Home

‘Ik kreeg een LinkedIn-bericht van een man die ik eigenlijk alweer was vergeten’

Eerst ontving Renate mails, toen apps, daarna begon ze met hem te bellen. Steeds meer drong tot haar door: dit is een man op wiens schouders ze haar hoofd kan leggen zonder bang te zijn dat hij onder het gewicht bezwijkt.

is journalist. Voor Volkskrant Magazine interviewt ze wekelijks mensen over liefde en relaties.

Renate (60):

‘Mijn ouders hadden een sprookjeshuwelijk, tot mijn vader op een dag liet weten dat hij verliefd was op de buurvrouw en niets meer met ons te maken wilde hebben. Ik was net 16 geworden en stapelgek op een knappe jongen van school en kon het een niet met het ander in verband brengen. Ruw maakte ik kennis met de twee polen van de liefde, de verrukking zoals ik die ervoer kon kennelijk ook zomaar omslaan in verterend verdriet, merkte ik. Alle warmte en zekerheid in een klap weg.

Drie maanden na het vertrek van mijn vader kreeg mijn vriend een ernstig motorongeluk. Hij raakte verlamd, maar van zijn ouders mocht ik hem niet opzoeken. Mijn eigen moeder lag te veel in de kreukels om me op te kunnen vangen en toen ze vervolgens niet lang daarna een nieuwe vriend kreeg die ons kinderen maar lastposten vond, was de verwarring compleet. Op mijn 17de ging ik de deur uit. Overdag was ik vrolijk, maar ’s nachts lag ik te beven als een rietje – van PTSS had nog nooit iemand gehoord. Ik zou nooit meer geloven in langdurige relaties, dat was zeker, de enige op wie ik kon bouwen was ikzelf.

Ik genoot van de liefde, maar in flarden en zonder illusies. Toen ik tegen de 30 was, had ik een vriend voor wie ik alles was en tegelijk niks. Twee gemankeerde geliefden waren we. Hij was een flierefluiter en ik was zo gewend aan onvoorspelbaarheid, dat zijn gedrag eerder de norm leek dan de uitzondering. Een psycholoog zou misschien zeggen dat ik onbewust op zoek was naar die onveiligheid.

Hartstochtelijk

We speelden yahtzee tot diep in de nacht en wisselden dat af met hartstochtelijke seks, hij hield zich zelden aan afspraken, maar we waren op elkaar ingespeeld. Op een dag zei hij: we kunnen wel elk blijven zoeken naar de ideale partner, maar waarom beginnen wij niet een relatie? En ik antwoordde: als het over een jaar nog steeds goed is tussen ons, wil ik wel een kind van je. Ik zei niet: ik wil een kind mét je, dat zou betekenen dat ik me volledig zou committeren en dat was te gevaarlijk. Sneller dan gepland werd ik zwanger, en hoewel ik het echt geprobeerd heb, werd al snel duidelijk dat het met hem niet lukte om een stel te zijn. Soms was hij hele dagen gewoon verdwenen.

Nadat het uit was, heb ik twee weken gehuild. Toen dacht ik: het alleenstaand moederschap past mij veel beter. En om mijn zoon niet te confronteren met steeds nieuwe mannen, plande ik voortaan mijn flirts buiten de deur. De man met wie ik het dichtst bij een volwassen relatie kwam, was de au pair van mijn zoon. Een jongen uit Slowakije, met een communistische opvoeding en vijftien jaar jonger dan ik. Als hij wakker werd, gaf hij eerst de kat te eten, dan mijn zoon en dan pas zichzelf. Dat trof me tot diep in mijn ziel. Hij was een man zonder ego die accepteerde dat ik het gezinshoofd was en die me niet probeerde te manipuleren. Empathisch, stoer, knap en intelligent.

Ik wist natuurlijk dat dit niet voor eeuwig was, maar dat gold voor elke liefde. Hij woonde in de logeerkamer, wat het voor mij een stuk makkelijker maakte om deze relatie te laten ontstaan – er was weinig actie voor nodig en ook onze beider liefde voor mijn zoon was er al.

Jaren ging het goed. Maar toen mijn ouders ziek werden en hij als troostende partner tot niet meer in staat was dan een arm om me heen slaan, begreep ik dat we onze langste tijd hadden gehad. Het werd een verdrietig afscheid, maar ook een bevestiging van wat ik al wist: gelijkwaardige relaties zijn niet voor mij weggelegd, en mijn verlangen daarnaar was zo stiekem dat ik dat voortaan makkelijk kon negeren.

Gebit

Ik was 40, had een geweldig kind, leuke vrienden en werk waar ik plezier in had, ik had er vrede mee dat dit mijn leven was. Soms deed ik een poging op een datingplatform, maar al die gekken die je daar ontmoet... Er was een keer een man die vroeg of hij in mijn mond mocht kijken, want hij wilde mijn gebit zien.

Toen werd het 2021, ik was 56 en overwerkt door het gebrek aan ontspanning tijdens de lockdown en besloot een maand lang helemaal niets te doen in mijn huisje in Zuid-Frankrijk. Daar kreeg ik een LinkedIn-bericht van een man die ik jaren geleden had ontmoet en eigenlijk alweer was vergeten.

Ik lag in mijn hangmatje en las zijn vriendelijke bericht en dacht eigenlijk zonder reden: ja, dit is hem. Ik was zo zeker als ik nooit eerder was geweest. Ik dacht niet: dit is de man op wie ik mijn leven lang heb gewacht, maar: dit is iemand met een hart aan wie ik het mijne zomaar zou kunnen toevertrouwen. Een onbekend, heel diep, zeker weten dat alle jaren van terughoudendheid en argwaan uitwiste. ‘Ja, ja, ja’, hoorde ik in mij heel hard juichen. Deze man was verantwoordelijk, betrouwbaar, grappig.

ANWB-stel

In alle voorgaande jaren had ik heel wat therapie gehad. Al mijn trauma’s waren wel zo’n beetje verwerkt; ik viel niet langer op onveilige kerels, en wist dat ik het intussen wel zou kunnen, een echte gelijkwaardige relatie. Binnen twee minuten stuurde ik een berichtje terug en al snel tuimelden onze berichten over elkaar heen. Eerst mails, toen apps, daarna begonnen we te bellen en steeds meer drong tot me door: dit is een man op wiens schouders ik mijn hoofd kan leggen zonder bang te zijn dat hij onder het gewicht bezwijkt.

Terug in Nederland, na weken van intens contact, zocht ik hem op en vlogen we elkaar in de armen. Nu heb ik alweer vijf jaar een relatie als een goede auto: zo een waar je instapt zonder je af te hoeven vragen of hij wel start. Een relatie waarin we al vijf jaar alles kunnen bespreken, maar die zelf nooit ter discussie staat. Iedere ontmoeting opnieuw begint weer met die brede lach die mijn mond in tweeën splijt en die gewoon niet te onderdrukken valt. Soms denk ik: kijk mij nou, ik ben de helft van een ANWB-stel geworden, we lopen lange afstandswandelingen en ik heb zelfs laatst een wandelbroek aangeschaft. Nooit eerder heb ik een wandelbroek gewild, maar o, wat zit die lekker.’

De liefde van nu is een rubriek in Volkskrant Magazine over seks en relaties.

Op verzoek van de geïnterviewde is de naam Renate gefingeerd. Wil je meer van deze verhalen horen? Luister dan ook naar onze podcast De liefde van nu.

Deze zomer schrijft Corine Koole weer over vakantieliefdes. Verhalen zijn welkom. We spreken ook de ander (en helpen hem of haar op te sporen). We zoeken vooral ervaringen uit een recenter verleden, romantische avonturen van jonge mensen, of herinneringen aan ‘the one that got away’. Ook nodigen we mensen die niet meer samen zijn uit om te reageren.

Meedoen? Mail een korte ­toelichting naar: deliefdevannu@volkskrant.nl.

Dit is een rubriek uit Volkskrant Magazine. Wilt u alle verhalen, columns en rubrieken uit het nieuwste nummer lezen? Dat kan hier.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next