Bryan Linssen verkeert op 35-jarige leeftijd in topvorm. De aanvaller hoopt NEC zondagavond ten koste van AZ aan bekerwinst te helpen. Een gesprek met een bourgondiër die zijn eigen weg volgt. "Ik voel me soms net een klein kind."
De erelijst van Linssen roept enige verbazing op. Na achttien jaar profvoetbal staat er slechts één prijs op: een Bronzen Stier voor beste talent van de zesde periode in de Eerste Divisie, in het seizoen 2008/2009 bij Fortuna Sittard.
Maar dat klopt niet. "Ik heb in Japan de Champions League gewonnen met Urawa Red Diamonds", zegt Linssen lachend. "Al was ik daar altijd geblesseerd. Misschien dat-ie er daarom op sommige websites niet bij staat."
De prijzendroogte is te verklaren. Linssen speelde niet altijd bij de grootste clubs. Maar kansen waren er genoeg. Linssen verloor twee keer de strijd om de Johan Cruijff Schaal. En in 2022 ging hij met Feyenoord onderuit in de Conference League-finale tegen AS Roma. "Dat doet nog altijd pijn."
Tegen AZ moet het zondag wél de kant van Linssen op vallen. "Het zou de eerste prijs zijn waar ik écht invloed op heb gehad. En dat op mijn 35e. Bizar, hè?"
De grijze tinten in het haar van Linssen verraden zijn leeftijd, maar aan zijn prestaties is het niet af te zien. Hij is basisspeler bij NEC, waarvoor hij dit seizoen in alle competities elf keer scoorde en acht assists gaf.
Hoe het kan dat Linssen bezig lijkt aan zijn tweede jeugd? De Limburger noemt het belangrijk dat zijn lichaam meewerkt ("goede genen en een beetje geluk") en dat hij nog steeds barst van de energie. "Ik ben 35, maar voel me qua energie soms een klein kind. Ik heb niet het gevoel dat het einde van mijn carrière eraan zit te komen."
Cruciaal daarbij is zijn "manier van leven". Linssen gunt zichzelf af en toe iets, waardoor het profbestaan goed is vol te houden. "De trainer omschreef me laatst als een bourgondiër. Als ik een keer zin heb in een patatje, dan eet ik een patatje. Ook als de diëtist op zijn kop gaat staan omdat het ongezond is."
Verwar het niet met laksheid, zegt Linssen. "Ik let op mijn voeding, maar niet in het extreme. Er zijn jongens die hun eten afwegen: 180 gram kip, 300 gram pasta. Zover ga ik niet. Ik eet de dag voor de wedstrijd het liefst pasta. Maar als het biefstuk met aardappelen is of dus een patatje omdat ik geen zin heb om te koken, is het prima."
Linssen is een uitzondering in de voetbalwereld, waarin volgen gebruikelijk is. "Sommige jongens hebben een keurslijf nodig om te kunnen presteren. Bij mij werkt dat verstikkend. Ik laat niet door iemand anders bepalen waar ik me goed bij voel."
Het zorgt soms voor wrijving, zoals ooit bij Vitesse. "Trainer Henk Fraser vond dat ik met pinnen onder mijn schoenen moest spelen omdat het veld glad was. Dat wilde ik niet. 'Als je één keer uitglijdt, haal ik je eruit', zei hij. Ik maakte in de laatste minuut de winnende. 'Gelukkig heb je me er niet uit gehaald, trainer', zei ik."
Linssen denkt dat onder meer zijn "grote bek op het veld" maakt dat hij in Nederland algemeen wordt beschouwd als "een ratje". "Dat stempel klopt wel", zegt hij. "Ik maak soms een overtreding op het juiste moment, bespeel de scheidsrechter wat of neem een vrije trap snel. Maar ik speel wel fair. Een eerlijk ratje."
Qua persoonlijkheid lijkt hij op zijn coach Dick Schreuder bij NEC. "Allebei opvliegende types. Als ik iets fout doe, wil hij gaan schreeuwen. Dan zeg ik: 'Is goed trainer, ik weet het. Je kan je mond houden.' Dan lacht hij en gaan we verder."
Schreuder haalt het beste in Linssen naar boven. De aanvaller past met zijn drive en snelheid perfect bij het aanvallende voetbal van de Nijmegenaren.
Inmiddels wordt Linssen door sommigen gezien als een optie voor de WK-selectie van het Nederlands elftal. Hugo Borst schreef onlangs in zijn column in het AD dat Linssen in Oranje thuishoort. Later namen de NEC-fans dat op ludieke wijze over door bij een wedstrijd "Linssen in Oranje" te zingen.
Linssen ziet er vooral de humor van in. "En ergens denk ik: als je naar de statistieken van Wout Weghorst kijkt, doe ik daar niet voor onder. Ik heb mijn goals ook niet alleen gemaakt tegen clubs als Heracles. Maar ik neem het zelf niet heel serieus."
Nu Linssen op zijn 35e zo bepalend is in de Eredivisie, rijst de vraag of hij alles uit zijn carrière heeft gehaald. Na een korte pauze: "Ik denk het wel. Ik kon ooit naar de Bundesliga, maar ik heb meer goede seizoenen gedraaid en toen kwamen er geen clubs uit grote competities. Blijkbaar miste ik toch iets."
Linssen volgde een lange reis naar de top. "Ik ben mijn carrière in de Eerste Divisie begonnen bij Fortuna. Er zat nog heel veel tussen Fortuna en een topclub in Nederland. Dat heb ik toch gehaald. En bij Feyenoord ben ik ook van waarde geweest."
Zondag hoopt hij beslissend te zijn voor NEC in de bekerfinale tegen AZ. En daarna voor het eerst écht een prijs te kunnen vieren. "Mijn broer Edwin speelde voor kleinere clubs, maar is twee keer naar de Eredivisie gepromoveerd. Hij heeft meer feestjes gevierd dan ik."
En lachend: "Zondag hoop ik er eindelijk eentje te vieren."
Source: Nu.nl sport