Moeten vrouwen lief zijn op het werk, of van zich afbijten? Krijgen ‘nice girls’ de ‘corner office’, of de onaardige meisjes? Japke-d. Bouma weet het antwoord. „Wat is er mis met lief zijn op werk? Waarom moeten aardige mensen zich aanpassen? Pas het systeem aan!”
Je kent die eeuwige kantoorvraag wel: of je op kantoor slippers mag dragen. Het antwoord is trouwens: nee. Zo is er ook een andere eeuwige discussie: moet je als vrouw lief zijn op je werk, of juist niet.
Zo is er het boek Nice girls don’t get the corner office. Daarin staat dat je als vrouw niet over je heen moet laten lopen. Alleen de vrouwen die van zich afbijten maken carrière, en krijgen de felbegeerde ‘corner office’ – een eigen kamer met uitzicht. De rest moet bij elkaar in de kantoortuin.
Maar er is ook de stroming ‘Nice girls rule’. Dat je het ook als aardig meisje prima ver kunt schoppen. Dat je mensen niet hoeft uit te kafferen, om hogerop te komen.
Dus wat is het nou.
Laat ik de discussie voor eens en altijd beslechten: ben je een vrouw, dan moet je lief zijn op je werk. Als je onaardig bent, ben je namelijk een bitch en dan wil niemand je. ‘Nice girls’ krijgen geen corner office. Maar ónaardige meisjes al helemaal niet.
En je bent als vrouw al snel onaardig, hè? Als je vraagt of het raam open mag, als je zegt dat de koffie niet te zuipen is. Laat staan als je écht een rotboodschap moet brengen als: ‘Johan, luister. Je hebt prutswerk afgeleverd’. Berg je dan maar.
Mannen kunnen op het werk schreeuwen, onaardig doen of collega’s afplassen. Dan zijn ze respectievelijk gepassioneerd, horkerig of ‘eigenzinnig’. Vrouwen zijn dan slangen of krabben. Dus ja, het is je als vrouw geraden om lief te zijn!
En toch hoor ik nog geregeld het advies dat vrouwen vaker van zich af moeten bijten op werk. Een lezeres mailde – ze wil niet met haar echte naam in de krant, dus laten we haar ‘Nina’ noemen – dat haar manager tegen haar had gezegd dat ze ‘te lief’ is, en dat ze ‘eens wat vaker ruzie zou moeten maken’.
Nina wil helemaal geen ruzie maken, schrijft ze. „Ik ben er juist trots op dat ik met iedereen prettig samenwerk.” Maar het heeft al gevolgen. Zo krijgt Nina geen opleidingstraject, en twee mannelijke collega’s wel. ‘Wat is er mis met lief zijn?’, schrijft ze. ‘Wat is er mis met een stevige discussie voeren zonder dat het op ruzie lijkt?”
Nina, jij snapt het. Er is niks mis met lief zijn. Bovendien: weet die hork van een manager van je – laten we hem ‘Henk’ noemen – dan écht niet dat als jij je als een hork gaat gedragen, je meteen een probleemgeval bent?
Want als Henk driftig met z’n vuist op tafel slaat is hij resultaatgericht. Als Nina haar wenkbrauw optrekt moet ze al naar coaching. Als Henk schreeuwt, is hij gedreven. Als Nina hard gaat praten is ze ‘moeilijk’. En dus was ik alweer begonnen aan een column met tips hoe Nina steviger kan worden op haar werk, zonder als een bitch gezien te worden.
Geen sorry meer zeggen. Niet meer zeggen: ‘ik heb er natuurlijk geen verstand van’, maar: ‘ik heb erover nagedacht’.
Stoppen met bloemen, feestjes, en kaartjes voor collega’s regelen. Geen klokhuizen meer opruimen. Vaker ‘strategische’ vragen stellen als: „Wat heeft ons dit tot nu toe opgeleverd?” „Hoe past dat binnen de taakverdeling?” „Hoeveel tijd moeten we hieraan besteden?”
Geen roze truitjes meer, geen gemeut meer over die leuke broek van Vinted. En feedback altijd via de sandwichmethode. Dus: ‘Prima gewerkt Van Puffelen, je bent echt een salestijger, alleen had je beloofd het dubbele aantal te halen deze maand, je hebt hierin gigantisch gefaald, maar je hebt ondanks je onkunde wel een glimmende Audi! Kan niet anders zeggen.’
Ik had zelfs tips bedacht hoe Nina wél ruzie kan maken op haar werk! Henk kan het krijgen zoals hij het hebben wil. Dus koffiebekertjes omgooien, mensen de multomappen uit de handen slaan, grommen tijdens vergaderingen, Henk een trap voor z’n kont geven – ik had aangeboden dat laatste desnoods zelf te doen.
Tot ik ineens dacht: waar ben ik nou eigenlijk mee bezig. Waarom moet Nina veranderen? Zet Henk op een cursus ‘normaal doen’. Waarom moeten aardige vrouwen (en mannen!) op weerbaarheidstraining? Geef ruziemakers een aardigheidstraining! Waarom moet een aardig persoon zich aanpassen aan een horkerig systeem? Pas het systeem aan!
Hufterigheid is ook zo ouderwets. Gaap. Alle normale mensen op het werk, de overgrote meerderheid zeg maar, is er al jaren klaar mee. Toch verwarren sommige managers toxiciteit nog steeds met talent. En wordt in veel bedrijven asociaal gedrag nog altijd aangezien voor potentieel. Laten we dáár eens mee stoppen. In plaats van aardige vrouwen te leren ruziemaken.
Zeker nu ik zelf, en dat moet ik ook nog met jullie bespreken, er vier maanden uit ga. Ja echt. Vier maanden geen columns! Ik heb onbetaald verlof genomen om een boek te schrijven dat ik al heel lang wilde schrijven.
Ik zou zeggen: gebruik die tijd. Om eindelijk eens wat liever voor elkaar te worden. Ik wil bij terugkomst geen slagveld aantreffen. Dat moet toch haalbaar zijn.
En die corner office dan?
Die bestaat niet eens meer, joh. Dat is tegenwoordig een flexplek met clean desk policy. Wie wil er trouwens überhaupt nog op kantoor zitten? Net zo’n fossiel overblijfsel uit het patriarchaat als tegen elkaar schreeuwen en dat leiderschap noemen. Ja toch.
Lief zijn is het nieuwe stevig. Een glimlach het nieuwe doortastend. Een vriendelijk woord het nieuwe autoritair. Hou vol lieve mensen.
Ik spreek jullie in september weer!
Heb je een vraag van de week, taboe, of ‘kwestie’ voor deze rubriek? Mail dan naar japkeddenktmee@nrc.nl
1 Ik heb koffie voor je meegenomen.
2 Ik heb nog vakantiedagen over, wil jij ze hebben?
3 Ik ga wel met sales praten, kun jij op tijd naar je moeder.
4 Zal ik je morgen ophalen? Hoef je een keer niet in de trein.
5 Ik heb mimosa’s besteld, komen jullie mee in het park picknicken?
6 Oh joh, ik haal je kinderen wel even op van de BSO.
7 Zal ik de late dienst van je overnemen? Kun jij even sporten (als je dat wilt hè, niet omdat je het nodig hebt!!)
8 Ik heb je presentatie gelezen. Écht gelezen.
9 Ik zeg in de mieting dat het jouw idee was.
10 Henk, wacht even. Nina was nog niet uitgepraat.