Home

Thomas Chatterton Williams: ‘We zijn verder verwijderd van een post-raciale samenleving dan ooit’

Thomas Chatterton Williams De Amerikaanse essayist betoogt in zijn nieuwe boek dat linkse groeperingen in zijn land te ver zijn doorgeschoten, wat de weg heeft vrijgemaakt voor radicaal-rechtse stromingen. „Mensen kunnen nu veel explicieter racistisch zijn.”

Thomas Chatterton Williams

Op de dag dat George Floyd wordt vermoord, verblijft schrijver Thomas Chatterton Williams met zijn gezin op het Franse platteland. Ze zijn daar in de zomer van 2020 de pandemie ontvlucht, het is er zonnig. Met lede ogen ziet hij, samen met de rest van de wereld, hoe Derek Chauvin met zijn knie het leven uit een zwarte man perst. Het is een beeld dat hij niet kan bevatten, als een nachtelijk geluid dat zich in een droom vastklemt en het hele narratief doet kantelen.

Vanaf dat moment bestaan er eigenlijk twee George Floyds, vertelt hij vanuit een hotel in het negende arrondissement in Parijs. De man van vlees en bloed: de zwarte man uit Minneapolis, de zoon, de pechvogel met fentanyl in zijn systeem. En de mythische George Floyd: de martelaar die het Amerikaanse rassendebat voorgoed verandert. Die heiligverklaring, denkt hij, heeft het publieke debat geen goed gedaan.

Thomas Chatterton Williams: Summer of Our Discontent. The Age of Certainty and the Demise of Discourse. Alfred A. Knopf, 272 blz. €26,99

Williams (1981) is journalist bij het Amerikaanse tijdschrift The Atlantic. Daarvoor schreef hij voor The New York Times Magazine. Hij groeide op in New Jersey, met een zwarte vader en een witte moeder. Zijn vader, socioloog, had een boekenverzameling, dik 15.000 exemplaren. Dat getal verraadt hoe diep de honger naar kennis binnen het gezin genesteld zat.

Williams staat bekend om zijn kritische blik op ras, identiteit en machtsstructuren. In het intellectuele debat staat hij fel tegenover zogenoemde Afro-pessimisten. Bijvoorbeeld Ta-Nehisi Coates, die stelt dat ‘zwart zijn’ een onoverkomelijkheid is.

Daar klopt niets van, stelt Williams. In het autobiografische Self-Portrait in Black and White (2019) profileert hij zichzelf als ‘ex-zwarte man’. Zijn twijfel over ras valt samen met de geboorte van zijn dochter, die ter wereld komt met een tête dorée, goudblond haar. De pathologische nadruk op verschillen, het zwart-wit denken, werkt verlammend, betoogt hij.

In zijn nieuwe boek The Summer of Our Discontent (2025) neemt hij afstand van zijn persoonlijke geschiedenis en trekt de wereld in. Williams onderzoekt de blinde vlekken van identiteitspolitiek in de Verenigde Staten. Met grote halen gidst hij de lezer langs een trits presidentschappen waarin de raciale spanningen zich geleidelijk opstapelen.

Op 25 mei 2020 krijgt de onvrede een gezicht. De moord op George Floyd ontketent een nieuw soort activisme, schrijft Williams: een gigantische protestbeweging onder de noemer Black Lives Matter, die zijn doel voor sociale gerechtigheid is doel voorbij geschoten.

„We zijn nu verder verwijderd van een post-raciale samenleving dan ooit. Donald Trump spuugt op de Amerikaanse idealen”, vertelt hij bij het drinken van een café crème. „De manier waarop hij over onze bondgenoten spreekt, hoe hij de politieke structuur ontmantelt: het is echt hartverscheurend.”

Rancuneuze protestbeweging

Links heeft volgens Williams een groot aandeel in het huidige politieke doemscenario. De nietsontziende blik van progressieven, die haar glorietijd beleefde in 2020, heeft een rancuneuze oppositiebeweging in de hand gewerkt, zegt hij – denk aan de White Lives Matter-beweging – en heeft uiteindelijk de weg vrijgemaakt voor radicaal-rechtse stromingen.Critici riepen hem snel tot de orde. Zijn verhaal was ongenuanceerd en miste de complexiteit die Williams zelf juist zocht bij de linkse flank. Waar bleef de sleutelrol van de Republikeinen in het debat over racisme? De linkse progressieve minderheid: was dat niet een marginale groep ten opzichte van het veel grotere Democratische midden? Gaf hij het inmiddels uitgedoofde ‘wokisme’ niet te veel aanzien? Bij het lezen van dit boek kom je er niet achter.Wel tref je een haast historische vertelling van de identiteitsbeweging, met als hoogtepunt Black Lives Matter, bezien vanuit een ‘een van de interessantste Amerikaanse denkers’, zoals Times hem noemde. Het boek laat zien hoe een samenleving van de rand kon glijden, en hoe we deze beweging vijf jaar later moeten beschouwen.

Het boek begint bij de vruchtbare Obamajaren, een periode waar Williams met weemoed op terugkijkt. „Er hing een spoor van hoop in de lucht. We hadden echt het idee dat we nu naar een post-raciale maatschappij zouden gaan.” Volgens Williams raakte de linkse flank tijdens de tweede termijn teleurgesteld dat hij, als eerste zwarte president, niet alle problemen had opgelost. „Door deze desillusie begon zijn kleur ook in het Democratische kamp zwaarder te wegen.”

„Er ontstond een scheiding in de politiek en in de maatschappij, gebaseerd op ras, en daarmee het deterministische idee dat mensen bestaan uit onderdrukkers en onderdrukten. Alsof alle witte mensen geprivilegieerd zijn en niet-witte mensen per definitie slachtoffers. Ook Obama profileerde zich vaker als zwarte man. Sommige witte stemmers, die in hem een kleurenblinde president zagen, helden daarom over naar Trump.”

Het idee van een ‘kleurenblinde’ samenleving is iets figuurlijks voor Williams. Dat zie je ook als hij voor je zit in Hotel L’Amour. Beleefd, belezen, knappe verschijning, tweetalig, vernoemd naar een beroemde schrijver. Hij is zijn eigen gedroomde verbeelding van het post-racialisme waarover hij schrijft. De vraag is of anderen aan zijn kosmopolitisme kunnen tippen, laat staan een heel land.

Maar de kans om dit droombeeld te verwezenlijken blijft uit als de moord op George Floyd het debat over ras weer op scherp zet.

De moord op George Floyd

Rassengeweld is altijd onderdeel geweest van het Amerikaanse leven. Politiek activisme is het gevolg daarvan. Toch ziet Williams de Black Lives Matter-beweging omtrent de moord op George Floyd niet binnen de traditie van collectieve actie in Amerika. Eerder als een historisch kantelpunt. In het hoofdstuk ‘De cult van antiracisme’ schrijft Williams dat er te veel nadruk is gelegd op zijn achtergrond als zwarte man.

„De moord op George Floyd was een buitensporige actie. Maar andere elementen van zijn identiteit werden volledig over het hoofd gezien. Floyd was niet alleen zwart, maar ook een ongeschoolde, arme man en een drugsverslaafde. Die omstandigheden hebben geen verzachtende werking, maar ze doen ertoe, want ze staan ver af van de universele zwarte ervaring in Amerika.”

Maar zijn die twee vanwege het slavernijverleden niet met elkaar verweven? Is een sociaal-economische achterstand geen onderdeel van de zwarte ervaring in de Verenigde Staten? Het antwoord luidt nee, volgens Williams. Klasse overstijgt ras.

Belangrijker is dat dit debat nooit het levenslicht zag. Volgens Williams was het aanvoeren van feiten of het aanbrengen van nuance onmogelijk in het geval van Black Lives Matter. „Er ontstond een verpopulariseerde reactie vanuit progressief links. Je bent voor of tegen ons. Die orthodoxie is te ver doorgeschoten, met een rancuneuze oppositiebeweging als gevolg. Hierdoor worden er nu ergere dingen gezegd over zwarte Amerikanen. Mensen kunnen nu veel explicieter racistisch zijn.”

Met dat laatste doelt hij op de normalisering van extreemrechts. Die heeft het zero-sum-denken van de anti-racismebeweging overgenomen, stelt hij. „Eenzijdige beeldvorming en hyperbool taalgebruik leiden ons af van de realiteit. En extreemrechts is daar gek op. Er werd bijvoorbeeld door links gezegd dat er een ‘genocide’ aan de gang was tegen zwarte mannen. Het debat werd zo gevoerd dat  het leek alsof je in gevaar was zodra je je huis verliet.”

Op het eerste gezicht klinkt de relatie tussen progressief links en de zege van extreemrechts moeilijk aanvaardbaar. Hoewel beide neigen tot dogmatisch denken, kwam de opkomst van ‘woke’ niet tenminste uit een goed hart? Ook stuit je op een ‘wat als?’-scenario: als links zich gedeisd had gehouden, was Trump dan afgedropen als een jachthond bij een afgebroken spoor?

Maar Williams is niet op zoek naar de beweegredenen van Trumpiaans rechts. Hij richt zijn pijlen op het kamp dat nog te redden valt. „In mijn boek erken ik dat veel mensen aan de linkerzijde goede bedoelingen hebben. Daarnaast zeg ik al jaren in interviews dat Trump erger is, punt uit. Motivaties doen ertoe, maar resultaten ook. Mijn boek is bedoeld als kritiek op links omdat, goedbedoeld of niet, veel van hun acties ons naar dezelfde plek brengen waar daadwerkelijke racisten ons naartoe proberen te brengen.”

Cancelcultuur

De ontsporing van het debat in 2020 kwam voort uit twee grote componenten, zegt Williams. Allereerst was daar de inmenging van witte progressieven. Die staarden zich blind op ‘sociale gerechtigheid’. Daaruit vloeiden initiatieven die de zwarte gemeenschap helemaal niet dienden.

„Het beste voorbeeld dat ik in mijn boek noem is de  ‘witte’ ingeving om de politie op te heffen. Dat idee ondersteunen zwarte mensen uit de middenklasse, laat staan de arbeidersklasse, gewoon niet. Mensen uit die gemeenschap hebben de politie nodig om veilig te blijven. Het was een rudimentaire oplossing, maar ze werd al snel overgenomen door anti-racismegoeroes.”

Daarnaast noemt hij de rol van de media, die hij eenzijdige beeldvorming verwijt: „De kranten gaven de gewelddadige protesten en plunderingen een nobel randje. De Prada-winkel en Apple Store in Soho, hartje New York, werden overvallen. Dat had niets met sociale gerechtigheid te maken. Maar de media deden alsof demonstranten een laptop nodig hadden als een vorm van vereffening.”Wie streed voor meerzijdige berichtgeving, werd afgestraft, zegt Williams. Hij noemt het voorbeeld van James Bennett. Deze opinie-redacteur van The New York Times werd ontslagen toen hij een stuk publiceerde waarin gepleit werd voor militaire interventie. „Het directe gevolg van zijn ontslag was dat een groep lezers deze actie als censuur zag en de media in twijfel trok.”

Op dat moment werkt Williams zelf bij The New York Times. „Er heerste op dat moment echt een angstklimaat. Als twee van de twintig medewerkers een opiniestuk racistisch noemden, bleef de rest stil. Die interne controle was heel destructief. Zowel voor het medialandschap als voor de nationale discussie.”

Franse maatschappij

De middag breekt aan. Williams werpt een blik op de verregende straten.  „Ik moet straks mijn kinderen van school halen”, zegt hij vriendelijk. Parijs is niet langer een pleisterplaats, hij is ervan doordrongen. Je kunt hem gemakkelijk scharen onder de groep Amerikaanse zwarte intellectuelen van weleer, zoals Langston Hughes, Richard Wright en Chester Himes. Schrijvers die naar Frankrijk vertrokken om hun geleefde werkelijkheid opnieuw in de week te leggen.Precies dat gebeurde tijdens het schrijven, vertelt hij. Tijdens het proces werden zijn ideeën milder. Hij ondervond dat identiteitspolitiek nauwelijks zijn weg vond binnen de versteende Franse maatschappij. Waar het wokisme in de Verenigde Staten de kans kreeg om te radicaliseren, leek het hier eerder een doodgeboren kind. Tegen het einde van zijn schriftelijke betoog legt hij die verschillen uit.

„Mijn vader groeide op in een gesegregeerd Amerika. Als ik daarover vertel, reageert men daar over het algemeen open op. Het activisme rondom sociale gerechtigheid is in de VS vanzelfsprekend.” Hier, stelt hij, worden zelfs bescheiden verhalen over zulke ervaringen al snel opgevat als een aanval op de Franse samenleving. „Een vriendin van mij, Rokhaya Diallo, werd ooit openlijk verguisd toen zij in Frankrijk haar ervaringen als zwarte vrouw en moslim deelde.  Ik was echt in  tranen, terwijl de groep waarvoor ze sprak niet eens conservatief was.”

Wie The Summer of Discontent leest, merkt meteen dat Williams geen activist is, zijn werk heeft geen profetische kenmerken. Het boek dankt zijn waarde aan reflectie, die hij langzaam terug ziet keren binnen het Amerikaanse debat. „De Democraten erkennen inmiddels hun aandeel in de huidige politieke realiteit. Dat noem ik een lichtpuntje. De meest extreme opvattingen en stemmen zijn niet verdwenen.  Maar ze hebben hun vermogen verloren om de verstandige stemmen volledig te overschreeuwen.”

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Amerika

Volg de laatste politieke ontwikkelingen in de VS op de voet

Discriminatie

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next