Home

Volgend jaar toch maar een hek om het Nationaal Monument op de Dam? ‘Nemen we mee in de evaluatie’

Bekladding Het monument heeft wel vaker last minute schrobwerk nodig, maar dit keer was er „echt héél veel verf”. Als een soort brandweerdienst proberen maar liefst vijf busjes van Kunstwacht het monument schoon te krijgen. „Je mag je mening hebben. Maar op deze manier?”

Het monument op de Dam is beklad met rode verf. Op 4 mei vindt op de Dam de Nationale Herdenking plaats.

Travertijn, een kalksteen uit Toscane, is vanwege zijn warme, aardse uitstraling een gewilde natuursteen voor vloeren, badkamers en ook gedenkplaatsen, zoals het Nationaal Monument op de Dam. Het is alleen wel oppassen met verf want door de poreuze structuur krijg je het pigment, zeker rood, niet zomaar uit al die kleine gaatjes.

„En het was dit keer echt héél veel verf. Ook aan de achterkant”, zegt Emiel de Booij die binnen de hekken toekijkt hoe de mannen van het reinigingsbedrijf met borstels en emmertjes water het rode spul eraf proberen te boenen. Poetsend onder de oksels van een huilende hond die op het monument smart en trouw symboliseert. Met een hoge drukspuit op het achterste van zijn bebaarde baasje – verzetsheld. Eromheen staan liefst vijf busjes – „waren er zes” – van Kunstwacht, een gespecialiseerd schoonmaakbedrijf dat in opdracht van de gemeente nu als een soort brandweerdienst de klus op tijd moet klaren.

Het is bijna elf uur in de ochtend en scrollend door zijn telefoon, sinds vanochtend zowat ontploft met appjes, toont De Booij intussen de allereerste foto van de bekladding die hij kreeg toegestuurd. 6.29 uur. Een vooraanzicht van het monument, tot zo’n vier meter hoogte beklad met rode verf en midden op de 22 meter hoge pyloon het woord „Genocide”. De gedenkmuur erachter ook zowat volledig besmeurd. „En ook aan de achterkant.” Onder het appbericht staat: „Minder fijn wakker worden dit.”

Voorbereidingen beginnen vroeg

4 mei is voor De Booij sowieso „alle hens aan dek” want als regisseur herdenkingen bij de gemeente Amsterdam doet hij met zijn team – acht man – elk jaar de voorbereidingen voor alle vijftig gedenkplaatsen in de stad. Op de Dam waren ze vijf dagen tevoren al begonnen met de voorbereidingen: eerste inspectie van het monument, alle obstakels verwijderen zoals bankjes en prullenbakken. Alles zag er prima uit, tót vanmorgen om vijf uur twee van zijn teamleden de bekladding aantroffen: „Met tranen in hun ogen.”

De Booij, die al een tijdje meeloopt, heeft wel vaker meegemaakt dat het Nationaal Monument op 4 mei nog wat last minute schrobwerk behoeft. Meestal omdat hordes toeristen en andere lui de avond ervoor nog met blikken bier en joints eromheen hangen. Klodders mayonaise op het travertijn, initialen, een tag. En daar heeft – wijzend naar de zijkant van de gedenkmuur – wel eens een grote lul op gestaan. Lachend: „Erop zetten kostte meer tijd dan eraf halen.”

Ergens, zegt De Booij, is dat óók wat hem juist zo trots maakt op deze stad. „Probeer zoiets maar eens rond de Trevifontein.” Vrijheid, dat is óók waarom we herdenken toch? „Je mag hier alles.” Alleen, er zíjn grenzen. „En het lijkt wel alsof de laatste jaren…”

Op het bekladde monument is het woord ‘genocide’ geschreven.

„Kun je eens inzoomen?” zegt een politieagente. Ze draagt een politiejack over haar blouse en wijst naar het beeldscherm van de beveiliger. Met haar collega staat ze achter de balie van de beveiliger in een pand op steenworp afstand van de Dam en met twee muisknippen zoomt de beveiliger in op het gezicht van een persoon op de fiets. „Kun je die beelden nu aan me doorsturen? We hebben spoed zoals je begrijpt.”

Iets voor half vijf kwam een drietal per fiets aan op de Dam, zagen de agenten al op beelden die de politie eerder vanochtend al van de gemeente kreeg. Daar bekladden ze „heel snel” het monument, zegt de agent. Amper een minuut later fietsten ze weer weg. Via een nauwe steeg richting de grote winkelstraat, het Rokin. Hun lange regenjassen wapperen in de wind, hun gezichten zijn verborgen achter een zonnebril, muts, pet, of sjaal. Op het Rokin splitst het drietal op, zegt de agent. „Waar ze naar toe zijn gegaan zoeken we nu uit.”

Palestine Action

Nog dezelfde dag stuurt de actiegroep Palestine Action Amsterdam een video naar Het Parool waarop te zien is hoe een groepje mensen in het donker het monument op de Dam bekladt. Het is onbekend of zij de actie opeisen, schrijft Het Parool. De actiegroep zet zich volgens haar Instagramaccount (4.829 volgers) in tegen „de Nederlandse medeplichtigheid aan de Israëlische apartheid”.

Palestine Action Amsterdam is een Nederlandse tak van de Britse campagnegroep Palestine Action, die onder meer actievoert tegen grote bedrijven die zakendoen met het Israëlische leger. Vorige zomer verbood de Britse Labourregering de actiegroep en zette die op de lijst van terroristische groeperingen. Lidmaatschap van of steun aan de groep werd strafbaar met een maximale celstraf van veertien jaar. Een Britse rechter veegde dat verbod daarna in ieder geval tijdelijk weer van tafel omdat de sanctie „buitenproportioneel” werd bevonden en inbreuk maakte op grondrechten zoals de vrijheid van meningsuiting.

In Amsterdam viel de actiegroep eerder dit jaar het hoofdkantoor van Booking.com aan. Op een filmpje online is te zien hoe een gemaskerde persoon op het kantoor inhakt met een bijl en een ander bespuit het pand met rode verf. Een jaar eerder was het Paleis op de Dam al aan de beurt. Op Instagram plaatste de actiegroep een foto: „Paleis op de Dam bloedrood in solidariteit met Palestina”.

‘Niet eerder meegemaakt’

„Rood heeft natuurlijk een extra boodschap”, zegt Jurn Bezemer die even pauzeert naast het monument. Als reiniger bij Kunstwacht heeft hij de laatste jaren wel vaker te maken met rode verf: op het Auschwitzmonument, het Holocaust Namenmonument. Maar zo groots en óp de dag van de herdenking „heb ik niet eerder meegemaakt”. Het maakt hem ook wel kwaad. „Je mag je mening hebben en die mag je kenbaar maken. Maar op deze manier?”

Er is hard gewerkt om het monument op tijd schoon te krijgen voor de Nationale Herdenking.

Sinds het telefoontje vanmorgen om kwart over vijf – „ik stond net m’n schoenveter te strikken” – is hij ermee bezig. Want om het rood uit de poreuze natuursteen te krijgen zul je eerst met heet water de verf moeten laten „schrikken”. Daarna met een lichte ontvetter – „géén chemicaliën” – eroverheen en vervolgens stomen met water. Eindeloos stomen, misschien wel een week lang. En het schiet al op. De kleur is al van rood naar roze, oranje gegaan en aan de voorkant zelfs al zo goed als weg. „Maar ik ben benieuwd”, zegt Bezemer, van een afstandje het Nationaal Monument beschouwend, „hoe het eruit ziet als alles is opgedroogd. Want kijk” – hij beweegt zijn hoofd – „zie je, daar, het schaduwrood. Dat zit nog in die gaten.”

Volgend jaar dan toch maar alvast een hek eromheen? Emiel de Booij zucht. „Nemen we mee in de evaluatie.”

Politie, recht en criminaliteit

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next