Marina Eckenhausen tijdens de openbare verhoren van de parlementaire enquêtecommissie over het coronabeleid. Eckenhausen was inspecteur-generaal bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd tijdens de coronapandemie.
De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) voelde zich „overvallen” door het kabinetsbesluit, in maart 2020, om een bezoekverbod in verpleeghuizen in te stellen. Dat zei Marina Eckenhausen, destijds hoofdinspecteur bij de IGJ, vrijdagochtend tegen de parlementaire enquêtecommissie Corona.
„Wij waren daar niet in gekend”, zei Eckenhausen. „Als je een besluit neemt dat van toepassing is op de zorg, dan heeft dat consequenties. Als er een nieuwe maatregel werd afgekondigd, stond de telefoon bij ons roodgloeiend.” Veel zorginstellingen belden de IGJ dan met vragen. „Ik wil dan graag zorgen dat mensen weten wat ze moeten zeggen.”
De IGJ is verantwoordelijk voor het controleren van de veiligheid en kwaliteit van zorg in verpleeghuizen. Tijdens de eerste coronagolf in het voorjaar van 2020 stierven circa tienduizend mensen aan corona, van wie de helft in een verpleeghuis. Vanwege het bezoekverbod stierven veel mensen alleen. Eckenhausen noemde het een „verschrikkelijke maatregel”, maar wilde niet zeggen of ze het achteraf een verkeerde keuze vond. „Dat vind ik niet aan mij.”
Tijdens haar verhoor zei Eckenhausen ook dat ze minister van Volksgezondheid Hugo de Jonge (CDA) heeft gewaarschuwd dat het kabinet de pandemie te veel als een gezondheidscrisis benaderde. „Als er één les is: een pandemie is per definitie een samenlevingscrisis. Je hebt de hele samenleving nodig om hem te bestrijden. Dat heb ik tegen Hugo de Jonge ook gezegd: je hebt veel bredere sociaal, gedragskundige, economische [experts] enzovoort nodig. Ik probeerde hem te zeggen: zoek verbreding.”
Als voorbeeld gaf Eckenhausen de situatie in Amsterdamse ziekenhuizen, waar relatief veel mensen met een migratieachtergrond met corona kwamen te liggen. „Je kon dit voorzien. Mensen hielden zich minder aan maatregelen, waren kleiner gehuisvest, hadden vaker een baan die niet via Teams of Zoom kan. Dus er was [in migrantengemeenschappen] meer kans op besmetting, dwars door generaties heen.” Door de focus op besmettingscijfers zag het kabinet dit niet aankomen, suggereerde Eckenhausen.
De Jonge deed weinig met haar suggestie om ook andere dan medische experts bij het beleid te betrekken, zei ze. „Hij nam het in ontvangst en er is verder niet op doorgegaan. De meeting was vrij kort daarna klaar.”
De inspectie stuurde begin 2021 een „pittige brief” aan het kabinet met aanbevelingen om een nieuwe crisissituatie in de zorg te voorkomen. De IGJ had zorgen over hoe maatregelen na een lockdown werden afgeschaald, zei Eckenhausen. „De boodschap was: het gaat niet goed in de zorg. In het oudjaar ervoor waren we langs code zwart gegaan.” Volgens Eckenhausen moest het kabinet de situatie in de zorg beter „monitoren”.
De IGJ waarschuwde ook al vroeg in de pandemie dat het noodzakelijk zou worden om patiënten over ziekenhuizen te verspreiden, omdat de druk op de zorg zo groot werd, zei Eckenhausen. „Dat hebben we vanaf het allereerste begin gezegd.”
Op de vraag van de commissie of Eckenhausen de mening van verpleegkundigen deelt dat in de eerst coronagolf in voorjaar 2020 sprake is geweest van code zwart, waarbij zieke mensen niet meer in het ziekenhuis terechtkonden, zei ze: „Als zij dat zo hebben ervaren, dan spreek ik dat niet tegen.”