Home

Even een pasgeboren baby aangeven bij de gemeente was niet makkelijk: graag eerst een online afspraak maken, meneer

Een geboorteaangifte moet binnen drie dagen gedaan worden in de gemeente waar het kind ter wereld is gekomen. Voor een statushoudergezin uit het Gelderse Rozendaal was dat in Arnhem, de buurgemeente. Moeder was dáár bevallen, in het ziekenhuis, dus toog dorpsgenoot Fernand Schakenraad, die het gezin namens Vluchtelingenwerk begeleidde, dáárheen met de kersverse vader. Rechtstreeks vanuit het ziekenhuis naar het gemeentehuis.

Had hij een afspraak gemaakt? Nee, dat niet. Oh, maar dan gaat het niet, hoorde Schakenraad aan de balie. De afspraak moest eerst ingepland. Online. Op „afspraak maken” klikken. Dan „selecteer een product”. „Kies een locatie”. „Datum en tijd”. Ja maar. Nee, nee. En toen ging Schakenraad, soms kun je niet anders, op zijn strepen staan. „We gaan hier niet weg vóórdat het kind is aangegeven!” Daarna was het alsnog zo gepiept.

Voor alles een afspraak maken, „zelfs voor de geboorte van een kind”; Schakenraad is het gewoon niet gewend. Want in zijn eigen Rozendaal, met 1.838 inwoners de kleinste gemeente van het vasteland, kun je voor zoiets gewoon binnenlopen. In het gemeentehuis, een statig gebouw met marmeren vloer, kennen de inwoners zowat alle 13,5 fte bij naam. De lijntjes zijn kort, de sfeer gemoedelijk.

Zal dat blijven, is de vraag nu het gemeentebestuur van Rozendaal geen mogelijkheden meer ziet zelfstandig te blijven. De kosten nemen toe, wettelijke taken worden complexer en een fusie is nabij, kregen de inwoners vorige week te horen. En ik moest denken aan mijn bezoek aan dit Gelderse kasteeldorp alweer jaren geleden, toen de medewerkers van ditzelfde gemeentehuis trots vertelden over „het Swiebertjegevoel van de jaren vijftig” dat hier nog heerst.

Kaarten uit 1724

„Je moet zo’n fusie zien in groter verband”, zegt Fernand Scharlaken, die ik destijds ook sprak. Op tafel in zijn achterkamer liggen kaarten van Rozendaal die teruggaan tot 1724, toen Landgoed Rozendael nog eigendom van een adellijke familie was. Een eeuw later deelde Napoleon ons land op in gemeenten, ooit liefst 1.250. Dat aantal daalde gestaag door schaalvergroting, aangejaagd door de verstedelijking.

Het mag een wonder heten dat Rozendaal al die tijd de dans is ontsprongen. En de laatste jaren leefde het kasteeldorp al in geleende tijd want buurgemeente Rheden verzorgt de vuilophaal, het welzijn, de zorg, sport, toezicht, de basisregistratie, grafdelven. Rozendaal, een van de rijkste gemeenten van Nederland, betaalt ervoor. Maar te weinig, vindt Rheden.

Kunnen we dan niet nóg meer belasting betalen, hoorde Scharlaken een inwoner op de bijeenkomst zeggen. Nee, geen optie. Maar zelf maakt hij zich toch ook wel zorgen. Want wat doet zo’n fusie met de bureaucratie, de identiteit van het dorp? Houd je grip op je eigen leefomgeving?

Ik moet denken aan de frustratie die ik eens proefde bij inwoners van gemeenten die eerder fuseerden. In het Limburgse Thorn werd plots entree geheven voor het enige zwemstrandje in de buurt. Inwoners raakten witheet, óók omdat ze het bestuur van Maasgouw – een fusie van drie gemeenten – amper konden bereiken. In het Drentse Sleen werd permanente bewoning op een vakantiepark hard aangepakt en bewoners raakten vóóral woedend omdat ze maar niet in gesprek konden met de wethouder van Coevorden, een fusie van vijf gemeenten.

Voor Rozendaal ligt een fusie met Rheden en Brummen voor de hand. Die willen toch al samenvoegen, hoorde Scharlaken op de bijeenkomst. „Prima, zei een bewoner. Maar dan moet die nieuwe gemeente wel Rozendaal gaan heten.”

Freek Schravesande doet elke donderdag ergens vanuit Nederland verslag

Migratie en vluchtelingen

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next