Home

In de wereld van Kluun huilt een man in zijn eentje, met een biertje op de bank

Niet weggooien, die vijftigste druk van Kluuns Help, ik heb mijn vrouw zwanger gemaakt: het boek kan zo op het plankje filosofie/ gender. En dat van die ‘menstruatiehormoontjes’, dat meent hij toch niet? Toch?

is schrijver en chef van Zondag, het essay- en boekenkatern van de Volkskrant.

Om met het feestelijke te beginnen: zojuist is de vijftigste druk verschenen van Kluuns Help, ik heb mijn vrouw zwanger gemaakt!

Het boek verscheen voor het eerst in 2004 en heeft sindsdien, schrijft het persbericht bij de jubileumeditie, honderdduizenden mannen door de zwangerschap geloodst: het boek ‘mag gerust de ‘standaard’ worden genoemd wanneer we het hebben over boeken voor aanstaande vaders’.

In de rubriek ‘Reputaties’ kijken we hoe de betekenis van denkers en kunstwerken, van schrijvers en hun personages kantelt en evolueert.

Kluun, Tilburg, 1964. Bekend van Komt een vrouw bij de dokter. Hij neemt zijn lezer, de vader in spe, mee door de negen maanden tussen blijde boodschap en blijde baby. Om te beginnen bespreekt hij de jongen-of-meisjevraag: ‘Ach, als het maar gezond wordt’, zegt iedereen.

Kluun schrijft: ‘U jokt. U wilt gewoon een zoon. Dat weet ik, dat weet u, dat weet uw vader (die wil ook dat u een zoon krijgt, want dan heeft hij een kleinzoon), dat weten uw vrienden en dat weet uw vrouw. Uw vrouw zou u ook graag een zoon schenken. (Vergelijk: ‘Ze heeft me een zoon geschonken’ met ‘We hebben een dochter gekregen.’)’

Oké, denk je als je dit leest. Is dit de Volksrepubliek China anno 1975? Is dit middeleeuws Europa waar de Salische wet geldt en alleen zonen in aanmerking komen voor troonsopvolging?

‘Nee, elke man wil een zoon’, schrijft Kluun: ‘Een zoon = samen op zaterdag naar de F-jes, hem in de achtertuin leren kappen, draaien en scharen, samen naar het WK-voetbal in 2026, samen vissen, samen Playstation 6 kopen.’

Kluun schrijft: ‘Een dochter = uh… ehhhh????’

Die Kluun. Die nooit verschenen PlayStation 6 zal een bittere pil voor hem zijn en ik hoop maar dat zijn zoon niks kritisch over Trump heeft getweet, anders komt hij in zijn oranjeshirt niet door de Amerikaanse douane.

Perfect cadeauboek

Stel je voor: je bent een man, je vrouw is zwanger en iemand geeft je dit boek.

Want dat is natuurlijk waaraan het boek zijn lange voortbestaan dankt, dat het een perfect cadeauboek is.

Je leest dit boek, kijkt naar je vrouw en moet dan blijkbaar denken: daar zit de vijand. Want dat zijn de sjablonen van Kluun. De man is een gekooide tijger, hij wil naar Ajax, biertjes drinken en, gek genoeg, heel veel vissen. De vrouw staat hem dat ondertussen niet toe: zij is de cipier, zij wil babykleertjes bestellen en de kinderkamer inrichten.

Kluun wil graag wat kwijt over de hormonen van zijn cipier: ‘Ach, om die lieve, onschuldige menstruatiehormoontjes kon ik altijd wel lachen. Van die vertederende jeetje-heb-ik-mijn-huissleutels-toch-weer-op-de-keukentafel-laten-liggen-sms’jes. Schattig.’

Maar het zwangerschapshormoon is van een andere klasse, schrijft Kluun, dat wordt gebruikt als alibi voor asociaal gedrag: ‘Wat zou uw vrouw zeggen als u maandenlang de ene huilbui met de andere vreetbui zou afwisselen, alsof het de normaalste zaak van de wereld is?’

Kluun kijkt naar een zwangere vrouw en denkt: vreetbuien, huilbuien. Ze ‘zuchten, zeuren, zeiken’. De vrouw als tegenstander. Hij stelt zich voor dat hij tegen zijn ongeboren kind moet zeggen: ‘Sorry, jongen, ik weet het, je moeder is een bitch.’

(Pssst – weet je wie altijd stabiel zijn? Mannen! ‘Van de tijd dat wij nog op bizons joegen tot nu’, hebben mannen geen hormoonproblemen, zegt Kluun en ik moest hardop lachen omdat Kluun zichzelf in de lijn van bizonjagers ziet staan. Hij is de enige.)

Hij schrijft: ‘Probeert u zich eens voor te stellen: u hebt afgesproken met een maat om die dag te gaan vissen. Vlak voor u de deur uitgaat, gaat de telefoon. ‘Ik ga niet mee, ik zit vandaag niet zo lekker in mijn vel.’ Onmogelijk. Sciencefiction. Als een man niet lekker in zijn vel zit, trekt hij zich af en gaat-ie daarna gewoon vissen.’ Houd op over vissen! Wie vist er nou?

Klassieker

Stel: je vrouw is zwanger en iemand geeft je dit boek. Gooi het niet meteen in de prullenbak. Zet het in je boekenkast op je plankje filosofie/gender. Want Help, ik heb mijn vrouw zwanger gemaakt! is inderdaad een klassieker, alleen dan in de categorie: voorbijgestreefde mannelijkheid.

In alle essayistiek rond de onzekerheidscrisis waarin jongens en mannen vandaag verkeren wordt vaak Richard V. Reeves Of Boys and Men (2022) geciteerd. Reeves schrijft dat vrouwelijkheid sterker is dan mannelijkheid: ‘When was the last ‘crisis of femininity’? That’s right: never.’

Klassieke opvattingen van vrouwelijkheid zijn voor een groot deel gekoppeld aan vrouwenlichamen. Vrouwen, zodoende, belichamen hun identiteit. Mannen niet. Zij moeten hun mannelijkheid laten zien door wat ze doen. Dat maakt het fragiel, performatief, en potentieel giftig – omdat ze het permanent moeten bewijzen.

Aan het einde van het boek maakt Kluun de voorspelbare tournure. Hij wil de blanke pit achter zijn misogyne bolster laten zien. Je kunt je afvragen of Kluun laat zien wat hij denkt dat hij laat zien. Want wat mij betreft laat hij niet zien dat hij eigenlijk een goodguy is, hij laat zien dat hij performatief de lul speelt.

Hij komt thuis na de bevalling, in zijn eentje. Hij heeft een dochter gekregen. Hij pakt een foto van zijn vrouw. Hij schrijft: ‘U pakt de foto op, glimlacht en kust haar hoofd. ‘Schat, wat hou ik van je.’ En dan gaat u in uw eentje, met uw biertje, op de bank zitten janken.’

De vragen zijn natuurlijk: waarom heeft hij dat biertje? Is dit een biercommercial? En waarom huilt hij alleen in zijn eentje? Waarom kan hij niet zijn gevoel, als een volwassen mens, delen? Dit is een buitengewoon eenzaam boek.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next