Terwijl de boekenverkoop daalt, stijgt de omzet van streamingplatforms: ‘De Nederlandse boekenmarkt zwemt al decennia in een gezellig vijvertje. Daar doemen nu haaien op.’
Elk jaar in januari maakt de CPNB, het marketingbureau voor het boekenvak, tijdens een feestelijke nieuwjaarsreceptie ‘de cijfers’ bekend. Hoeveel boeken werden er aangeschaft, wat verkocht het best? Afgelopen januari had directeur Eveline Aendekerk voor het eerst in jaren slecht nieuws: in 2025 waren 44 miljoen boeken verkocht, twee miljoen minder dan in 2024. Gelukkig was er ook een lichtpuntje, zei Aendekerk: de omzet van abonnementsdiensten voor boeken zoals Kobo Plus en Storytel was gestegen met 36 procent en bedroeg in 2025 naar schatting 50 miljoen euro, op een totale omzet van 750 miljoen.
Dat kwam deels doordat abonnementen duurder waren geworden, maar het jaar ervoor was de omzet van de abonnementsdiensten óók al gestegen (met 21 procent). In een column in het voormalige boekenkatern van de Volkskrant werd begin 2025 het woord ‘verspotifysering’ gemunt, waartegen schrijvers in bescherming zouden moeten worden genomen. Nu blijkt de stijging inderdaad geen incident, maar een zorgwekkende trend. Want als steeds meer mensen het kopen van boeken verruilen voor het streamen ervan, valt de bodem weg onder het verdienmodel van de boekenbranche. Zou ‘doemscenario’ geen toepasselijker woord zijn geweest dan ‘lichtpuntje’?
Kort na de nieuwjaarsreceptie trok schrijver Lieke Marsman aan de bel, nadat ze van streamingplatform Fluister een award had gekregen voor haar bestseller Op een andere planeet kunnen ze me redden. Toen ze in de cijfers dook, bleek dat er 525.157,73 minuten naar haar boek was geluisterd, wat neerkomt op 2.454 volledige audioboeken. Daar had ze 207 euro voor gekregen; 8,5 cent per geluisterd boek.
Marsman riep collega-schrijvers en uitgevers op ‘deze waanzin zo snel mogelijk te laten stoppen’ en ‘met een doordachter alternatief te komen waarbij het geld naar de makers gaat in plaats van mediaconglomeraten.’ Haar oproep had effect. Schrijvers wendden zich verontrust tot hun uitgeverijen, die nu naarstig informatiebijeenkomsten organiseren. De Auteursbond en rechtenbeheerder Stichting Lira zijn een onderzoek begonnen.
Hoe werkt streaming bij boeken en waar gaat het geld naartoe dat ermee wordt verdiend? Daarover gaat dit vierde deel van een reeks stukken over de prijs van het boek, in vier vragen. Te beginnen met:
Bij abonnementsdiensten, ook streamingplatforms genoemd, krijgen gebruikers tegen een vast bedrag per maand online toegang tot bijvoorbeeld films en series (Netflix, Disney Plus, Amazon Prime) of muziek (Spotify, Apple Music). Sinds 2014 kun je ook boeken streamen. In dat jaar richtte ondernemer Boudewijn Jansen de e-boekdienst Elly’s Choice BV op, waarbij abonnees uit een beperkte hoeveelheid e-boeken elke maand tien titels mochten kiezen.
Jansen zag op dat moment niet veel in een echte ‘Spotify voor boeken’, zei hij in een interview met Boekblad: zo’n model was weliswaar fijn voor de aanbieder en de gebruiker, maar of uitgevers en schrijvers er iets mee opschoten betwijfelde hij. Elly’s Choice heet inmiddels Bookchoice en biedt maandelijks acht door VBK Uitgevers geselecteerde titels aan voor 3,99 euro per maand.
In 2017 betrad een tweede abonnementsdienst de Nederlandse markt: Kobo Plus, een joint venture van de online boekhandel bol.com en het Canadees-Japanse e-boekenbedrijf Kobo Rakuten. Dit bedrijf was wél een echte ‘Spotify voor boeken’. Voor een tientje per maand bood het abonnees toegang tot tienduizenden digitale boeken, oftewel a- en e-boeken. A-boeken (de a staat voor audio) zijn ingesproken boeken die je beluistert via een smartphone of tablet; e-boeken (de e staat voor elektronisch) zijn digitale boeken die je leest via een smartphone, tablet of een e-reader.
Die digitale boeken kun je kopen, net zoals papieren boeken, maar je kunt ze ook ‘streamen’; en dat laatste is dus wat er gebeurt bij streamingplatforms als Kobo Plus. Zodra een abonnee zijn abonnement opzegt, is hij zijn bij elkaar gestreamde bibliotheek kwijt.
In 2020, toen Kobo Plus 100 duizend abonnees had, noemde toenmalig bol.com-directeur Huub Vermeulen digitaal lezen in de Volkskrant ‘de grootste uitvinding sinds de boekdrukkunst’: ‘Mensen zijn bereid te betalen voor gemak.’ Hoeveel abonnees Kobo Plus nu heeft, wil vicepresident Erik Rigters niet zeggen. ‘We zijn een commercieel bedrijf en kunnen geen specifieke cijfers delen, maar ik kan jullie verzekeren dat het aantal abonnees gestaag blijft groeien. We zijn erg blij met de enthousiaste ontvangst van Kobo Plus sinds de lancering.’
Nederland was het eerste land waar Kobo Plus zijn digitale leesabonnementen op de markt bracht, inmiddels doet het bedrijf zaken in 28 landen. In Nederland kreeg Kobo Plus na 2017 concurrentie van een ruime handvol andere abonnementsdiensten, zoals de Zweedse bedrijven Storytel, Nextory, Spotify en Bookbeat, het Deense Podimo en het Nederlandse Fluister. Fluister werd in 2022 opgericht vanuit de boekenbranche en was aanvankelijk in handen van de uitgeversconcerns Singel, WPG en VBK, van boekhandelsketen Libris en van de mediabedrijven DPG en Veronica. Inmiddels is het helemaal van DPG, dat de lezers van zijn kranten (AD, Volkskrant) en bladen (Libelle, Margriet) gratis toegang tot de app biedt.
Van al die boekenabonnementsdiensten in Nederland is pionier Kobo Plus de grootste, op de voet gevolgd door Storytel. Kobo Plus, Storytel, Nextory en Fluister bieden zowel a- als e-boeken aan. Bij Spotify en Bookbeat kun je wel naar boeken luisteren maar ze niet lezen, al ontwikkelt Spotify daar wel plannen voor. Inmiddels staat er alweer een nieuwe abonnementsaanbieder aan het Nederlandse hekje te rammelen, te weten Audible, gelieerd aan het machtige Amazon.
Het gros van de benaderde uitgevers wilde voor dit stuk niet met de krant praten. Streamingplatforms noemen met het oog op de concurrentie geen cijfers. Philippe Robbers en Jochum Winkelman van CB (voorheen Centraal Boekhuis) in Culemborg zien dat er in 2025 in elk geval 30 miljoen euro naar streaming is gegaan, maar niet alles loopt via CB. De CPNB schat het totaalbedrag op 50 miljoen.
CB verzorgt de distributie van de meeste boeken in Nederland, zowel op papier als in e-boek- en audiovorm. Ook het merendeel van de opslag (in de cloud), distributie en facturatie van gestreamde digitale boeken door abonnementsdiensten loopt via CB. In afname en omzet is het aandeel van e-boeken in streaming veel groter dan dat van audioboeken, zegt Robbers. ‘Maar audio groeit sneller.’
Winkelman en Robbers constateren dat de abonnementsdiensten de losse verkoop van digitale boeken inmiddels ruim hebben verslagen: 62 procent van de totale omzet van digitale boeken gaat nu via streaming. Luisterboeken werden sowieso al nauwelijks los gekocht, maar ook e-boeken worden inmiddels meer gestreamd dan gekocht. Winkelman: ‘In 2022 was het aandeel van de streaming in de e- en audioboekenverkoop nog 48 procent, dus het gaat heel hard met die verschuiving.’
Hoe groot het kannibaliserende effect van streaming is, weet CB niet. Dát zo’n effect er is, ligt voor de hand; wie een boek streamt via een van de abonnementsdiensten, zal het niet meer gaan kopen. Volgens Esther Bremer van de Stichting Marktonderzoek Boekenvak, dat het lees-, koop- en leengedrag van Nederlanders onderzoekt, lijkt het er inderdaad op dat de dalende verkoop van e-boeken wordt veroorzaakt door de opkomst van de streamingabonnementen. Of de streamingdiensten ook de boekwinkel dwarszitten, daar durft niemand uitspraken over te doen. Feit is dat niet alleen de afzet van e-boeken daalt, maar ook die van papieren boeken.
Bij de verkoop van boeken is het verdienmodel niet per se fair, maar wel helder. Aan een papieren boek van 24,99 euro hield de schrijver volgens onze eerdere inventarisatie 2,35 euro over. E-boeken zijn goedkoper dan papier, maar het percentage dat naar de auteur gaat is hoger. Als de 2.454 exemplaren waar Marsman haar Fluister-award voor kreeg als papieren of e-boek waren verkocht, was op haar rekening geen 207 euro maar ongeveer zesduizend euro bijgeschreven.
Bij streaming is het verdienmodel minder helder. Grofweg 30 tot 40 procent van de omzet blijft bij de streamingplatforms. Van het bedrag dat overblijft, de ‘netto-opbrengst’, gaat vier procent naar CB en de rest naar de uitgevers, die daar hun schrijvers van betalen. Doorgaans krijgt de schrijver bij het online ter beschikking stellen van het werk in e- of audioboekvorm in streaming of verhuur een royalty van 25 procent van de netto-opbrengst.
Het onheldere zit hem in de berekening, door de streamingplatforms, van die ‘netto-opbrengst’. Zelfs literair manager Michaël Roumen, die al jaren de zaken behartigt van succesvolle schrijvers als Ilja Leonard Pfeijffer en Lize Spit, begrijpt niet precies hoe die tot stand komt. Op zijn laptop laat hij een screenshot zien van een royalty-afrekening van een van zijn auteurs. Onder de kopjes ‘e-book streaming’ en ‘luisterboeken streaming’ worden er geen aantallen genoemd zoals bij fysieke boeken. Overal staat ‘1’, met daarachter bedragen variërend van enkele euro’s tot het honderdvoudige.
Wat staat daar precies? Roumen: ‘Vertel het me! Ik weet niet waar al die bedragen precies vandaan komen, en als ik het niet weet, dan weten veel schrijvers het ook niet. De uitgevers proberen al die platforms samen in één overzicht te gieten, dat snap ik. Maar schimmig is het wel. Of die betalingen fair zijn, weet ik ook niet; bij Lieke Marsman was dat duidelijk niet het geval. Maar je kunt het niet verifiëren, domweg omdat je niet weet wat er staat en welk bedrag van welk platform komt.’
Martijn David, algemeen secretaris van de Groep Algemene Uitgevers (GAU), wijst op het Modelcontract, waarin staat dat de platforms de netto-opbrengst die ze aan de uitgevers overmaken berekenen door het totaal van alle ontvangen abonnementsgelden (exclusief btw) te delen door het totale gebruik. Dat wil zeggen: de som van de gelezen/geluisterde tijd in vaste tijdseenheden van een minuut, of een aantal minuten. ‘De uitkomst is een bedrag per tijdseenheid. Het daadwerkelijke aantal tijdseenheden dat een boek is gelezen of beluisterd, wordt door de abonnementsdienst bijgehouden en vermenigvuldigd met dit bedrag. Dat vormt de basis voor de afrekening.’
Dit klinkt behoorlijk ingewikkeld en dat is het ook, zegt Rianne Blaakmeer, commercieel directeur van Pluim, de uitgeverij van Lieke Marsman. ‘De rekenformule van de abonnementsdiensten is gebaseerd op het revenue share model. Ze tellen alle geluisterde en/of gelezen minuten bij elkaar op en laten daar die formule op los, waarna uiteindelijk per boek een bedrag per minuut wordt vastgesteld. Maar dat bedrag kan elke maand anders zijn, en is ook per platform verschillend. Als uitgever weet je niet hoeveel gebruikers elk platform in totaal heeft, en ook niet hoeveel minuten er in totaal wordt gelezen. Je ziet alleen het deel dat over je eigen auteurs gaat. Ik weet niet wat de totale aantallen zijn.’
Dus of een platform wel de juiste cijfers verstrekt, is niet te controleren? Blaakmeer: ‘Dat klopt.’
Maar laten we uitgaan van het goede in de mens, en stellen dat die cijfers kloppen. Dan blijft hét grote verschil met andere boekopbrengsten dat een schrijver in plaats van een bedrag per boek, hoe laag dan ook, bij streaming een deel van een taart krijgt. Hoe groot die taart is en hoeveel medeschrijvers er een puntje van lusten, kan per maand verschillen; en dus ook enorm tegenvallen.
Op de royalty-overzichten die een auteur van zijn uitgeverij krijgt, staat niet welk deel van zijn boeken via bijvoorbeeld Spotify is gestreamd en welk deel via Kobo Plus, Storytel of een ander platform. ‘Wij voegen het allemaal samen’, zegt Blaakmeer. ‘Dat doen we bij verkochte boeken ook, dan vermelden we ook niet wat via Donner is verkocht en wat via Broese. Maar als een auteur dat wil weten, zoek ik het voor hem op.’
Martijn David heeft niet de indruk dat er iets mis is met de verdeling zoals die nu is. ‘Sommige mensen denken dat het verspreiden van boeken via streaming automatisch gaat. Dat is natuurlijk kul, het is een vrij kostbare aangelegenheid. Als we die platforms niet zouden hebben, zouden nog meer digitale boeken via het illegale circuit worden verspreid dan nu al het geval is. Daar wordt niemand beter van.’
Het verdienmodel in de boekenbranche is gebaseerd op de ouderwetse verkoop van vooral papieren boeken. De afspraken over streaming zijn gemaakt toen digitaal lezen nog heel klein was. Maar nu wordt streaming dus groot. Moet de GAU niet in actie komen? Wat als over een tijdje het gros van de mensen zijn boeken streamt in plaats van koopt?
Martijn David: ‘Vijftien jaar geleden, met de komst van het e-boek, werd al gezegd: jongens, over een paar jaar leest iedereen digitaal. Het papier zal worden opgeheven, de drukkerijen kunnen sluiten. Dat is gewoon niet gebeurd, je ziet dat dingen naast elkaar zijn gaan bestaan. Dat streamen is echt iets van jongeren. Blijven ze dat doen? Je ziet dat ze ook papier lezen. Hoe dat over 25 jaar is: geen idee.’
Nieuwe collectieve afspraken zijn volgens David niet alleen onnodig, maar ook onmogelijk. ‘Dat kan alleen al niet vanwege de mededingingswet. Maar ik denk dat individuele uitgevers prima kunnen onderhandelen hoor. Uitgevers willen altijd het maximale eruit halen en zullen dat dus proberen; en hoe beter de deal die ze sluiten, hoe meer ook de maker profiteert.’
En streaming is niet voor alle auteurs ongunstig, denkt David: ‘Er zijn ook auteurs voor wie het juist goed uitpakt dat hun boek op meerdere manieren wordt geëxploiteerd. Ja, je ziet inderdaad dat maar een heel klein groepje schrijvers van zijn boeken kan leven. Maar dat was vroeger echt niet anders.’
Literair agent Michaël Roumen vindt de relativerende houding van GAU-voorzitter Martijn David ‘schokkend naïef’. ‘Ik las een quote van hem waarin hij stelde dat mensen die een boek beluisteren niet dezelfde mensen zijn als degenen die een boek in de winkel kopen. Ik wil best aannemen dat dat nu verschillende groepen lezers zijn. Maar hoe zit dat over tien jaar? Zijn wij niet een paar van de machtigste techbedrijven in de entertainment-industrie aan het helpen om het gedrag van onze consumenten te veranderen, en daardoor ook ons eigen royaltymodel onder druk te zetten?’
‘De Nederlandse boekenmarkt zwemt al decennia in een klein, gezellig vijvertje. Daar doemen nu haaien op. We weten allemaal wat Spotify met de muziekindustrie heeft gedaan: die heeft het royalty-model van de muziekindustrie naar de ratsmodee geholpen. Gaan we echt met zo’n partij in zee? De wereld verandert, de technologie ook, maar daar moeten we niet naïef in stappen, daar moeten we een collectief gesprek over voeren.’
Overigens bestaat er een prima alternatief voor commerciële streamingplatforms: de online bibliotheek. Michaël Roumen: ‘Dat is een organisatie die onze culturele missie als literatuursector onderschrijft.’ De bibliotheek werkt niet met oncontroleerbare formules op basis van geluisterde of gelezen minuten, maar betaalt auteurs een vast bedrag per uitgeleend e- of audioboek. Voor de consument is de bibliotheek bovendien een stuk goedkoper dan de meeste streamingplatforms. Kobo Plus kost 14,99 euro per maand, Storytel 13,99 euro; voor een online abonnement bij de bieb ben je 45 euro per jaar kwijt (en voor gemiddeld een euro per maand meer leen je ook papieren boeken).
Nieuwe boeken zijn niet meteen online te leen maar wel snel, zegt Martijn David: ‘De GAU spant zich ervoor in dat haar leden uiterlijk binnen zes tot twaalf maanden na het op de markt brengen van een e-boek zorgen dat de KB de daarvoor benodigde licentie heeft. Daardoor hebben we een erg mooi aanbod van e-boeken in de bibliotheek, waarmee we in Europa op kop lopen.’
Uitgeverij Pluim heeft inmiddels besloten uit Fluister te stappen. Blaakmeer: ‘Over de andere streamingdiensten denken we na.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant