, hoofdstad van de gelijknamige provincie, worden voorbereidingen getroffen. Op een parkeerterrein bij een winkelcentrum wordt een grote rampenoefening gehouden. Bussen met 'besmette' burgers arriveren. Er staat een heel parcours voor hen klaar. Auto's en bussen worden schoongespoten in een soort carwash, waarna de menselijke wasstraat volgt. Er is een buitendouche en met een soort lopende bandsysteem worden patiënten één voor één gecheckt en doorgeschoven naar de volgende hulpverlener.
"Het duurt ongeveer één a twee minuten per persoon", zegt Vladim die hier coördineert. "We kunnen zo'n zestig tot tachtig mensen per uur behandelen." Is dat niet een beetje weinig? "Als er echt wat gebeurt, komen er meer van dit soort punten", zegt Vladim. Hij gelooft zelf niet dat de Russen de kerncentrale zullen opblazen. Op de vraag of de Oekraïense overheid het gevaar misschien overdrijft in de oorlogsretoriek over de vijand, wil hij geen antwoord geven.
Pavel, een inwoner van de wijk naast het oefenterrein, staat sceptisch naar de rampenoefening te kijken. "Als er echt iets gebeurt, wordt het een puinhoop. Er wonen nog honderdduizenden mensen in Zaporizhzhia, hoe kunnen ze die ooit allemaal schoonspuiten?"
Hij denkt niet dat iedereen zich aan het 'vier dagen opsluit'-advies gaat houden. "Dat wordt paniek en een enorme file dit gebied uit." Ook hij gaat er dan zo snel mogelijk vandoor. En die file dan? "Ik ken wel sluipwegen."
Kernramp of niet, het lege stuwmeer is de realiteit van nu en een ramp voor de omgeving, zegt burgemeester Kryvenko. "Zeker de hoger gelegen huizen hebben geen waterdruk meer. We proberen water om te leiden vanuit Zaporizhzhia. Twee dorpen hebben helemaal geen water. En we wachten nog op internationale organisaties die ons gaan helpen."
Natalya Pronina, die pal naast het opgedroogde meer woont, merkt elke dag de gevolgen. Ze zit in de tuin, bijna onbewogen, op de achterbank van een Lada Niva die dient als tuinset. "Het is een ecologische ramp. We zitten zonder water. We waren afhankelijk van het meer. We gebruikten dat water voor alles: voedsel, wassen en de moestuin." Nu wordt er water van elders gebracht. Ze moeten het kopen, waarna de waterput wordt gevuld. "Dat kost veel geld. Ik weet niet hoelang we dat volhouden."
Ze is getroffen door een soort stille radeloosheid. "Ik weet niet wat te doen, we zijn in shock." In een omgeving vol ellende heeft ze ook nog een persoonlijke ramp achter de rug. "Op dezelfde dag dat de dam werd verwoest, werd ik geopereerd aan een hersentumor." Ze laat het litteken op haar achterhoofd zien. "Toen ik daarna hoorde wat er was gebeurd met ons stuwmeer, kon ik het niet geloven."
Die tumor is overigens op tijd ontdekt, juist door de oorlog. "Voor m'n operatie hielp ik als vrijwilliger het leger, toen er dichtbij een bom viel. Kort daarna kreeg ik last van flauwtes. Ik dacht dat die daarmee te maken hadden. Maar toen ontdekten ze de kanker in mijn hoofd. Net op tijd."
Toch een soort geluk bij een ongeluk. Natalya en honderdduizenden anderen in Zaporizhzhia en omgeving wachten nu welke van die twee woorden de komende tijd het leven zullen bepalen.
Log in of registreer gratis op NU.nl en krijg toegang tot extra artikelen
Source: Nu.nl algemeen