Het Israëlische leger heeft zijn luchtaanvallen op Beiroet woensdag opgevoerd. Gebouwen werden met de grond gelijk gemaakt, inwoners vluchtten weg uit wijken die eerder nog als veilig werden beschouwd.
is buitenlandredacteur van de Volkskrant. Ze schrijft over Israël, het Midden-Oosten en België.
Het belangrijkste doelwit bleef de dichtbevolkte wijk Dahiya, de thuisbasis van Hezbollah in de Libanese hoofdstad, maar ook het centrum van de stad – waar Hezbollah niet aanwezig is – werd bestookt met bommen. Zeker vier grote gebouwen werden hierbij geraakt, waarvan er een volledig instortte. Israël stuurde om vier uur ’s ochtends via sociale media een waarschuwing: de inwoners hadden een uur de tijd om uit bed te stappen, al hun spullen te pakken en te vluchten.
Niet iedereen was op tijd weg: zeker tien mensen werden bij de bombardementen op de stad gedood en zevenentwintig anderen raakten gewond. In totaal zijn er volgens het Libanese ministerie van Volksgezondheid 912 mensen gedood – onder wie zeker 111 kinderen – sinds het conflict tussen Hezbollah en Israël op 2 maart oplaaide.
Video’s van een inslag, een gebouw dat in zijn geheel ter aarde stort, en de dikke, grijze wolken van puin die daarna opstijgen, doen denken aan de beelden uit Gaza. De Israëlische regering lijkt hier ook graag aan te herinneren: afgelopen weekeinde dropten vliegtuigen verschillende pamfletten boven het centrum van Beiroet en in één daarvan werd ‘de nieuwe realiteit van Libanon’ aangekondigd, ‘in het licht van het opvallende succes in Gaza’.
Voor veel burgers werd dat gezien als een dreigement, en niet het eerste: toen Israël begin maart opriep tot evacuatie uit de zuidelijke wijken van Beiroet, plaatste de uiterst rechtse Israëlische minister Bezalel Smotrich een video op sociale media waarin hij aankondigde dat deze wijken binnenkort ‘op Khan Younis zullen lijken’, een stad in Gaza die volledig is platgebombardeerd.
Nog een echo uit Gaza: Israël bombardeert in Libanon ook medische doelwitten, waarbij in totaal al zeker zesentwintig artsen en verplegers zijn gedood. Afgelopen zaterdag werd een medische post in het dorp Burj Qalaouiyah, zo’n 20 kilometer van de grens met Israël, volledig vernietigd door een voltreffer. Daarbij kwamen twaalf personeelsleden om. Het Israëlische leger verklaarde later die dag dat ‘Hezbollah uitgebreid militair gebruik maakt van ziekenwagens’, en dat ‘Israël zal handelen volgens het internationaal recht als die aanpak niet verandert’.
De gevechten tussen Israël en Hezbollah laaiden begin deze maand weer op, nadat Israël en de Verenigde Staten de aanval op Iran waren begonnen en de opperste leider, ayatollah Ali Khamenei, hadden gedood. Om hun solidariteit met Iran te tonen, vuurde Hezbollah zes raketten af op Israël – waarop Israël keihard terugsloeg.
Sindsdien staan talloze Israëlische troepen langs de grens met het buurland en worden het zuiden van Libanon, de Bekaavallei (een bolwerk van Hezbollah) en de stad Beiroet hevig gebombardeerd. Afgelopen maandag kondigde het Israëlische leger aan ook grondtroepen naar de grens te sturen. Volgens de Israëlische minister van Defensie Israel Katz is dat nodig om ‘de dreiging naar Israëlische burgers in het noorden van het land te elimineren’. De honderdduizenden Libanezen die al uit het zuiden van het land zijn gevlucht, zullen volgens Katz ‘voorlopig niet kunnen terugkeren’.
Woensdag zei het leger binnenkort te beginnen met het bombarderen van de bruggen over de Litani-rivier. Deze bevindt zich ongeveer 30 kilometer ten noorden van de grens met Israël. Volgens een woordvoerder van het Israëlische leger worden deze bruggen door Hezbollah gebruikt om manschappen en materieel in het gebied te krijgen waar Israëlische troepen actief zijn.
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant