is politiek verslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft over veiligheid, diplomatie en buitenlands beleid.
De technologische revolutie heeft het slagveld bereikt – met grote gevolgen. Ten faveure van David, ten nadele van Goliath – zoals zichtbaar is in recente oorlogen. Terwijl de Amerikaanse terugtrekking uit Europa ‘sneller gaat dan de Europese herbewapening’, is de Russische economie puur op oorlog gericht en huist de industriële macht van de wereld in het autoritaire China.
Wat betekent dit allemaal voor onze herbewapening, waarbij vooral geld wordt gepompt in oudere ‘legacy systems’, middelen die te land en op zee kwetsbaar zijn tegen nieuwe, goedkope wapens?
Het lijkt alsof fouten uit het verleden worden herhaald (nationale versnippering, geen Europese taakspecialisatie of grootschalige gezamenlijke aankoop) en geld massaal wordt geïnvesteerd in het herstel van eerder wegbezuinigde fregatten en tanks. In de grote Duitse herbewapening slokken die meer dan 80 procent van de investeringen op. Op zich begrijpelijk, maar oorlogvoering is elke minuut, elke seconde aan het veranderen – en Europa moet het wellicht zonder Amerikaanse steun of munitie redden.
Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Deze omstandigheden dwingen tot een politiek-militaire scherpte die buiten bereik ligt van menig Europese verzorgingsstaat. Zie Nederland, waar elk structureel bezuinigingsvoorstel dat die herbewapening poogt te combineren met duurzaam behoud van sociale uitgaven, sneuvelt in het spervuur van rechts- en linkspopulisten. Het mag allemaal geen centje pijn doen. En hoewel die herbewapening nu steun geniet, hebben politici het nauwelijks over de drie wezenlijke vragen: hoe, waartoe en met wie?
De revolutie in oorlogvoering stelt zwakkere landen in staat zich op asymmetrische wijze te verweren tegen sterkere. Technologische ontwikkelingen brengen dodelijke militaire slagkracht binnen bereik van kleinere machten – maar ook van terroristen, die ze kunnen inzetten tegen burgerdoelen in Europese steden. Zijn we er klaar voor? En een verderfelijk Iraans regime, dat geen verweer heeft tegen Amerikaans-Israëlische luchtdominantie, kan zich handhaven door de hele regio – inclusief Nederlandse militairen in Irak, die schielijk werden terugtrokken – met raketten en drones te terroriseren.
Hoe snel technologie oorlogvoering verandert, was al jaren te zien, van Libië tot Soedan en Nagorno-Karabach. Dat Oekraïne goedkope onderscheppingsdrones heeft ontwikkeld tegen Russische drones is bekend. Dat de ‘machtige’ Russische Zwarte Zeevloot is verjaagd, weten we. Dat Iran met simpele middelen de Straat van Hormuz kon afsluiten, is bekend.
Wat als een land échte dronezwermen ontwikkelt, die realtime met elkaar in verbinding staan? Twee jaar geleden al noemden militaire experts Elliot Ackermann en admiraal James Stavridis de toekomstige koppeling van grote zwermen drones aan AI-technologie een gamechanger ‘die oorlogen gaat winnen of verliezen’. Het zou niet voor het eerst zijn dat ‘goedkope technologie, gekoppeld aan een nieuw concept van oorlogvoering’ oude, dure systemen onbruikbaar of waardeloos zou maken.
West-Europa hervond zichzelf na de Tweede Wereldoorlog door – onder Amerikaanse druk – de zware industrie van Frankrijk en Duitsland supranationaal te integreren. Waar is nu het vergelijkbare plan – niet van de EU of Navo, maar van een groep Noordse en Centraal-Europese landen plus kernwapenstaten VK en Frankrijk die het gevaar zien en de handen ineen willen slaan om gezamenlijk de grootste strategische gaten in de Europese defensie te dichten?
‘Billions and billions served’, staat trots op borden bij McDonald’s vestigingen in Amerika. Maar borden bij defensieministeries die in neon ‘Billions and billions spent’ adverteren, zullen niemand afschrikken. Zeker niet als die miljarden vooral worden gebruikt voor het bijvoeren van sitting ducks op land en te water.
Het is midden in een militaire transformatie moeilijk om keuzes te maken die hun schaduw ver vooruit werpen. Maar in deze keuzes zal zich de transformatie van Europa aftekenen: de verschuiving van het politieke zwaartepunt naar het oosten, waar Duitsland zich militair opricht en waar van Finland tot Polen en Oekraïne de poortwachters van vrij Europa liggen. Terwijl veel diplomaten en politici nog gevangen zitten in vooroorlogse denkschema’s over de onmogelijkheid Oekraïne in de EU te integreren, zal dat land een centrale rol spelen.
Om te overleven, moet ‘Europa’ politiek en militair snel opnieuw worden uitgevonden, door landen die dat willen en kunnen. De koppeling van Oekraïense inzet, innovatie en gevechtservaring aan Europese economische kracht en technologie is nu de urgentste uitdaging. Dus waarom horen we er zo weinig over?
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant