is journalist en columnist van de Volkskrant, gespecialiseerd in financieel-economische onderwerpen.
‘We moeten sjuinig sjijn met drinkwater’, zei Sigmund zaterdag in deze krant. En de alcoholist aan de bar antwoordt: ‘Dusj daar hou ik mij sjtrikt aan.’
Misschien moeten alle Nederlanders, gezien het watertekort in Nederland, verplicht gaan bierdouchen. Dat zal ze dwingen zuiniger met water om te gaan. Dagelijks gebruikt de Nederlander gemiddeld 125 liter water, waarvan alleen al 50 liter om te douchen. Een douche kost bij een waterprijs van 0,271 cent per liter (nog geen drie tiende cent) slechts 14 cent. Een prikkie. En masse worden regendouches aangeschaft, perken gesproeid en opblaaszwembaden gevuld. De Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli) stelde vorige week dat Nederlanders vanwege de lage prijs uitermate slordig met drinkwater omgaan.
Met bier zijn Nederlanders zuiniger. Ze rijden kilometers om naar een supermarkt met het goedkoopste kratje. Een bierdouche van 50 liter zou 150 euro (3 euro per liter) kosten. Dat is duizend keer duurder dan met water. Misschien zouden Nederlanders ook hun privézwembaden alleen met bier moeten vullen. Bierbaden worden nu al gepropageerd vanwege de vitamine B en actieve enzymen voor een zachte huid. Als bier wordt gesproeid in de tuin verjaagt het slakken, is het een goede meststof en kunnen de bladeren mooi gaan glanzen. Aan het gebruik van bier voor andere doeleinden dan dronken worden zitten theoretisch voordelen. Dat wisten ze al bij de VOC, waar bier een vervanger was voor drinkwater dat snel bedierf.
Maar helaas wordt met bier het paard achter de wagen gespannen: bier bestaat voor 95 procent uit water. In het brouwerijproces is voor de productie van 1 liter bier 4 tot 10 liter water nodig.
Het is een veel beter idee om een progressief tarief voor water in te voeren. Bij de eerste 50 liter per persoon – iedere dag douchen, de was laten draaien en de tuin sproeien is sowieso overbodig – zou het huidige tarief van gemiddeld 0,271 cent per liter (de ene aanbieder rekent meer dan de andere) moeten gelden. Voor de volgende 50 liter het dubbele, voor 100 tot 200 liter het driedubbele en wie meer dan 200 liter per persoon per dag gebruikt moet tien keer zoveel per liter (nog maar 3 cent) in rekening worden gebracht. Het betekent niet dat Nederlanders ineens zuinig worden met water – dat doen we ook niet met benzine – maar het maakt ze prijsbewuster.
De extra baten gaan naar de provincies en gemeenten, de eigenaren van de waterleidingbedrijven. De WOZ-aanslagen en de provinciale opcenten kunnen dan omlaag.
De regeling is gemakkelijk uitvoerbaar. Onze zuiderburen hebben al ervaring met deze prijsprikkel. Bij hogere tarieven voor het aanbieden van bovengemiddeld veel huisafval bestaat het risico dat burgers hun rotzooi in de natuur of langs de weg dumpen. Maar Nederlanders zullen echt niet met een emmertje of gieter langs een plaatselijke fontein of dorpspomp gaan om water te halen, zoals hun voorouders twee eeuwen geleden.
Misschien moet Sigmund even bidden: ‘Sjou er geen God sjijn die wijn in water wil veranderen.’
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant