Het ‘Gentle Men Retreat’ op Ibiza moet mannen zachter en gevoeliger maken. Verslaggever Siem Buijsse ging mee op deze vijfdaagse (en nogal prijzige) retraite, om te kijken of zijn aanvankelijke cynisme wel terecht was. En wie weet kon hij er nog wat van leren.
is televisierecensent voor de Volkskrant.
‘Mannen!’, roept Robert (53) op het vliegveld van Ibiza, voordat hij mij en Niels (50) een stevige handdruk geeft. Beiden zijn op het oog geen spirituele types. Robert is een wat stugge Flevolandse ondernemer, Niels is werkzaam in de financiële sector. Toch zullen wij binnenkort samen door onze binnenwereld glijden tijdens taoïstische meditaties, op zoek naar onze innerlijke glimlach. We zijn hier namelijk allemaal voor de ‘Gentle Men Retreat’, een spiritueel geïnspireerde mannenretraite.
‘Mensen kennen Ibiza van de drugs, maar het schijnt ook een erg spirituele plek te zijn’, zegt Niels, terwijl we in een huurauto langs billboards voor feesten met Armin van Buuren rijden, onderweg naar het binnenland. Daar wacht een luxe landgoed, waar wij de komende vijf dagen intensieve ‘coaching’ krijgen – om zo, als het goed is, zachter en gevoeliger te worden.
Robert doet dat op advies van zijn relatietherapeut: hij verloor zich jarenlang zo in zijn werk dat het hem bijna zijn huwelijk kostte. Ook Niels wil meer ‘in touch’ met zijn gevoelens komen. Dat kost ze zo’n 2.000 euro, exclusief vliegtickets.
De andere deelnemers van de retraite – we zijn met z’n zevenen – kampen met vergelijkbare problemen. Veel zijn mannen van middelbare leeftijd, die van hun vader hebben meegekregen dat ze bovenal harde werkers moeten zijn. Over gevoelens en onzekerheden praten ze normaal gesproken weinig.
‘Eigenlijk is dit een soort heropvoeding voor mannen’, zegt ‘facilitator’ Sjoerd den Daas (41) tegen mij, nadat hij ons heeft verwelkomd met glazen gingerbeer – we drinken geen alcohol tijdens deze retraite. Dit is de vierde keer dat hij die organiseert. Dat doet hij samen met Mano de Kok (54), die hij kent uit de wereld van ‘tantra’, een mystieke traditie gericht op geestelijke verruiming.
‘Je kunt dit zien als ons antwoord op de vrouwonvriendelijke manosfeer’, vervolgt Den Daas. ‘We willen mannen leren hun krachtige én zachte kanten te omarmen. Dat gaat makkelijker als er geen vrouwen bij zijn: mannen houden zich dan minder groot.’
Jaren geleden maakte Den Daas carrière bij Shell, ‘een wereld van veel geld, hard werken, bier drinken, auto’s kopen’. Dat bleek onbevredigend. Hij stortte zich daarom op spiritualiteit en ging op reis door India en Thailand. Daarna volgde hij twee jaar een opleiding tot therapeut.
De Kok, die eerder een succesvol podotherapeutisch bedrijf had, las op zijn 15de al boeken van goeroe Bhagwan Shree Rajneesh. Net als Den Daas volgde hij verschillende trainingen tot coach. ‘Ik was een prima podotherapeut’, zegt hij. ‘Maar als coach zou ik mezelf een 9 plus geven.’
Met datzelfde zelfvertrouwen benaderde De Kok mij in februari via Instagram. In de Volkskrant was net een televisierecensie van mijn hand verschenen, over het Ik vertrek-achtige programma Het roer om. Dat volgde De Kok, die met zijn vrouw naar Ibiza verhuisde om een retraitecentrum te openen.
Mijn recensie was behoorlijk cynisch. Ik ergerde me aan hun onwetenschappelijke geneuzel over energiestromen, aan de commerciële inslag van de spirituele wereld, aan het feit dat deze retraites zo nodig moesten plaatsvinden op een eiland dat al bezwijkt onder het massatoerisme.
Een dag later kreeg ik een uitnodiging van De Kok: doe als deelnemer mee aan een retraite, onderzoek of je cynisme terecht is en schrijf er een artikel over.
Natuurlijk heeft hij daar zelf ook baat bij: zelfs een negatief stuk levert naamsbekendheid op. Maar mij bood het een kans om een bloeiende wereld van binnenuit te bekijken. Want hoewel harde cijfers ontbreken, zijn zelfontwikkelingsretraites in het buitenland – voor mannen, vrouwen of koppels, sommige spiritueel, andere in complete stilte of juist gefocust op lichaamsbeweging – een populair fenomeen.
Alleen al op het landgoed waar wij verblijven, vinden er zo’n dertig per jaar plaats. Ook dat de retraite specifiek is gericht op mannen intrigeert, nu het concept ‘mannelijkheid’ zulke turbulente tijden doormaakt.
En wellicht heb ik met een retraite zelf ook iets te winnen. Want hoewel ik met mijn 24 jaar veruit de jongste ben, deel ik wel degelijk iets met de andere deelnemers. Ook ik kan mezelf verliezen in mijn werk: ik lig nachten wakker van deadlines en houd als ik gestrest ben weinig rekening met anderen. En ik zit meer in mijn hoofd dan me lief is – het zou vermoedelijk goed zijn om vaker te huilen.
Dat is ook wat ik de eerste avond vertel, wanneer we delen waarom we hier zijn. We zitten op matjes in een soort yogastudio, door De Kok en Den Daas omgedoopt tot ‘De Ruimte’. Als iemand is uitgepraat, moet hij afsluiten met ‘aho’ – een woord dat volgens De Kok wordt gebruikt in mannencirkels van inheemse Amerikanen.
Zojuist, bij binnenkomst, hebben we gedanst op No Woman, No Cry van Bob Marley. ‘Ga lekker los!’, riep Den Daas. ‘Er zijn geen vrouwen bij, je hoeft voor niemand je best te doen!’ De meeste mannen dansten ingetogen op hun plek, blik naar de grond, met gebalde vuisten.
De Kok en Den Daas schetsen hoe de komende dagen eruit gaan zien. Elke ochtend om acht uur yoga of meditatie, elke middag een stevige wandeling, en twee keer per dag een lange sessie in De Ruimte. Ze raden ons aan geen contact te hebben met het thuisfront – dat kan ons ‘proces’ in de weg zitten.
Veel van de oefeningen die wij de daaropvolgende dagen doen, zijn niet erg opzienbarend. We moeten bijvoorbeeld iemand minutenlang in de ogen kijken, of ons laten vallen en erop vertrouwen dat de andere mannen ons opvangen.
Andere oefeningen zijn wat onorthodoxer. Op dag twee moet Robert mijn onderarm masseren, terwijl ik aangeef wat ik fijn vind – een oefening uit de tantrawereld. In opperste concentratie streelt hij me met onzekere, eeltige vingers. Ik geef aan dat het iets harder mag, daarna schieten we in de lach. Ongemakkelijk, maar ook vertederend.
Vervolgens praten we met zijn allen over seksualiteit, volgens Den Daas de ‘eeuwige dans van het universum, waar alles uit voortkomt’. De mannen vertellen enigszins onwennig wat ze fijn vinden in bed, of ze liever ‘geven’ of ‘ontvangen’.
Maar het gaat er soms ook heftiger aan toe. Veel oefeningen zijn gericht op het laten vrijkomen van weggestopte emoties. De Kok vertelt dat hij mensen die niet boos kunnen worden nooit helemaal vertrouwt. ‘Die vullen zichzelf als een ton, tot het eruit knalt’, zegt hij. ‘Daarom kun je je boosheid er beter gedoseerd uit laten. Schreeuw soms in je auto, dat lucht op.’
Om die ton nu alvast wat te legen, stoten we bijvoorbeeld in een cirkel met ons kruis tegen een kussen. Den Daas zegt dat we moeten schreeuwen vanuit onze ballen. Ik kan me er niet aan overgeven. Het voelt agressief, seksueel, overdreven mannelijk – niet erg ‘gentle’, dus.
Maar dat zie ik volgens De Kok en Den Daas verkeerd: ze leggen uit dat er, volgens het taoïsme, veel energie in het bekken zit. Ze benadrukken dat ze deze oefening dus ook met vrouwen hadden kunnen doen.
Toch blijft het knagen. Enkele dagen later, tijdens een rondje delen, blijkt dat een deelnemer ooit is bedrogen door een ex-vriendin, maar daar nooit echt kwaad over is geworden. Dat opgekropte gevoel moet eruit, volgens de facilitators. Daarom raden ze hem aan eerst tegen een kussen te slaan en daarna, wederom, te stoten met zijn kruis, terwijl hij zegt wat hij van haar vindt. Den Daas hitst hem op, noemt hem een ‘slappe zak’; de deelnemer gromt, stoot en roept ‘kuthoer’.
Hoewel die deelnemer mij later vertelt dat dit voor hem niet seksueel voelde – en ik hem geloof – heb ik serieuze bedenkingen bij deze werkwijze. Omdat ik het een vrouwonvriendelijke manier vind om door een ‘blokkade’ heen te breken. En omdat het, vermoed ik, nogal afwijkt van methodes die binnen de reguliere geestelijke gezondheidszorg worden gebruikt.
Na de retraite leg ik dat voor aan psychiater Rien Van, opleider bij ggz-instelling Arkin en hoofdredacteur van het Tijdschrift voor Psychiatrie. ‘Het opzoeken van emoties komt ook voor binnen reguliere vormen van psychotherapie’, zegt Van. ‘Dan doet een patiënt bijvoorbeeld alsof hij tegenover een ouder zit en mag hij zijn woede uiten. Maar dat gebeurt dan binnen een wetenschappelijk kader. Het is niet bewezen dat woede uiten door te schreeuwen een positief effect heeft.
‘Dat bewijs ontbreekt trouwens voor de meeste oefeningen en sessies die tijdens dit soort retraites worden aangeboden’, vervolgt Van. ‘Er wordt ook geen onderzoek gedaan naar behaalde resultaten, wat wel nodig is. Als deelnemer weet je hierdoor niet goed waar je op intekent.’
Toch zijn de organisatoren van de Gentle Men Retreat overtuigd van hun methodes. ‘Ik denk dat deze retraite meer effect kan hebben dan sessies met een klinisch psycholoog’, zegt De Kok. ‘Een psycholoog kan namelijk niet, zoals wij, tegen een cliënt staan duwen. Dat mag niet volgens hun protocollen.’
Maar ‘die protocollen zijn er wel met een reden’, zegt Van. ‘Die beschermen patiënten en geven de grenzen aan van de relatie met de hulpverlener. Intensieve en confronterende methoden hebben niet voor iedereen een positieve uitwerking en kunnen bijwerkingen hebben, zoals een toename van angstklachten.’
Daar hebben veel deelnemers geen boodschap aan. ‘Ik heb juist geen hoge dunk van psychologen’, zegt Walter, een Friese ICT’er. ‘Ik heb iets nodig wat me prikkelt en me uit mijn comfortzone trekt – en Mano en Sjoerd doen dat. Bovendien heb ik het idee dat je pas naar de psycholoog gaat als het helemaal misgaat. En ik ben hier niet omdat ik genezen moet worden.’
‘Voor veel mannen is het een minder grote stap om even op pad te gaan met een stel mannen, dan om contact op te nemen met een psycholoog’, merkt Den Daas op. ‘Dan zit je ook nog eens met lange wachttijden. Ik geloof echt dat dit een krachtig alternatief is voor reguliere geestelijke gezondheidszorg.’
Dat alternatief is er wel alleen voor wie het kan betalen. ‘Maar iedereen die elk jaar op vakantie kan, kan in plaats daarvan ook een keer op retraite gaan’, zegt De Kok daarover.
Na enkele dagen samen ‘op pad’ te zijn geweest, laten de deelnemers steeds meer van zichzelf zien. Vrijwel iedereen huilt een keer tijdens een oefening, of deelt iets wat hij nooit eerder heeft uitgesproken. Ook Robert, die zich aanvankelijk afzijdig hield, breekt open: hij lacht, stelt vragen, zegt dat hij zijn vrouw wil vertellen dat hij van haar houdt.
Ook buiten De Ruimte gaan de gesprekken steeds minder vaak over auto’s en dieselprijzen. ’s Avonds zit een drietal mannen steevast poedelnaakt in een te kleine jacuzzi. Daar praten ze over hun band met hun volwassen kinderen en hoe lastig hun vrouwen het hebben met de menopauze.
Hoewel hun kwetsbaarheid me raakt, blijft mijn eigen doorbraak uit. Slechts één keer komt er iets los: tijdens een oefening waarbij we 45 minuten onophoudelijk ademen door onze mond. Door het zuurstofoverschot beland ik een trance. Ineens lig ik te huilen omdat ik gepest werd op de basisschool. Maar daar blijft het bij.
Volgens De Kok en Den Daas laat ik mijn gevoel niet toe. Ook andere deelnemers blijken dat te zien. Tijdens een oefening, waarin we tegen iedereen mogen zeggen wat onze ‘connectie nog in de weg staat’, stapt Niels op me af. Hij zegt meelevend dat hij het jammer vindt dat ik me niet helemaal openstel.
Daar heeft hij gelijk in: het schreeuwen doet me weinig en ik voel me niet comfortabel genoeg om het achterste van mijn tong te laten zien. Maar ik bedenk me ook stilletjes dat ik daar normaal gesproken, bij mijn vrienden, familie en partner, weinig problemen mee heb.
Ik vraag me af wat er van de openheid van de andere mannen overblijft zodra ze thuiskomen, waar alles is zoals ze het hebben achtergelaten. Zijn vijf dagen in een gecontroleerde omgeving, ver van huis, genoeg om patronen los te wrikken die al tientallen jaren zijn ingesleten?
Walter weet hoe lastig dat is. Vorig jaar deed hij ook al mee aan deze retraite. ‘In de dagen daarna was ik Walter 2.0’, zegt hij. ‘Ik voelde me spiritueler, verborg me niet achter grapjes en was intiem met mijn vrouw. Maar al snel raakte ik dat kwijt: ik viel terug naar Walter 1.1.’ Om hun vooruitgang nu vast te houden, hebben Robert en hij afgesproken elkaar elke twee weken te bellen.
Door hun verhalen besef ik des te meer dat ik straks terugkeer naar mijn progressieve bubbel, waarin kwetsbaarheid bij mannen allang wordt aangemoedigd. Volgens De Kok en Den Daas draagt deze retraite eraan bij dat dat overal normaler wordt.
‘Ik denk dat dit onze manier is om het patriarchaat, of hoe je het ook wilt noemen, in heel kleine stukjes af te breken’, zegt De Kok. ‘Deze mannen geven straks een ander voorbeeld aan hun zonen.’
Ze geloven dat deze retraites, en spiritualiteit in het algemeen, de wereld een zetje in de juiste richting kunnen geven. ‘Wie alleen in zijn hoofd leeft, heeft doorgaans weinig empathie en compassie’, zegt De Kok.
‘Wij willen mannen in contact brengen met hun hart, ervoor zorgen dat ze wijze keuzes voor zichzelf én anderen gaan maken. Daarom vind ik het altijd fijn als mannen met macht, geld en invloed naar deze retraites komen. Het liefst zou ik ook Trump en Poetin wijzer maken.’
Het is een komische gedachte: die twee wereldleiders op een yogamat. Maar het stemt ook treurig dat er blijkbaar prijzige retraites nodig zijn om mannen te leren dat de gevoelens van zichzelf én anderen zwaarder wegen dan geld en macht. Bovendien lijkt het me symptoombestrijding, in een wereld waarin vaak juist het tegenovergestelde wordt beloond.
Ik denk terug aan een gesprek met projectontwikkelaar Jack, een van de deelnemers. Hij zei: ‘Ik zit in een wereld waarin veel geld omgaat en je resultaten moet laten zien. Je moet doelgericht en rationeel zijn, maar daardoor ga je soms wel over grenzen van anderen heen.’
Op de laatste dag van de retraite vertelt Jack dat hij daar vanaf nu meer balans in hoopt te vinden. Hij heeft het gevoel dat er een frisse wind door zijn leven waait.
Mijn eigen cynisme is niet helemaal verdwenen. Maar na zes dagen ben ik wel gehecht geraakt aan deze worstelende mannen – en hoop ik dat deze retraite hun én hun omgeving echt iets oplevert. Later vertelt Robert hoe spannend hij het vindt om naar huis te gaan. Hij vraagt om de afspeellijst met liedjes waarop we hebben gedanst – misschien helpt die hem dit gevoel vast te houden.
Over een maand horen we of dat is gelukt: dan videobellen we met de hele groep. Maar nu dansen we nog één keer, op een hardstyleremix van het favoriete nummer van een overleden vriend van een deelnemer. Die barst direct in tranen uit. We stampen, springen rond, trekken collectief onze shirts uit en eindigen in een zweterige groepsknuffel.
Ibiza is nog geen twee keer zo groot als Vlieland. Toch bezoeken meer dan drie miljoen toeristen per jaar het Spaanse eiland. In de jaren zestig kwamen de eerste hippies, daarna volgden massa’s feestgangers.
‘En inmiddels is het een eiland voor miljonairs’, zegt Joan Lluís Ferrer. Hij is journalist voor Diario de Ibiza en schreef twee boeken over de effecten van massatoerisme op zijn eiland. ‘Een groot deel van de lokale bevolking kan allang geen huis meer betalen’, vervolgt hij. Voor de Gentle Men Retreat huren De Kok en Den Daas een landgoed van Nederlanders.
‘Ook retraites zijn deel van het probleem, ook al vinden ze buiten het hoogseizoen plaats’, zegt Ferrer. ‘Elke toerist die naar Ibiza komt, is er een te veel. Dat landgoed heeft bijvoorbeeld een zwembad, terwijl de watervoorziening hier al enorm onder druk staat. Ik snap sowieso niet waarom je een zwembad nodig hebt om aan jezelf te werken.’
Verslaggever Siem Buijsse mocht kosteloos deelnemen aan alle oefeningen. De Volkskrant betaalde wel voor zijn verblijf. Om de privacy van de deelnemers te respecteren, zijn hun namen gefingeerd.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant