Serieondernemer en DNA-pionier Craig Venter ontregelde in de jaren negentig de medische wetenschap door te bewijzen dat je met een commercieel bedrijf óók enorme wetenschapsprojecten kunt uitvoeren. Zoals het in kaart brengen van het DNA van de mens, zijn grootste prestatie.
Maarten Keulemans is wetenschapsredacteur bij de Volkskrant, gespecialiseerd in klimaat en microleven.
Die haai, ergens voor de kust van Da Nang in Vietnam. Als Craig Venters weergave klopt – en eerlijk gezegd: dat is bij hem soms een beetje de vraag – hebben we het aan dit zeeroofdier te danken dat de wereld Venters naam leerde kennen.
Net in de twintig was Venter, en zijn zorgeloze bestaan als stoere, vrouwenverslindende surfer in Californië was ruw verstoord door de dienstplicht in Vietnam. Snel opgeleid als hospik kwam hij in het ziekenhuis van Da Nang te werken, op de intensive care. Een bloederige gruwelbaan, honderden jonge soldaten zag hij onder zijn ogen sterven.
Tot hij op een dag besloot dat hij het niet meer wilde. Hij zwom de zee in, schrijft hij in zijn autobiografie A Life Decoded: My Genome, My Life (2007), vastbesloten te verdrinken. Totdat hij die haai zag. De angst won het van zijn somberte, en met grote moeite zwom hij terug naar het strand. ‘Ik wilde leven, meer dan ik ooit had gedaan in de eerste 21 jaren van mijn leven’, aldus Venter.
Geromantiseerd? Denkbaar, want enige grootspraak was hem niet vreemd. Woensdag overleed Craig Venter op 79-jarige leeftijd. Hij werd al enige tijd behandeld voor kanker.
Zijn doorbraak naar het wereldpodium beleefde hij in de jaren negentig, toen hij besloot het overheidsprogramma dat het volledige menselijke DNA in kaart bracht de rug toe te keren. Het kon allemaal veel sneller, goedkoper en rendabeler, vond hij. Onder meer door patent aan te vragen op nieuw ontdekte genen – in die dagen een zeer omstreden stap.
Het maakte Venter tot zoiets als de allereerste ‘techbro’ uit Amerika, lang voor de eigenzinnige Silicon Valley-miljardairs van de internettijd. Hard, zakelijk, een vrije jongen die al snel schatrijk werd van de opbrengst van zijn bedrijven: het was destijds een tamelijk nieuw fenomeen in de overwegend door belastinggeld gefinancierde wetenschap.
‘De ideologie van Venter is die van de vrije wetenschapper die zelf wil bepalen welk veld van onderzoek hij bestudeert, welke methode hij daartoe gebruikt, en die erkenning wil voor de ontdekkingen die hij doet’, noteerden filosofen Hans Harbers en Marli Huijer destijds nogal verwonderd in deze krant.
Dat had zo zijn voorgeschiedenis. Na zijn ontmoeting met de haai was Venter alsnog gaan studeren, opgeklommen in de moleculaire biologie en bij de National Institutes of Health gaan werken, de overheidstak voor medische wetenschap. Daar botste hij met zijn bazen, onder wie James Watson, de ontdekker van de structuur van DNA. Uit angst de sympathie van de belastingbetaler te verliezen, wilde Watson dat Venter niet op de zaken vooruitliep en gericht op zoek zou gaan naar mogelijk ziekmakende genen. Dat Venter menselijke genen patenteerde, daar was Watson het al helemaal niet mee eens.
Uit chagrijn besloot Venter zijn eigen bedrijf te beginnen, The Institute for Genomics Research (TIGR), rond zijn eigen methode van DNA uitlezen. Bij die zogeheten ‘hagelschotmethode’ knipte hij het DNA van wezens die hij wilde onderzoeken in kleine stukjes van zo’n 600 chemische ‘letters’ per stuk, las die uit, en liet ze vervolgens door de computer aan elkaar puzzelen. In 1995 bewees hij de kracht van die aanpak, door in slechts een paar maanden het complete, 1,8 miljoen ‘letters’ tellende DNA uit te lezen van een bacterie.
Toen de wetenschap besloot de jacht op de complete menselijke genenkaart te openen, richtte Venter ook daarvoor een bedrijf op, Celera Genomics. Het draaide uit op een scherpe concurrentiestrijd met het Human Genome Project, het internationale, publiek gefinancierde onderzoek. Totdat toenmalig president Bill Clinton de twee partijen dwong tot een compromis: geen getouwtrek om zoiets wezenlijks als het bouwplan van de menselijke soort! In juni 2000 maakten Venter en Watson gezamenlijk de eerste, ruwe blauwdruk van het complete menselijke DNA-handboek bekend, op een gezamenlijke persconferentie in het Witte Huis.
Na die mijlpaal legde Venter zich meer toe op de ‘synthetische biologie’, het nabouwen van leven uit synthetisch DNA uit het lab. Onder meer zocht hij naar de ‘minimale cel’, een bacterie met daarin zo min mogelijk genen. Vanaf zijn kapitale zeiljacht viste de oceaangekke Venter naar microben, door zeewater met de hagelschotmethode te doorzoeken op nog onbekend DNA. En tussendoor gaf hij toe dat de vrijwilliger wiens DNA-model had gestaan voor ’s werelds eerste menselijke DNA-kaart, hijzelf was geweest.
Venter trouwde drie keer, heeft een zoon uit zijn eerste huwelijk en vernoemde zijn hond naar die andere grote levenswetenschapper: Darwin. Een Nobelprijs voor zijn DNA-werk heeft hij, ondanks tal van aanbevelingen, nooit gekregen.
‘Als ik ons begrip van de diversiteit van het leven met een paar ordegroottes groter kan maken en de eerste persoon kan zijn die leven synthetiseert? Ja, dan zou ik gelukkig zijn, voor even.’ Venter in gesprek met tijdschrift Wired, 2004.
‘Snelheid doet ertoe. Ontdekkingen kunnen niet wachten.’ Slogan van Celera Genomics.
‘Een groot deel van de wetenschap is gebaseerd op het ontkrachten van benaderingen die eerdere wetenschappers hebben ontwikkeld.’ In gesprek met vakblad Nature, 2023.
Alles over wetenschap vindt u hier.
Source: Volkskrant