Home

5.500 jaar oude pestuitbraak laat zien: ook toen al sprongen dierlijke ziekten over op mensen

Al ver voor de Zwarte Dood in de 14de eeuw rondwaarde, had de mens te maken met de pest. In Siberië, waar knaagdieren ook nu nog weleens mensen besmetten, kregen jager-verzamelaars al zo’n 5.500 jaar geleden de pest, blijkt uit een publicatie in Nature.

is wetenschapsredacteur bij de Volkskrant, gespecialiseerd in klimaat en microleven.

Dat betekent dat ‘zoönosen’, dierlijke ziekten die overspringen op de mens, al zeker 5.500 jaar bestaan. Met de pest moet het in de prehistorie zijn gegaan zoals vandaag de dag met het Andesvirus op cruiseschip de Hondius of met ebola in Congo: een gevaarlijke dierziekte besmet een mens, waarna de patiënt ook zijn naasten besmet.

In Siberië zouden de daar levende wilde marmotten de aanstichters zijn geweest, denken archeologen die hun bevindingen woensdag beschrijven in vakblad Nature. Ook nu nog raken elk jaar wereldwijd nog altijd zo’n duizend tot tweeduizend mensen besmet met de pest, van wie de meesten in Afrika. De ziekte is tegenwoordig te behandelen met antibiotica.

Deense archeologen die al jaren werken aan een opgraafproject in Siberië, zaten met een raadsel: in enkele groepsgraven die ze onderzoeken, liggen meerdere doden die min of meer gelijktijdig moeten zijn overleden. ‘Het was een raadsel waarom al deze mensen op zo’n tragische manier kort na elkaar zijn gestorven’, aldus hoofdonderzoeker Martin Sikora van de Universiteit van Kopenhagen, op een besloten bijeenkomst met de vakpers.

DNA van de pest

Totdat de onderzoekers uitplozen wat voor DNA er in de skeletresten is achtergebleven. Van de 46 doden droegen er 18 genetisch materiaal van een oervorm van de pestbacterie, Yersinia pestis. De jagers-verzamelaars moeten besmet zijn geraakt met de extreem dodelijke longpest – en dat in zeker twee gevallen, eeuwen na elkaar. ‘Een complete verrassing’, zegt Sikora.

De ziekte moet zich ook destijds al van mens op mens hebben verspreid. In een van de vier graven die de wetenschappers onderzochten, vonden ze de resten van drie nog jonge kinderen van 5 tot 8 jaar, allen gestorven aan de pest, bij elkaar begraven, en, naar het zich laat aanzien, nichtjes of zusjes van elkaar. In een ander vond men een vrouwelijke dertiger met haar nichtje en neefje, beiden tieners, alle drie met sporen van de pestbacil in hun botten.

De ontdekking verandert ook het beeld van de prehistorie. Archeologen namen aan dat de pestbacterie de mensheid pas besprong bij de opkomst van de landbouw, met vee, dichter bevolkte dorpen en knaagdieren die daarop afkomen. Zo lijkt de pest te zitten achter het geheimzinnige, plotse verval van de ‘trechterbekercultuur’, een agrarische samenleving zo’n vijfduizend jaar geleden die in ons land bekend is van de hunebedden.

‘Heel belangrijk artikel’

Een ‘heel belangrijk artikel’, aldus conservator prehistorie Luc Amkreutz van het Rijksmuseum van Oudheden. ‘Dit stelt wel op scherp dat dit vaker en dieper in de tijd kan hebben gespeeld.’ Kanttekening is wel dat de jager-verzamelaars uit Siberië geen rondtrekkende groepjes jagers waren, zegt hij. ‘Deze mensen woonden langdurig op één plek, in een voedselrijke omgeving aan de rivier, in relatief grote groepen. Dat is anders dan hoog mobiele groepjes jager-verzamelaars zoals de San uit Afrika’.

Hoe de ziekte zich openbaarde, is gissen. ‘Maar we weten dat de hedendaagse longpest extreem ernstige, extreem dodelijke longontsteking geeft’, aldus Sikova. Dat vooral kinderen het slachtoffer waren, kan te maken hebben met de bacteriestam, denken de onderzoekers. De bacterie had rond die tijd een gen aan boord waarvoor vooral kinderen extreem gevoelig zijn.

Alles over wetenschap vindt u hier.

Source: Volkskrant

Previous

Next