Home

Het teamgevoel dat bondscoach Kerstholt wist op te wekken, was aanjager van ongekend shorttracksucces

Na de WK in Montréal hebben de Nederlandse shorttrackers vrij. Hun seizoen, dat al in september van start ging, is voorbij. Doorzettingsvermogen en teamgevoel vormden de rode draad in de succesvolste olympische winter uit de Nederlandse shorttrackhistorie.

is sportverslaggever van de Volkskrant en schrijft vooral over schaatsen, atletiek en roeien.

Met pioniers als Sjinkie Knegt en Jorien ter Mors, en dankzij prijzenpakker Suzanne Schulting, ontwikkelde Nederland zich onder leiding van voormalig bondscoach Jeroen Otter tot een echt shorttrackland. Maar het uitroepteken achter anderhalf decennium aan progressie werd het afgelopen seizoen gezet in Milaan. Vijf van de negen olympische titels gingen naar Nederland. En voorop in de strijd gingen Xandra Velzeboer en Jens van ’t Wout.

De status van beide rijders was voor de Winterspelen heel verschillend. Velzeboer is al winters lang de rapste vrouw op vaste ijzers. Ze reed in 2022, 2023 en 2025 naar de wereldtitel op de 500 meter en deed dat afgelopen zondag in Montréal voor de vierde keer. Van haar werd een olympische titel min of meer verwacht. Voor Van ’t Wout lag dat anders. Dat hij over veel talent beschikt, dat was al lang duidelijk, maar een mondiale titel haalde hij nog nooit. Toch bleef bondscoach Niels Kerstholt volharden in zijn observatie dat de torenhoge Canadese favoriet William Dandjinou slechts één man vreesde: Jens van ’t Wout.

Zowel Velzeboer als Van ’t Wout overtroffen de verwachtingen in Milaan ruimschoots. Velzeboer was niet alleen de sterkste op de 500 meter, maar reed ook op de 1.000 meter naar de zege. Bij Van ’t Wout leek überhaupt niets te kunnen mislukken. Hij won de 1.000 en 1.500 meter en vierde uitgelaten de bronzen plak op de 500 meter omdat hij op die afstand samen met zijn oudere broer – en zilverenmedaillewinnaar – Melle het podium op mocht. Na de zege op de aflossing werden de broers opnieuw gehuldigd, nu met goud en ditmaal vergezeld van ploeggenoten Teun Boer, Itzhak de Laat en Friso Emons.

In de World Tour, de mondiale wedstrijdreeks in de eerste helft van de winter, boekten de Nederlanders juist betrekkelijk weinig succes. Velzeboer was met drie zeges het trefzekerst, maar afgezet tegen de score van de Canadezen (vijftien zeges in totaal) stak de Nederlandse oogst van acht World Tour-overwinningen bleekjes af. Van ’t Wout was ziek aan het seizoen begonnen, was er daarna volgens bondscoach Kerstholt te driest ingevlogen en boekte uiteindelijk slechts één zege.

Langdurig blessureleed

Ook andere leden van de ploeg hadden hun twijfels. Melle van ’t Wout en Selma Poutsma waren na langdurig blessureleed op de weg terug, maar wisten niet zeker of ze hun oude niveau weer zouden vinden. Van ’t Wout bewees zijn veerkracht met zilver in Milaan, Poutsma met zilver op de 500 meter bij de WK van afgelopen zondag, haar beste individuele prestatie.

In de maanden aan het eind van 2025 bleef Kerstholt zijn rijders voorspiegelen dat dit inleidende beschietingen waren. Dat alleen die twee weken in februari ertoe deden. De enige die het bewijs daarvan niet zou meemaken was Daan Kos, die goed reed in de World Tour, maar door een aanhoudende rugblessure de Spelen niet zou halen. Itzhak de Laat ging in zijn plaats en zette met het aflossingsgoud de kroon op zijn carrière.

Kerstholt had het afgelopen jaar zijn grip op de groep vergroot. Niet in directieve zin, maar juist andersom. Hij had ingezien dat sport om meer gaat dan de juiste trainingsschema’s, ingewikkelde strategieën en slimme lijnen door de bocht. Een klein jaar geleden deed hij wat hij, naar eigen zeggen, direct had moeten doen toen hij na de Winterspelen van 2022 Jeroen Otter opvolgde. Hij ging met de nationale selectie op een teambuildingskamp in Oostenrijk.

In de eerste jaren van zijn bondscoachschap gistte het soms in Kerstholts selectie. Boegbeelden als Sjinkie Knegt en Suzanne Schulting uitten hun onvrede over Kerstholt en zijn aanpak. En hoewel lang niet alle shorttrackers hun kritiek deelden, zorgde het voor onrust in de hele ploeg. Met leden van de Luchtmobiele Brigade als begeleiders werkten de shorttrackers afgelopen lente aan de teamcultuur. Het bleek een kantelpunt. ‘Sinds dat kamp kan iedereen zichzelf zijn’, zei Xandra Velzeboer tijdens de Spelen, waar elke overwinning gezamenlijk werd gevierd, mannen en vrouwen, staf en rijders.

Grote test voor groepsgevoel

Een grote test voor het groepsgevoel was de selectie van Suzanne Schulting voor het shorttracktoernooi in Milaan. De olympisch 1.000 meterkampioen van 2018 en 2022 had na de vorige winter besloten haar loopbaan voort te zetten bij de langebaanploeg van Jac Orie en maakte geen deel meer uit van de shorttrackselectie. Maar nadat ze zich voor de 1.000 meter op de langebaan had geplaatst, verlegde ze haar aandacht voor even weer naar de rondjes van 111,11 meter. Schulting won op de NK in januari de nationale titel op de 1.500 meter en werd door de selectiecommissie van de schaatsbond, waarin Kerstholt geen zitting heeft, aangewezen voor die afstand op de Spelen.

Diede van Oorschot, vaste waarde in de vrouwenrelayploeg, bleef thuis. Ze slikte haar teleurstelling in, reed in januari keurig de EK in eigen land en ging daarna met de ploeg mee op het laatste trainingskamp voor de Winterspelen om de aankomende olympiërs tot op het laatst bij te staan. Hetzelfde gold voor de mannen die niet bij de olympische vijf hoorden, ook zij bleven tot vlak voor de Spelen beschikbaar als sparringpartners.

Er zijn altijd individuen nodig die erbovenuit steken om een sport verder te brengen, wegbereiders zoals Knegt, Ter Mors en Schulting dat waren. En zoals Xandra Velzeboer en Jens van ’t Wout dat nu zijn. Zij trekken de rest van de groep mee in de weg omhoog, maar het teamgevoel dat Kerstholt heeft weten op te wekken was een vliegwiel voor dat effect.

Dosis geluk

Daarbij kwam nog een goed getimede dosis geluk. Kerstholt was in Milaan de eerste om toe te geven dat resultaten op de krappe ijsbaan altijd met een bijsluiter komen. Niemand heeft volledige grip op wat er gebeurt op de ijsvloer. Valpartijen, diskwalificaties en ander ongemak spelen altijd een rol. En dus gold hetzelfde als bij de tegenvallende WK’s van de voorgaande jaren. Beide waren geen reële afspiegeling van het niveau van de Nederlandse shorttrackers.

In elk geval mag niet verwacht worden dat de ploeg rond Velzeboer en Van ’t Wout elk jaar zo zal toeslaan, daarvoor is de sport te onvoorspelbaar. De WK van afgelopen weekend was daarvan ook een bewijs, met ‘slechts’ twee zeges voor Nederland. Evengoed kunnen de Nederlandse shorttrackers duurzaam kracht putten uit de wetenschap dat ze het kunnen, domineren als de druk er echt op staat.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next