Home

Natuurlijk moeten elektriciteitsproducenten wél gaan meebetalen aan het netwerk

is econoom en publicist.

Vragen we aan de beleggersvereniging of het een goed idee is om belasting te gaan heffen op aandelentransacties, dan is het antwoord natuurlijk: neen! Vragen we aan veeteeltbedrijven of het een goed plan zou zijn dat de sector gaat meebetalen aan het herstellen van natuurgebieden na de toegebrachte stikstofschade, dan is het antwoord: boe! En als we luchtvaartondernemingen naar hun mening vragen over het met een accijns gaan belasten van kerosine, dan zal de sector zeggen: vlieg op, we hebben het al zo moeilijk!

Maar eerlijk gezegd is er voor alle drie de voorbeelden vanuit maatschappelijk oogpunt echt wel iets te zeggen. De sector vindt het niet leuk, maar de samenleving zou ervan opknappen.

Dit geldt ook voor de aankondiging van de Autoriteit Consument en Markt (ACM), de toezichthouder op de energiemarkt, dat zij op termijn grote energieproducenten gaat laten betalen voor het gebruik van het elektriciteitsnetwerk. Nu betaalt alleen de consument voor de infrastructuur; straks delen consument en producent de rekening. Het doel is om producenten te prikkelen efficiënt(er) gebruik te maken van het netwerk.

In de krant konden we vrijdag lezen wat de sector hier zoal van denkt. De zonnetjes in huis, de windvangers, de duurzaamheidsliefhebbers – geen van de betrokken partijen toont zich enthousiast over het plan om mee te gaan betalen. Het stuk eindigt met het lollige citaat van Olof van der Gaag van de Nederlandse Vereniging Duurzame Energie (NVDE), die zegt: ‘Laten we hier niet langer onze schaarse energie in steken.’

Bij zoveel eenstemmige afwijzing vanuit de sector moet dus het vermoeden rijzen dat het invoeren van een ‘invoedingstarief’ een goed idee zal zijn.

Dit vermoeden wordt bevestigd door de wetenschap. Het voornemen van de ACM om een invoedingstarief in te voeren is al eerder bekendgemaakt, en betrokkenen kregen de gelegenheid hier iets van te vinden. Op de site van de ACM is te lezen dat drieëndertig partijen een zogeheten ‘zienswijze’ hebben ingediend: een mening over het voornemen van de toezichthouder. Eén ervan is uit de wetenschap, van de TU Delft.

Het stuk van de universiteit is zeer kritisch op het voornemen van de ACM. Die kritiek spitst zich toe op hoe de toezichthouder het tarief precies wil vormgeven. Volgens de Delftse wetenschappers heeft de toezichthouder nog niet de juiste vormgeving gevonden. Er komt veel (economische) techniek bij kijken. In Delft vragen ze zich over de gekozen vormgeving af: ‘Op welke wijze wordt het energiesysteem er efficiënter, betaalbaarder of transparanter door?’

Maar dat het financieel prikkelen van energieproducenten bij hun gebruik van het netwerk een goed idee kan zijn, daar lijkt in Delft weinig twijfel over te bestaan. ‘De algemene beleidsdoelen voor het elektriciteitssysteem, te weten betaalbaar, betrouwbaar en schoon, vertalen zich in het doel van het efficiënt uitbouwen en benutten van het elektriciteitsnetwerk.’ En in dat kader moet de ACM de juiste vormgeving van financiële prikkels kiezen, aldus Delft. Het huidige voorstel is niet goed genoeg.

Maar er is tijd. De invoering is pas voorzien voor 2032, en de ACM kondigt aan ‘verder onderzoek’ te zullen doen naar het invoedingstarief.

Natuurlijk is het goed dat de toezichthouder hierbij de zorgen uit de sector serieus neemt. Maar het lijkt me vooral zaak het algemeen belang in het oog te houden en voor een betere uitwerking te rade te gaan bij de wetenschap.

Frank Kalshoven is econoom en publicist. Reageren? E-mail: frank@frankkalshoven.nl

Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next