Home

Bevrijding en schaamte

 We zijn ‘bevrijd’, nu al 81 jaar, maar de grote vraag is: waarvan? Van de nazibezetting, de collectieve jacht op Joden en andere minderwaardig geachte ‘rassen’ – alles gezien in het licht van de grote Arische waarheid. Die oorlog werd tenslotte gewonnen, maar de demonen uit dat verleden zijn zeker niet definitief verslagen. Demonen, dat is hun eigenaardigheid, hebben de neiging om rond te blijven spoken.

Hoe minder concreet die bevrijding van toen wordt gevoeld, hoe vager de ‘algehele bevrijding’ is geworden. In de jaren 60 en 70 kwam al het idee op dat we ons vooral moesten bevrijden van ‘taboes’: de nazi’s stonden niet langer met een pistool voor onze deuren, het werd tijd dat we onze innerlijke bevrijding ter hand namen. Want had het collectieve conformisme er niet in geresulteerd dat een volk als het Duitse massaal was gezwicht voor de waandenkbeelden van de Führer? Het slechten van taboes, dat tekende de bevrijde mens.

Daar is nuttig werk verricht: de seksuele mogelijkheden werden vergroot, de seksuele remmingen bestreden, de ongelijkwaardige verhoudingen tussen man en vrouw doorgelicht, en de vanzelfsprekendheid van de autoriteit werd bevraagd. Dit is het klimaat waarin ik opgroeide en student werd.

Bij de politicologen verzorgde de historica Selma Leijdesdorff (1949-2025), vooral bekend van haar pioniersrol naar oral history, een groot hoorcollege voor jongerejaars. Het zal begin 1980 zijn geweest. Een volle zaal, maar Leijdesdorff begon niet te spreken, ze keek spiedend rond en zei: „Er is hier een fascist aanwezig, en ik weiger college te geven totdat diegene zich meldt.”

Het werd na verloop van tijd zeer ongemakkelijk, er meldde zich natuurlijk niemand. Hoe deze impasse werd verbroken is mij ontschoten, maar mijn eigen reactie is me bijgebleven. Even gespeeld met het idee om mijn vinger op te steken, zodat het college doorgang kon vinden, want werkelijk, fascisten, aan die linkse, politicologische faculteit, ik kon mij daar niets bij voorstellen. Toch niet gedaan. De anekdote is voor mij even onduidelijk gebleven als toen.

Overigens was het in die tijd dat Janmaat van de Centrumpartij opkwam en in 1982 Tweede Kamerlid werd, tot ontzetting van de andere 149 Kamerleden.

Zo was de tijdgeest, hoe non-conformistisch die ook mocht zijn: het was absoluut not done je tot de Centrumpartij te bekennen, dat taboe stond recht overeind en wat mij betreft had dat zo mogen blijven. Enfin, Janmaat is gestorven, we kregen er andere, veel grotere partijen voor terug, die zich ook toelegden op ‘eigen volk eerst’, maar ze toverden het om tot ‘vrijheid’ of ‘democratie’. Het taboe op die etnostem verdween, sterker nog, het werd een teken van de ‘proteststem’ die luid en duidelijk moest worden gehoord. De actievoerders waren van kamp gewisseld, en het gebrek aan schaamte ook. Radicaal-rechts was ineens taboedoorbrekend.

Twee dagen geleden moest het gemeentehuis van IJsselstein eraan geloven, een week daarvoor werden de ruiten ingegooid van het leegstaande gemeentehuis in Loosdrecht, waar asielopvang zou komen. Ik stel het me voor: met een vastberaden groep verniel je de toekomstige woonruimte van asielzoekers, die ontheemd zijn. Maar jij bent bang voor overlast, want jij hebt niet alleen een huis, maar ook een dochter in de kwetsbare leeftijd. Die kwetsbaarheid van vrouwen kan lang aanhouden, zoals de Franse Gisèle Pelicot (nu 73) bewees. Daar kwam bij mijn weten geen asielzoeker aan te pas.

De moedwil om toekomstige opvangruimte te vernielen, nog voordat iemand er een toevlucht kan vinden, is adembenemend. En dan de zweem van begrip waarop die actievoerders mochten rekenen, ook zij die van verre kwamen. Je kan het niet gelijkstellen aan de Duitse Kristallnacht van november 1938, waarin een massale pogrom tegen Joden en hun bezit losbarstte. Maar het begin is er. Het spookje waart rond.

Tegelijkertijd stel ik me voor dat die ruitensmijters een bevrijdende ervaring rijker zijn: het hoort eigenlijk niet, maar we doen het lekker toch, want we zijn echt boos. Dat is de naargeestige kant van het taboedoorbrekende, de kant die het eigen geweten het zwijgen oplegt (indien aanwezig) en het onmaatschappelijke viert.

Je kan schaamte overwinnen, dat is soms individueel bevrijdend. Maar er bestaat ook de mogelijkheid dat gezamenlijk de sluizen van de hel worden opengezet.

Tweede Wereldoorlog

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next