Home

‘Best grappig: doordat ik de havo niet heb gehaald, heb ik nu een baan waar ik gelukkig van word’

Meubelmaker Lode Liesting had lang geen idee wat hij met zijn leven wilde. Beetje skaten, beetje blowen – maar dat ligt achter hem. ‘Eigenlijk is het bizar hoe genormaliseerd drugs zijn in onze generatie.’

is televisierecensent voor de Volkskrant.

Hoe ben je opgegroeid?

‘In een fijn, chill gezin in Leiden. Mijn vader en moeder zijn relaxte mensen, die enorm van elkaar houden. Ze laten me mijn eigen ding doen, maar ik kan altijd bij ze terecht als ik steun nodig heb.’

25 in ’26

In de serie 25 in 26 vragen we jongeren geboren die dit jaar 25 (zijn ge)worden hoe ze zijn geworden wie ze zijn en hoe ze hun toekomst zien. Meedoen? Mail een korte omschrijving (opleiding/woonplaats/bijzonderheden) naar: 25in26@volkskrant.nl

‘Muziek speelde een grote rol in mijn opvoeding. Mijn vader zit in een bandje en als we bij zijn familie waren, kwam er altijd wel een gitaar tevoorschijn en gingen we met z’n allen zingen. Hij vond het belangrijk dat ik ook een instrument leerde spelen. Dat werd de basgitaar, omdat mijn broer al gitaar speelde.

‘Helaas bleek dat niet mijn ding: ik vond het een nogal saai instrument. Drie jaar lang ging ik met tegenzin naar muziekles, tot ik een radicale puber werd en besloot ermee te kappen. Achteraf jammer, maar gelukkig heb ik enkele jaren geleden mijn muzikale passie gevonden. Er staat nu een draaitafel in mijn woonkamer, waarop ik vooral house en UK garage mix.’

Wat vond je wel leuk om te doen als kind?

‘Ik was veel buiten, had altijd vrienden om me heen. Met mijn buurjongen maakte ik vaak filmpjes met mijn mobieltje: daarop renden we met speelgoedpistolen door onze wijk en deden we alsof we James Bond waren.

‘Dat was best een creatieve hobby, dus mijn vader ging daarmee akkoord als alternatief voor een instrument. Toen ik 17 werd kreeg ik van mijn ouders een echte camera. Daarmee maakte ik foto’s op feestjes en van dingen die ik op straat tegenkwam, maar vooral veel skateboardvideo’s. Een groot deel van de tijd bracht ik namelijk door op de skatebaan met mijn matties.’

Hield je nog tijd over voor schoolwerk?

‘Niet echt. Ik vond het belangrijker om lekker te skaten. Ik had geen idee wat ik met mijn leven wilde, sinds ik mijn groep 8-droom om straaljagerpiloot te worden had opgegeven. Daardoor had ik niets om naartoe te werken.

‘Eerst deed ik vmbo-t, dat ging nog met twee vingers in mijn neus. Maar toen ik daarna naar de havo ging, moest ik al na een jaar stoppen. Ik zakte op wiskunde – daar moet je nou eenmaal voor leren, en dat deed ik gewoon niet.’

‘Dat ik op een vrije school zat hielp waarschijnlijk niet mee, hoewel ik het daar enorm naar mijn zin had. Alleen gaven ze me iets te veel vrijheid: ze zaten niet achter mijn reet aan. Maar uiteindelijk is het natuurlijk mijn eigen schuld dat ik ben gezakt.’

Baal je daarvan?

‘Nu niet meer, maar eerst wel. Vooral omdat mijn ouders – hoe vrijzinnig, lief en leuk ze ook zijn – duidelijk hadden gehoopt dat ik verder zou studeren. Dat raakte me wel. Gelukkig heeft mijn broer ze daarop aangesproken. Hij zei: als Lode het niet haalt, dan haalt hij het niet – laat hem zijn eigen gang gaan, dan komt het vast goed. Dat was fijn.’


Is het inderdaad goedgekomen?

‘Zeker. Na de middelbare school ben ik naar het Hout- en Meubileringscollege in Amsterdam gegaan, waar ik me heb gespecialiseerd in meubelmaken. Van alle mbo’s is die school het meest geitenwollensokkenachtig, met hippe docenten en studenten. Daartussen vond ik snel mijn draai.

‘Sinds kort werk ik drie dagen per week bij een van de beste meubelmakers van Leiden. Daarnaast doe ik klussen als zzp’er. Best grappig, eigenlijk: dat ik de havo niet heb gehaald, heeft ervoor gezorgd dat ik nu een baan heb waar ik gelukkig van word. Want anders had ik waarschijnlijk nooit een mbo-opleiding gedaan.’

Wat vind je leuk aan je werk?

‘Ik vind het fijn om met mijn handen te werken. En het is vet dat je iets maakt wat bruikbaar én mooi is. Ik kan mijn creativiteit kwijt in mijn werk: ik heb mijn salontafel bijvoorbeeld zelf ontworpen.

Lode Liesting wordt 25 op 7 april

Woonplaats: Leiden

Hoe volwassen vind je jezelf op een schaal van 1 tot 10? ‘Een 7, want ik zet grote stappen. Maar ik hoop ook dat ik een jonge geest blijf hebben en op mijn 60ste nog draai op feestjes.’

Voel je jezelf onderdeel van een generatie? ‘Ja, doordat ik die tegenkom tijdens het uitgaan.’

Waar ben je over zeven jaar? ‘Dan is mijn leven hopelijk in balans, waardoor ik genoeg tijd kan besteden aan alles wat ik leuk vind.’

‘Maar als je centjes wil verdienen, moet je vooral in opdracht werken. Dan maak je meestal gewoon dat soort keukentjes.’ Hij gebaart naar zijn eigen, vrij onopvallende keuken. ‘Witte kasten op maat, led-lampjes erin. Minder creatief dus, maar nog steeds uitdagend: je moet weten wat je doet. Ik lever hoge kwaliteit: een kast van mij gaat drie keer langer mee dan zo’n kartonnen meubel van Ikea.’

Ben je nog steeds vaak op de skatebaan?

‘Veel minder. Ik ben een paar jaar geleden keihard op mijn plaat gegaan tijdens het skateboarden en kon daarna vier weken niet lopen. Dat was wel een wake-upcall: als ik niet kan lopen, kan ik ook niet werken.

‘Toen leerde ik door vriend kendama kennen. Dat is een traditioneel Japans behendigheidsspel waarbij je een bal aan een touwtje moet opvangen. Dat kan op allerlei manieren die je eindeloos moet oefenen. Daarin lijkt het op skateboarden: je krijgt dezelfde dopaminekick als een truc lukt. Maar de kans is kleiner dat je je been breekt.

‘Inmiddels ben ik een van de beste spelers van Nederland en word ik gesponsord door een Amerikaanse kendama-maker. Laatst was ik een maand in Japan voor een competitie. Die gasten daar zijn zo goed. Een truc die ik één keer kan, doen zij zo vier keer achter elkaar.’

Ben je van plan om in Leiden te blijven wonen?

‘Ja. Ik heb er even over nagedacht om naar Amsterdam te gaan, maar dat vind ik toch te groot. Leiden blijft gewoon mijn stadje, mijn sprookjesdorp.’

Hoe is het om in een stad met zoveel studenten te wonen?

‘Nou, de herenhuizen in mijn straat maken er wel een teringzooi van. Maar ze zorgen er ook voor dat de stad leeft. Op zaterdagavonden sta ik vaak met vrienden muziek te draaien in mijn kamer. Dan staan er bijna altijd studenten met stropdasjes te joelen voor mijn raam. Lachen, toch? Natuurlijk zit er soms eentje tussen waarvan je denkt: hou je kop. Maar dat soort mensen vind je overal.

‘Maar over het algemeen leef ik een beetje langs ze heen. Je hebt een kleine alternatieve scene in Leiden, waarin iedereen elkaar kent. Wij zien elkaar op plekken waar nauwelijks studenten komen. In de Wibar, bijvoorbeeld, een nachtclub waar ik een aantal keer heb gedraaid.’

Ga je nog vaak uit, nu je werkt?

‘Jawel, maar ik ben geen grote drinker. Vroeger wel. Toen gebruikte ik ook andere rommel, ik heb bijna alles wel een keer geprobeerd. Maar dat is niet vol te houden met een baan ernaast. En met een beetje cafeïne kom ik de avond ook door.

‘Eigenlijk is het bizar hoe genormaliseerd drugs zijn in onze generatie. Dat is wel iets slechts, denk ik. Ik ken meerdere mensen die daardoor flink met zichzelf in botsing zijn gekomen. Dat heeft mij gemotiveerd om er een paar jaar geleden helemaal mee te kappen. Wel hield ik ervan om soms een jointje te roken, maar daarmee ben ik sinds een tijd ook helemaal gestopt.’

Waarom blowde je?

‘Niet om dingen weg te stoppen, want ik heb oprecht een fijne jeugd gehad. Bij mij was het gemakzucht: blowen is een simpele manier om een leuke avond te hebben. Je crasht met je vrienden op de bank en gaat gamen – meer heb je niet nodig. Dat was altijd onwijs gezellig, dus ik heb er absoluut geen spijt van. Maar je moet ook weten wanneer het genoeg is geweest.’

Waarom is dat nu het geval?

‘Omdat ik een grotemensenbaan heb. Toen ik nog zzp’er was, kon ik zelf besluiten om een uurtje later te beginnen. Nu verwacht mijn werkgever dat ik er gewoon om 8 uur ben. Bovendien werd ik minder scherp van het blowen. Daardoor heb ik weleens iets verkloot op mijn werk. Dat ga ik niet meer laten gebeuren.’

‘Het speelt ook mee dat mijn vriendin het een tijdje geleden heeft uitgemaakt. Het leek me goed om dichter bij mijn emoties te staan om dat te verwerken. Bovendien realiseerde ik me dat het tijd is om volwassen te worden. Lang dacht ik dat ik altijd jong wilde blijven, altijd wilde blijven chillen. Maar ik merk dat ik meer uit het leven wil halen, meer tijd wil steken in wat ik belangrijk vind.’

Waarin bijvoorbeeld?

‘Ik roep al tijden dat ik mijn eigen muziek wil maken. En ik wil nog beter worden met de kendama. Ook wil ik mijn eigen meubelontwerpen gaan uitwerken. Daar maakte ik nooit tijd voor. Maar ik had constant een stemmetje in mijn achterhoofd, dat zei: hoe vet zou het zijn als ik kan doorbreken met mijn eigen ontwerpen?

‘Dat zijn grote plannen, dat weet ik. Maar het komt vast goed. Het hoeft allemaal niet meteen volgende week te lukken.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next