Home

Het kon, dus het kan

Terwijl het monument op de Dam werd schoongespoten, ontbeet ik met oudoom C., een van de laatste nog levende ooggetuigen van de Tweede Wereldoorlog in mijn familie.

             ,,Een boodschap verwijderen is óók een boodschap”, begon hij en vloog opeens op.

             ,,Daar!”, wees hij, nog net niet zijn kunstgebit eruit spugend. Ik keek naar ‘daar’ en zag alleen maar het duimhoge beeldje van het jongetje in herderskledij, dat zijn zoon altijd de buttplug noemt.

             ,,Een muis!”, riep mijn oudoom en sleepte me mee naar de keuken om die kruimelvrij te maken, de muisvriendelijke muizenvallen onder het stof vandaan te halen en een nieuwe batterij in de ultrasone knaagdierverjager te doen. In zijn vorige woning was er brand uitgebroken doordat muizen aan de elektriciteitskabels hadden geknaagd.

Pas toen we met staalwol nog een paar extra kiertjes hadden gedicht, kon hij zich weer ontspannen.

,,Wist je”, zuchtte hij, „dat er voor elke muis die je in je woning ziet, er nog tien in de muur zitten? Daar moet ik de laatste jaren vaak aan denken, vooral met de opkomst van groepen die er geen probleem mee hebben om luidkeels te verkondigen dat sommige mensen minder rechten verdienen dan anderen. Steeds meer lui schamen zich er niet voor om rond te tetteren dat het wij tegen zij is.”

,,Wat heeft dat met muizen in de muur te maken?”

,,Dat zijn degenen die nooit publiekelijk hun mond zullen opentrekken. Voor elke schreeuwer zijn er tien die zich koest houden, maar wel in stilte meeknikken. Die niet een kijkje in de grote boze buitenwereld gaan nemen om te zien of het eigenlijk wel klopt wat er wordt rondgetetterd, en in de luwte van het stemhokje voor partijen gaan die menen dat er eerste- en tweederangs burgers bestaan.”

             ,,Waardoor de muizen in de woonkamer er zetels bij krijgen en door kunnen gaan met polariseren.”

             ,,Laten we de knaagdierenmetafoor even loslaten, ik vind het niet chic om onschuldige beestjes te vergelijken met de eikels die momenteel ons land verzieken.”

Hij depte zijn voorhoofd.

,,Voor elke schreeuwer in de publieke ruimte zitten er tien zwijgers in de fundering”, mompelde hij. „Ik denk dat nog veel te weinig mensen dat beseffen, en pas zullen opschrikken wanneer het te laat is. Weet je nog wat mijn zus altijd zei over het verleden?”

Ah, ja. Dat de stuwende kracht achter het kwaad niet de agressieven zijn maar de passieven.

,,Het kon”, zei mijn oudtante altijd wanneer we haar vroegen naar de Tweede Wereldoorlog, „dus het kan.”

Dus het kan.

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next