Home

De aangenaam anekdotische Franse tragikomedie ‘À pied d’oeuvre’ zit vol scherpzinnige observaties

Bastien Bouillon schittert subtiel in deze fijnzinnige romanverfilming van Valérie Donzelli, over een ploeterende schrijver die het hoofd boven water probeert te houden.

schrijft voor de Volkskrant over film, met speciale aandacht voor filmmuziek en horror.

Schrijver worden is één ding, zegt veertiger Paul Marquet in de Franse tragikomedie À pied d’oeuvre. Zie het vervolgens ook maar eens te blijven. Zijn tot dusver gepubliceerde boeken werden goed ontvangen, maar verkopen slecht. Pauls nieuwe manuscript valt niet in de smaak bij zijn uitgever. Een nieuw voorschot krijgt hij niet, terwijl Paul nauwelijks inkomsten heeft.

Hoe nu verder, vraagt Paul (Bastien Bouillon) zich af, in deze fijnzinnige verfilming van Franck Courtès’ autobiografische roman. Hoe kan Paul, die een succesvolle carrière als fotograaf opofferde aan zijn literaire ambities, zorgen dat er brood op de plank komt én het waakvlammetje van het schrijven brandend houden?

De Franse cineast en actrice Valérie Donzelli plaatst de held van haar achtste film nadrukkelijk in een tussenbestaan. Aan alles kun je merken dat Paul zich bevindt in een vaag gebied tussen leven, werk en schrijverschap – ook omdat zijn ex (Donzelli zelf) met hun tienerzoons naar Canada is vertrokken.

Hun sjieke Parijse appartement maakt noodgedwongen plaats voor een geleend souterrain. Kijk hem daar zitten achter zijn laptop, tussen andermans spullen, terwijl hij door de ramen slechts de benen van voorbijgangers kan zien. De pianomuziek van filmcomponist Jean-Michel Bernard klinkt intussen als een aarzelende melodie die zijn richting is kwijtgeraakt, maar die ook tot iets groters kan uitgroeien.

Hoofdrolspeler Bastien Bouillon gaat subtiel mee in dat onbestemde gevoel. Zonder drama vertolkt hij Paul als een solitaire (vereenzaamde?) man die zich aan de rand van een diepe persoonlijke crisis bevindt.

Tegelijkertijd suggereert Bouillons ingetogen spel al meteen iets van de standvastigheid die Paul boven water houdt, wat zijn ex, zijn vader (André Marcon), zijn uitgever (Virginie Ledoyen) én de toeschouwer ook mogen denken. Wanneer Paul aan de slag gaat als zelfstandige, zwaar onbetaalde klusser is er nog altijd íémand die in hem gelooft: hijzelf.

In zekere zin gunt ook de film hem alle tijd en ruimte, of dan toch op zijn minst het voordeel van de twijfel. À pied d’oeuvre, op het filmfestival van Venetië bekroond met de prijs voor het beste scenario, heeft een aangenaam anekdotische vertelstructuur, zonder dwingend perspectief op het hoofdpersonage. Donizelli en coscenarist Gilles Marchand maken van Paul nooit het stereotype van de mislukte schrijver, maar ook nooit een kluns van een klusser. Al evenmin is hij een romantische kunstenaar met hoofdletter K die koste wat kost trouw blijft aan zijn artistieke idealen.

Precies de rommelige bewegingsvrijheid, zou je kunnen zeggen, die Paul nodig heeft om zichzelf te herontdekken. De verschillende klussen die hij aanneemt, van het maaien van een gazon (met snoeischaar) tot het slopen van een hoogslaper, werken als korte verhalen vol scherpzinnige observaties. Observaties die Paul in zijn notitieboekje opschrijft, welteverstaan.

Mooi hoe Donzelli zulke sprekende momenten herschept met korte flashbacks; heel even verandert dan ook het karakter van de beelden, omdat cinematograaf Irina Lubtchansky van digitale shots overschakelt naar grofkorrelige 8mm-opnamen.

Flitsen van inspiratie zijn het, wellicht. Maar ook momenten waarop het moderne bestaan zich glashelder aan Paul opdringt, of het nog wat zal worden met dat schrijversleven of niet.

Drama

★★★★☆

Regie Valérie Donzelli
Met Bastien Bouillon, André Marcon, Virginie Ledoyen, Valérie Donzelli
92 min., in 36 zalen/ te zien op Picl.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next