Home

De vader van Katinka Jesse verraadde zijn verzetsgroep. ‘Er zijn nauwelijks verzetsmensen foutloos door de oorlog gekomen’

Katinka Jesse | auteur Het staat bekend als ‘het verraad van Weert’. Nadat hij in 1944 werd gemarteld door de Duitsers, sloeg verzetsman Bob Jesse door. Het kostte zeven verzetsmensen het leven. Jarenlang torste dochter Katinka haar vaders zwaarte mee. Nu heeft ze het boek Mijn vader, een verrader? geschreven.

Bob Jesse.

Als kind van zeven vertelde Katinka Jesse het haar ouders: van haar hoefde het leven niet meer. Haar moeder raakte in paniek. Haar vader, 25 jaar ouder dan zijn vrouw, bleef kalm en zei alleen maar: „Dat trekt wel weer bij.” Naar het waarom van de doodswens van de dochter werd niet gevraagd.

Ruim vijftig jaar later denkt Katinka Jesse (59) dat ze leed onder de zwaarte die altijd in huis hing. Vader was lief en maakte vaak grapjes, maar droeg overduidelijk iets donkers met zich mee. „Een kind voelt dat aan. Het zat in kleine dingen. Nooit stoppen in Duitsland op weg naar een vakantieadres. Mijn zusje en ik mochten niet met de asbakjes in de autoportieren spelen, want vader kon niet tegen het plotse geluid als de klepjes dichtgingen.”

Wat er bij hem speelde, schreef Jesse op in het onlangs verschenen boek Mijn vader, een verrader? Hoe een verzetsman de regie over zijn eigen leven verloor. Ze kreeg het verhaal zelf te horen toen ze negen jaar was.

Vader Bob, kind van een Joodse moeder, vertelde zijn dochter over zijn verzetswerk in de bezettingsjaren. Alleen al met het organiseren van onderduikadressen had hij veel levens weten te redden. Maar in 1944 werd hij aangehouden, gevangengezet en gemarteld, totdat hij uiteindelijk doorsloeg. Het sleutelmoment kwam toen zijn verhoorders de botten van twee Joodse kinderen voor de ogen van hun moeder en hem dreigden te breken.

Onder dwang leidt Bob Jesse de bezettingsautoriteiten naar een vergadering van de landelijke onderduikorganisatie. Die actie, later bekend als ‘het verraad van Weert’, leidde tot de arrestatie van acht koptukken uit het Limburgse verzet. Zeven van hen lieten het leven in concentratiekampen of voor een executiepeloton. 

Verzetslieden deden daarna een poging om Bob Jesse te liquideren. Ze komen tot in Jesses Amsterdamse appartement en wisten hem te verwonden. Meer dan dertig jaar later tilde hij zijn hemd omhoog en liet aan zijn dochters het door een kogel veroorzaakte litteken aan zijn linkerzij zien. Nog twee anderen raakten gewond: een aanwezige man en Jesses eerste vrouw, Dientje, eveneens actief in het verzet. Zij raakte door de aanslag verlamd aan beide benen.

Alle details waren nieuw voor de twee meisjes, zelfs het bestaan van Dientje. Katinka Jesse: „Waarom hij het heeft gezegd, weet ik niet. Misschien uit zichzelf. Wellicht op aanraden van een verzetsvriend of een therapeut. Mogelijk wilde hij ons wapenen tegen een moment waarop we elders opeens met zijn verleden zouden worden geconfronteerd.”  

Een groot geheim

Voor de kleine Katinka voelde het in elk geval als heel veel. Vanaf nu torste ze vaders zwaarte met zich mee. Plus een groot geheim. „Mijn vader prentte ons in dat we er met niemand over mochten praten. De gevallen mede-verzetslieden wogen voor hem zwaarder dan de geredde levens, zei hij. ‘Ik had mij voorafgaand aan die vergadering van het leven moeten benemen. Of laten benemen’, zei hij tegen zijn dochters. Dat gaf mij het gevoel: mag ik hier wel zijn? Want als hij echt uit het leven was gestapt, had ik nooit bestaan.”

De puberteit van Katinka Jesse had daardoor iets heel eenzaams. „Ik had de neiging om me af te sluiten. En als het ergens over de oorlog ging, trok ik me helemaal terug.”

Vader Jesse moest zich na de bevrijding verantwoorden voor het verraad. Katinka Jesse: „De rechter vond de feiten zo omvangrijk en complex dat ze er als juristen geen oordeel over konden vellen. Mijn vader werd daarom ontslagen van rechtsvervolging.”

Katinka Jesse.

Zijn mentale last werd er niet minder om, die werd op den duur eigenlijk alleen maar zwaarder. Ook de fysieke gesteldheid van vader Jesse holde achteruit. Alleen tijdens contact met Selma van der Perre, een Joodse verzetsvrouw die ook door zijn ‘verraad’ werd gearresteerd maar het concentratiekamp overleefde, leek het leven even lichter, zegt zijn dochter. „Zij werden vrienden. En ik later ook met haar.”

Bob Jesse overleed toen Katinka vijftien was. De belofte om niemand iets te vertellen, brak ze daarna slechts een paar keer. Een hartsvriendin kreeg alles te horen en de paar langdurige relaties die ze had, inclusief haar huidige man. „Het luchtte eigenlijk nooit echt op. Pas bij Mathijs, met wie ik inmiddels 27 jaar samen ben, gaf het vertellen iets van verlichting. Hij vermoedde wel dat er iets was. Terwijl ik mijn verhaal deed, hebben we elkaar stevig vastgehouden. Dat hielp.”

Hoorcollege strafrecht

Op Katinka’s zeventiende kreeg haar moeder bezoek van een rechtenstudent die geïnteresseerd was in het verhaal van Bob Jesse. Kopieën van zijn naoorlogse dossier kwamen op tafel. Daartussen een foto van Jesse, gemaakt in Weert in 1945: hij zit geketend op de motorkap van een jeep. Om zijn nek een bord met de tekst: ”IK BEN DE VERRADER VAN WEERT. MOORDENAAR VAN: NAUS, BERIX, BR. OVERSTE MERKX.” De woorden ‘verrader’ en ‘moordenaar’ zijn onderstreept.

Katinka Jesse was bij het gesprek aanwezig en kreeg de foto onder ogen. „Die is echt verschrikkelijk. Om wat hem werd aangedaan, maar vooral door de dames op de achtergrond met hun misprijzende grijnzen.”

De meeste toeschouwers van destijds hadden zich gewoon een beetje door de oorlog heen gerommeld. Elk benul van wat echt verzetswerk betekende, ontbrak. Laat staan dat ze begrepen met welke dilemma’s Bob Jesse te maken had gehad. Bij zijn dochter Katinka bleef de foto op haar netvlies staan. Ze kan er nog steeds moeilijk naar kijken. „Hij staat niet in mijn boek en ik wil hem niet bij dit artikel.”

Eén gebeurtenis liet een paar jaar later nog meer sporen na. Als rechtenstudent volgde Katinka Jesse in het voorjaar van 1988 een hoorcollege van hoogleraar strafrecht Constantijn Kelk over strafuitsluitingsgronden, redenen die een rechter kunnen laten afzien van een straf. Als voorbeeld noemde hij de zaak van een tijdens de oorlog opgepakte verzetsstrijder. Die had weliswaar mensen verraden, maar was ook het slachtoffer van zware marteling. Jesse voelde zich verstijven. ”Tranen welden op in mijn ogen. Ik kreeg geen aantekening meer op paper. Ik wilde alleen dat het ophield. Na afloop rende ik naar buiten, waar ik heel erg heb staan huilen.”

De oorlog bleef Jesse daarna tekenen. „Ik ben geen flierefluiter, neem het leven altijd iets serieuzer. Soms maakte het me ook strijdbaar. Ik kan me nu flink opwinden over de manier waarop Israël huishoudt en over extreemrechts.”

Het zwijgen over haar vader, drukte op Jesse. Tegelijkertijd was er de zelftwijfel: stelde ze zich niet aan? Eigende ze zich het verhaal van haar vader niet toe?

Groot maatschappelijk engagement

Het verhaal van haar vader zorgde behalve voor aanhoudende mentale worstelingen ook voor een groot maatschappelijk engagement. „Mijn studiekeuze en later inzet in het milieurecht komen rechtstreeks voort uit mijn achtergrond. Ik wil goed doen, goedmaken ook.”

Dertig jaar geleden kreeg Jesse de diagnose MS. Bijna zes jaar geleden werd ze bovendien aangereden door een bus. Ze hield er niet-aangeboren hersenletsel aan over. Betaald werk is daardoor al een tijd niet meer mogelijk. In plaats daarvan doet ze vrijwilligerswerk: voorheen ten bate van vluchtelingen, vanaf binnenkort voor de verduurzaming van Utrecht. „Opnieuw dat streven naar een betere wereld.”

In 2019 kreeg Jesse een uitnodiging om samen met Selma van der Perre namens het verzet een krans te leggen tijdens de 4-mei-herdenking op de Dam. Ze vond het spannend, maar ging erop in. De uitnodiging voelde als erkenning. „Het filmpje voor de bijhorende tv-uitzending was te kort om het complexe verhaal van mijn vader te vertellen. Maar er kwam toch een zinsnede in voor in de trant van ‘…En de schuld die zij meenamen’.”

De hoogbejaarde en in Londen wonende Van der Perre had een autobiografie geschreven. Jesse hielp haar bij het zoeken van een uitgever. Dat lukte. En passant kreeg Jesse de vraag of zij niet ook moest gaan schrijven, over haar vader.  

Dat idee moest rijpen. „Mijn vader had een boek verschrikkelijk gevonden. Met niemand erover praten, is me ingeprent. Wel in een andere tijd. In 1976 werd meer in zwart-wit-termen over de bezetting gedacht. En met de openbaarheid van alle dossiers in het Centraal Archief Bijzondere Rechtspleging komt nu toch alles naar buiten. Dan is het misschien ook goed, als ik het verhaal op een zorgvuldige manier naar buiten breng.”

Bob Jesse was betrokken bij vrijwel alle mogelijke verzetsactiviteiten.

Mijn vader, een verzetsheld?

Het onderzoek voor het boek verdiepte Jesses beeld van het verzetswerk van haar vader. Hij werd er al snel na de bezetting actief en was betrokken bij vrijwel alle mogelijke verzetsactiviteiten.

„En een brief die ik vond, luchtte op. Een verzetsman schreef bijna een halve eeuw geleden dat mijn vader schuld had, maar het verzet ook. Mijn vader was in 1944 overspannen geraakt van al het verzetswerk en stopte er daarom mee. Maar het verzet kon hem niet missen en haalde hem over toch weer te beginnen. Twee weken daarna volgde de fatale arrestatie.”

„De titel van het boek is nu Mijn vader, een verrader? Maar het schrijven maakte me duidelijk dat er nauwelijks verzetsmensen zijn die foutloos door de oorlog zijn gekomen. Gezien mijn vaders achtergrond en de enorme hoeveelheid verzetswerk die hij verrichte, zou je ook de titel Mijn vader, een verzetsheld? kunnen gebruiken. Tijdens de boekpresentatie heb ik dat na lang twijfelen voor het eerst openlijk durven zeggen. Ik vind ‘verzetsheld’ wel een moeilijk woord. Omdat het zo eendimensionaal en absoluut is.”

Intussen probeert de Utrechtse haar trauma niet over te dragen op haar eigen twee kinderen. „Ik heb ze het verhaal van hun opa verteld, op de avond voorafgaand aan de kranslegging met Selma. Mijn zoon was aangeslagen en mijn dochter stortte zich huilend op de bank. Maar ze lijken er goed mee om te gaan en praten er gewoon met anderen over. Zij kunnen dat. Ik ben opgevoed met het idee dat dat niet mocht.”

”Ze staan wel heel betrokken in het leven. Ze tillen er gewoon iets minder zwaar aan. Maar misschien gaat het later opspelen. Want het is wel iets dat ze meekrijgen.”

Zelf denkt Jesse dagelijks aan de oorlog. „Die zit ook echt in mijn lijf. Het boek schrijven had iets therapeutisch, maakte het allemaal iets minder zwaar.” Of het voorstelbaar is dat er vanaf nu dagen voorbij zullen gaan zonder oorlog, dat weet ze niet. „Daar ga ik later antwoord op geven.”

Ze praat er in elk geval makkelijker over. „Dat het verhaal er vloeiend uit komt, is eigenlijk niet verbazingwekkend. Ik heb het jarenlang aan mezelf verteld. Maar het prettige is dat het me ook lichamelijk lukt. Dat ging een paar jaar geleden niet. Dan kneep het trauma letterlijk mijn strot dicht.” 

Katinka Jesse, Mijn vader, een verrader? Hoe een verzetsman de regie over zijn eigen leven verloor, Hollands Diep, 160 blz. € 23,99

Tweede Wereldoorlog

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next