Nieuwe muziek De Nederlandse componist Willem Jeths liet het genre pianoconcert al sinds de jaren ’90 liggen. Maar voor pianiste Ellen Corver klom hij opnieuw in de pen. Opnieuw verklankt Jeths de binnenwereld van vrouwen.
Pianiste Ellen Corver speelt de wereldpremière van het Derde pianoconcert 'Scorching Passions' van Willem Jeths met het Residentie Orkest o.l.v. Antony Hermus. Amare, Den Haag.
Wereldpremière van het Derde pianoconcert ‘Scorching Passions’ van Willem Jeths, gespeeld door Ellen Corver en het Residentie Orkest o.l.v. Antony Hermus. Samenwerking met Festival Dag in de Branding.
Gehoord: 2/5, Amare Den Haag. Herhaling: 3/5. Info: residentieorkest.nl
Heel veel levende componisten met een rijk oeuvre en enige internationale weerklank heeft Nederland niet. Gelukkig is er onder anderen Willem Jeths (1959), die al in de jaren ’90 internationaal naam maakte en zich in 2014 de eerste Componist des Vaderlands mocht noemen. Redelijk recent, in 2020, zette hij zichzelf opnieuw goed op de kaart met zijn opera Ritratto, die vanwege corona op YouTube in première moest gaan. Jeths geeft ook compositieles aan het Conservatorium van Amsterdam. Nog een week, dan gaat hij met pensioen.
Van die Willem Jeths ging zaterdag in een verrassend goed gevuld Amare in Den Haag een nieuw pianoconcert in première. Zijn derde: Scorching Passions (verzengende passies). Een concert waarin hij de gepassioneerde binnenwerelden van drie vrouwen opvoert.
Hij schreef al twee pianoconcerten, allebei in de jaren ’90, waarna hij het genre liet liggen. Maar toen pianiste Ellen Corver hem vroeg een pianoconcert speciaal voor haar te componeren, zegde hij toe. Een moeilijk werkproces van anderhalf jaar volgde, zegt hij in de programmatekst. Hij zou moeite hebben gehad om uit te vogelen wat hij eigenlijk wilde toevoegen aan zijn eerste twee pianoconcerten.
Een onderwerp wist hij wel al snel. „Ik schrijf graag over vrouwen”, zegt Jeths op het podium, vlak voor Ellen Corver met het Residentie Orkest gaat spelen. Waarom weet hij niet. Inderdaad, in zijn opera’s Hôtel de Pékin (2008) en Ritratto (2020) staan ook vrouwen centraal. Drie archetypen voert hij nu op: eerst de wraakgodin Alecto, de „ongenaakbare, hardvochtige vrouw”, volgens Jeths in de programmatekst. Dan „een oogverblindende femme fatale die geadoreerd wil worden”. Of, zoals hij op het podium zegt: „een vrouw die moeilijk bereikbaar is, maar ook schoonheid heeft”. Daarna, als laatste: „de ware liefde, die uitmondt in extatische samensmelting.”
Dat is ongemakkelijk, nog voor er een noot geklonken heeft. Het genre ‘oudere mannelijke kunstenaar vult de liefdeswereld van een vrouw in’ is in de afgelopen eeuwen al tot ver onder bodemniveau uitgeput. De muziek moet wel heel bijzonder zijn, wil zij daar nog iets zinnigs aan toevoegen. Dat is ze helaas niet.
Jeths begint zijn 25 minuten durende stuk met een liefelijke altvioolintro. Van daaruit volgt over het algemeen vrij ranke muziek – niet per se consonant, maar wel zacht en vooral traag. Piano en orkest zijn voortdurend in een actie-reactieverhouding. Ook de meeste haakse akkoorden die pianiste Corver krijgt, speelt ze met weinig nadruk.
Soms laat Jeths de strijkers ronduit kitscherig zwijmelen, al werkt dat wel leuk, omdat hij juist op die momenten de piano er lekker wrang doorheen laat spelen. Het is wel jammer dat zulk meer sprekend notenmateriaal net niet overtuigd gespeeld wordt: bepaalde warme stukken kunnen écht warmer. Dirigent Antony Hermus heeft er zijn handen aan vol om het geheel ritmisch bij elkaar te houden; tijd om het Residentie Orkest echt te laten stromen heeft hij niet. Misschien valt daardoor een hoop muziek niet lekker op z’n plek. Er zitten tussen het zwijmelen door genoeg orkestexplosies, grote trom-boems en kopersnerpen, maar waar ze vandaan komen en waar ze toe leiden, is vaak onduidelijk.
Dat staat haaks op de doorgecomponeerde compositie: Jeths laat de vrouwen in elkaar overvloeien. Een niet stromende stroming: dat loopt spaak. Het is onduidelijk wanneer de wraakgodin ophoudt en de ware liefde begint. Sterker nog: als het even stil wordt, ben ik benieuwd hoe dan de ware liefde zal gaan klinken. Maar dat blijkt het einde van het stuk. De ware liefde is dus al geweest.
En dan geeft Jeths de piano ook nog eens maar weinig notenmateriaal; veelal dicht bij elkaar liggende, murmelende, trage akkoorden. Jeths vindt dat Corver geweldig kan kleuren op de piano, zegt hij vooraf, en hij lijkt haar hiermee die ruimte te geven. Maar hiermee kan zelfs Corver te weinig. Het mondt uit in een muziekstuk dat jammer genoeg niets achterlaat: geen melodie in je oor, geen idee in je hoofd en geen emotie in je lijf.