Home

Noorse fjorden, Schotse eilanden, zelfs Eemshaven; overal verrijzen die gigantische puisten van metaal

Meneer Bland, een Texaanse boer van ver in de zeventig, kon het in 1999 niet langer verkroppen dat vrijwel nergens in zijn geliefde stadje Taylor plek was voor buitenspelende kinderen. Daarom verkocht hij 87 hectare van zijn land aan de gemeente voor een symbolisch bedrag van 10 dollar. Op die grond, tussen de Carlos G. Parker Boulevard en de Martin Luther King Boulevard, moest na zijn dood een park komen, zei hij, bedoeld voor de hele gemeenschap.

Dat park kwam er niet, want 26 jaar vol mislukte plannen en teleurstellingen later verkocht de gemeente diezelfde grond voor 10 miljoen dollar door aan Blueprint Projects, een bedrijf dat inmiddels begonnen is aan de bouw van een 135 duizend vierkante meter groot datacentrum.

Over de auteur
Jarl van der Ploeg is journalist en columnist voor de Volkskrant. Hij werkte eerder als correspondent in Italië. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Dat is weliswaar een gotspe, maar geen enorme verrassing, want OpenAI-baas Sam Altman zei vorig jaar nog in een podcast ‘dat een groot deel van de wereld na verloop van tijd vol komt te staan ​​met datacenters’. Wereldwijd wordt momenteel geaasd op braakliggende terreinen en de geografie van die waanzin omvat nu al stukken van de Noorse fjorden, de afgelegen Schotse Orkney Islands en zelfs Eemshaven; overal verrijzen die gigantische puisten van metaal en overal zorgen ze voor stress bij omwonenden.

Zo beschreven Laurens Verhagen en Frank Rensen woensdag in een mooie reportage hoe leden van de activistische beweging Geef Tegengas de bouw van een datacentrum in Amsterdam Sloterdijk probeerden te vertragen. De demonstranten waren tegen veel, zeiden ze, want datacenters staan nu eenmaal symbool voor vrijwel alles wat er mis is met de wereld.

Lang niet alle demonstranten bleken tegen AI, maar wel tegen de wildgroei ervan. Ze bleken voor vooruitgang, maar tegen de ondergang en dus zijn ze tegen de werkloosheid die AI veroorzaakt, net als de luiheid, de domheid en de seksloosheid. Ook zijn ze tegen het tijdsverlies dat verpakt wordt als efficiëntie, tegen de lelijkheid van de door AI-gegenereerde teksten en tegen de dood van de creativiteit en de oorspronkelijkheid.

Volgens het CBS gebruikten de Nederlandse datacenters in 2024 al evenveel energie als twee miljoen huishoudens. Daar zijn ze tegen, net als tegen de landschapsvervuiling die dergelijke gebouwen veroorzaken, de lichtvervuiling, de luchtvervuiling, de stank en het lawaai. Uiteraard zijn ze ook tegen de rare keelpijn die veel omwonenden voelen opkomen.

Ze zijn tegen het Microsoft-datacentrum in Middenmeer, waar het Israëlische leger volgens The Guardian meer dan tweehonderd miljoen uur aan telefoongesprekken van Palestijnen in de Gazastrook opsloeg, bedoeld om luchtaanvallen en arrestaties te coördineren. Ook zijn ze tegen het Google-datacentrum nabij Montevideo, dat 7,5 miljoen liter drinkwater per dag nodig heeft om alle servers te koelen, met dorst voor heel veel niet-artificiële mensen tot gevolg.

Waar ze ook tegen zijn: mannen die dankzij al deze gekte in hun uppie rijker kunnen worden dan het gros van de landen ter wereld. Ze zijn tegen alle aanstichters van deze revolutie die ons om zeep helpt, omdat ze tegen het uitsterven van de mensheid zijn, danwel de menselijkheid.

In het Texaanse Taylor overhandigden bewoners vorige week in totaal veertienduizend handtekeningen aan het gemeentebestuur, ook zij waren allemaal tegen. Dat bestuur knikte vervolgens vriendelijk, zei iets over bezwaren die serieus worden genomen, waarna het de hoge stapel uitgeprinte A4’tjes resoluut terzijde schoof en verder ging met het tellen van hun dollars. Het datacentrum komt er gewoon. Het park van boer Bland niet.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next