Home

Punkers, gothics en ‘Mods’: in Londen opent het Museum of Youth Culture zijn deuren

Jeugdcultuur Voor het eerst is er een museum dat speciaal gaat over subculturen onder jongeren. Door de jaren heen hebben jongeren altijd eenzelfde soort uitstraling gehouden. Met één verschil: „Vroeger zag je amper mensen met overgewicht. Nu wel.”

Fans van Marilyn Manson in de London Arena, 2001.

In een vitrinekast ligt een bordeauxrode walkman van Sony met een stapeltje cassettebandjes ernaast. De inhoud staat er in keurig, rond tienerhandschrift op geschreven: de topveertig van 3 augustus 1997. ‘Picture of You’ van Boyzone. ‘Black Eyed Boy’ van Texas.

Verderop in de zaal staat een telefooncel, ernaast een bordje met uitleg hoe belangrijk telefooncellen waren voor het organiseren van raves in de jaren tachtig en negentig. „Om politieoptreden te vermijden, werden locaties van feesten geheim gehouden tot het laatste moment.” De feestgangers moesten vanuit een publieke telefooncel een bepaald telefoonnummer bellen om te horen waar ze heen moesten. „Zulke clandestiene netwerken zorgden voor geheimzinnigheid en creëerden een gevoel van gemeenschap en avontuur onder ravers.”

In de Britse hoofdstad Londen opent dit weekend het Museum of Youth Culture. Het is volgens de organisatie het eerste museum wereldwijd dat speciaal is gericht op subculturen onder tieners en, vooruit, begin twintigers. De locatie is toepasselijk: in het Londense stadsdeel Camden. In de jaren zeventig en tachtig was Camden dé ontmoetingsplaats voor punkers en gothics, in de jaren negentig was de wijk het hart van de Britpop (denk concerten van Oasis, Blur en Pulp). En begin deze eeuw woonde zangeres Amy Winehouse hier, tot haar dood in 2011.

Een groep breakdancers in Londen, 1983

Clubbezoekers in Dingwalls, Londen, jaren negentig.

Honderd jaar jeugdcultuur

Het museum zit in een kelder, het industriële betonnen trappenhuis geeft het gevoel alsof je een club binnengaat. Aan de muur hangen levensgrote foto’s van groepjes en groepen jongeren, als behang op de muren geplakt. Een clubje jongens op Vespa-scooters, begin jaren zestig: het zijn Mods, modernisten. Drie gothic tieners bijna helemaal in het zwart en met netpanty’s met gaten erin, die verveeld de lens in kijken. Belfast, 2005.

Deze eerste tentoonstelling – Subculture Street Party – gaat over buiten feestende jongeren en is bedoeld als overzicht van honderd jaar jeugdcultuur, vertelt programmamanager Lisa der Weduwe. „We wilden dat gevoel vangen van die ene zaterdag middenin de zomer, als de vakantie vier weken op gang is. Jij en een vriend bedenken wat je gaat doen, je verveelt je wat, je hangt rond, je bent samen. Dat wilden we eren.” Volgende tentoonstellingen gaan bijvoorbeeld over het beroemde carnaval in Notting Hill en over punk, de rebelse stroming die vijftig jaar geleden in Londen begon.

De zalen hebben geen traditionele opzet met vitrinekasten en gespannen lijnen voor kunstwerken waar je als bezoeker achter moet blijven. In de grootste zaal is een professioneel geluidssysteem ingebouwd, alle museumkasten kunnen aan de kant en de ruimte kan ook gebruikt worden voor yoga of dj-lessen. Der Weduwe: „Ik zou hier dolgraag discofeesten voor jongeren onder de achttien faciliteren.” Jongeren hebben het in het Verenigd Koninkrijk toch al lastig, zegt ze, met veel publieke voorzieningen die zijn wegbezuinigd.

Jongeren in Ozzfest, Milton Keynes Bowl, 2001.

De basis van het museum was een privéarchief met foto’s van jongeren en feesten, van verzamelaar Jon Swinstead. Gaandeweg kwamen daar donaties van duizenden Britten bij: objecten, fotoboeken, platen, flyers voor feesten, alles dat voor hen hun tienerjaren typeerde. Ook al veranderen de stijlen door de jaren heen, jongeren hebben altijd eenzelfde soort uitstraling, zegt Swinstead. Met één verschil: „Vroeger zag je amper mensen met overgewicht. Nu wel.”

In de kleine zaal is een tentoonstelling die is bedacht samen met een groep jongeren, met een thema dat voor alle generaties herkenbaar moet zijn: dingen waar je tegen je ouders over hebt gelogen. Er staat een opgemaakt eenpersoonsbed midden in de kamer met een regenboogvlag, er is een muur met briefjes waar je je eigen leugens kunt opbiechten. En er hangen bonnetjes aan de muur met clandestiene aankopen die leerlingen deden tijdens hun pauze op school: een witte KinderBueno, een zakje Hula Hoops, Pokémonkaarten.

Raves zonder telefoon

De inclusiviteit en diversiteit spat van de eerste tentoonstelling af. Er is uitleg over Indiase Bhangra-feesten, waarbij jongeren overdag naar de club gingen omdat „bekrompen clubhouders hun nachten niet aan Aziatische jongeren wilden opofferen”. Er zijn foto’s van demonstraties voor gelijke behandeling van homo’s en hetero’s, van begin jaren zeventig. Ernaast een foto van jongeren met een Jamaicaanse achtergrond, met uitleg over de invloed van Jamaicaanse ska-muziek.

Protestmars van The Gay Liberation Front, Londen, 1971.

En Londen mag altijd een belangrijke rol hebben gehad in het ontstaan van jeugdculturen, het museum probeert bewust niet Londen-centrisch te zijn, zegt Lisa der Weduwe: „Het gaat ons ook om die ene goth in een dorp, of om de kleine feestjes met tien man ergens achterin een pub; zulke verhalen willen wij vertellen.”

Linett Kamala was een van de eerste vrouwelijke dj’s op het carnaval in de Londense wijk Notting Hill; dat was in 1985, ze was vijftien jaar. Ze doneerde een foto van dat moment aan het museum: „Het klinkt belachelijk, maar ik had nog nooit een meisje achter de draaitafels gezien. Het gaat erom dat iemand je die kans geeft.” Kamala ontwierp het geluidssysteem voor het museum en cureert ook de tentoonstelling over Notting Hill Carnival, die in augustus (naast Subculture Street Party) opent.

Ze krijgen vaak de vraag hoe het zit met jongeren nu, zegt Der Weduwe. Zijzelf denkt dat subculturen nog steeds bestaan en zullen blijven bestaan. „Alleen is dat altijd náást de populaire cultuur. En vaak is het maar een kleine groep die zich er echt helemaal in onderdompelt; dat vergeten we soms.” Natuurlijk zijn nog steeds subculturen in ontwikkeling, zegt ook Linett Kamala. „Er is nu bijvoorbeeld een hele scene met feesten waar geen camera’s en telefoons zijn toegestaan.” Maar jongeren houden dat liever geheim: „Zodra zoiets naar buiten komt, is het geen subcultuur meer.”

Subculture Street Party, Museum of Youth Culture, Londen, 51 St Pancras Way. Te zien vanaf za 20 juni (einddatum van deze tijdelijke openingsexpositie nog niet bekend). 

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next