De Taiwanese partijleider Cheng Li-wun was deze week niet welkom bij president Donald Trump. De Chinese president Xi Jinping ontving haar in april wel. Wie is deze uitgesproken oppositiepoliticus, die belooft haar eiland naar ‘een eeuw van vrede’ te leiden?
is buitenlandredacteur van de Volkskrant. Vlaskamp was 18 jaar correspondent in Beijing.
De praatgrage Cheng Li-wun (56) had na veertien dagen in de Verenigde Staten niet meer te melden dan dat de reis ‘haar verwachtingen had overtroffen’. Deze week vloog ze terug naar Taiwan, nadat ze zichzelf aan denktanks, politici, Taiwanese en Chinese gemeenschappen had voorgesteld als de nieuwe partijleider van de Kuomintang (KMT) en, mocht ze in 2028 de verkiezingen winnen, de toekomstige Taiwanese president.
Zo had ze zichzelf ook in het Witte Huis willen presenteren. Maar Trump mag inzake Taiwan dan iets in Chinese richting zijn opgeschoven tijdens zijn recente bezoek aan Beijing, aan de wel zeer pro-Chinese Cheng wil Washington zijn vingers niet branden.
Aanvankelijk zou Cheng in het Witte Huis praten met leden van de Amerikaanse Nationale Veiligheidsraad, maar de Amerikanen lieten op het laatste nippertje verstek gaan. Waarschijnlijk omdat ze Cheng iets te China-vriendelijk vinden. Donald Trump heeft op dit moment helemaal geen zin in Taiwanezen, van welke politieke signatuur dan ook, al slijmen ze nog zo dat hij de ultieme vredestichter in het slepende conflict tussen Taiwan en China zou zijn.
Bij de Chinese leider Xi Jinping was Cheng in april wel welkom. Dat voorrecht verdiende de ambitieuze Taiwanese politicus met uitspraken als: ‘Taiwanezen mogen trotse Chinezen zijn’. Dat is omstreden, want weinig Taiwanezen herkennen zich hierin. Volgens onderzoek van de Taiwanese Chengchi-universiteit beschouwt slechts 2,3 procent van de Taiwanezen zichzelf als Chinees.
Met haar drukke internationale agenda wekt Cheng de indruk dat er op Taiwan maar één partij toe doet: de KMT. Ook daar denken Taiwanese kiezers anders over. Sinds 2016 heeft de KMT, die toenadering tot China nastreeft, elke presidentsverkiezing verloren.
De KMT, die als verliezer van de Chinese burgeroorlog in 1949 op Taiwan de Republiek China (ROC) uitriep, wilde tot diep in de jaren tachtig het Chinese vasteland terugveroveren. Dat voornemen bepaalde de politiek op Taiwan, dat militair door de Verenigde Staten wordt ondersteund als dam tegen het Chinese communisme.
De KMT gaf zijn wensdroom op, Beijing niet. Nog steeds is de Chinese regering van plan Taiwan te ‘herenigen met het moederland’, desnoods met geweld.
Deze erfenis uit de Koude Oorlog is bepalend geweest voor Chengs leven. Haar vader vocht als KMT-militair tegen communisten. En fanatiek ook: nadat de KMT zich had teruggetrokken op Taiwan sloot hij zich aan bij anti-communistische guerrilla’s in Myanmar.
Toen dat ook hopeloos was, verkaste vader Cheng naar Taiwan. Als majoor streek hij neer in een slaperig plattelandsdistrict, waar hij zijn vrouw leerde kennen. Hun dochter Cheng noemt dit het ‘huwelijk tussen een zoete aardappel en een tarowortel’: een man van het Chinese vasteland en een plaatselijke Taiwanese. Haar Chinese wortels en de militaire achtergrond van haar vader doen het goed bij de KMT.
Niet dat Cheng zich tot die partij voelde aangetrokken toen ze als rechtenstudent demonstreerde voor meer democratie op Taiwan. Na haar afstuderen aan Amerikaanse en Engelse topuniversiteiten sloot ze zich in 1996 aan bij de Democratische Progressieve Partij (DPP), politieke straatvechters die vonden dat Taiwan de onafhankelijkheid moest uitroepen. Die keuze moet haar vader een gruwel zijn geweest.
In 2002 vertrok ze bij de DPP na een intern conflict. Toen ze in 2005 opdook bij de KMT mocht Cheng gelijk met het partijbestuur mee naar China. Voor het eerst in zestig jaar was de communistische partij bereid tot een ontmoeting met de KMT. Dat Cheng daar als nieuweling bij aanwezig was, leidde al snel tot aantijgingen dat ze vooral de Chinese belangen dient.
De stoffige KMT speelt in de oppositie weinig klaar, dus kon de partij de opvallende Cheng met haar glamoureuze uitstraling en haar oorverdovende stemgeluid goed gebruiken. Tijdens haar kandidatuur voor het partijleiderschap, in 2025, werden op het Chinese vasteland de positieve berichten over Cheng als ‘godin van hereniging’ zo hard rondgepompt dat het de Taiwanese veiligheidsdiensten zorgen baarde.
Onder Cheng leerde de KMT eindelijk oppositie voeren. Bijvoorbeeld door nieuwe budgetten te blokkeren voor Amerikaanse wapens die Taiwan nodig heeft om zich tegen een militair steeds assertiever China te verweren. Taiwan mag geen ‘pinautomaat’ worden voor de Amerikaanse defensie-industrie. ‘Zoveel geld hebben we niet’, aldus Cheng. Deze woorden hoort Beijing graag.
Ook verzette Cheng zich met succes tegen fondsen voor de ontwikkeling van Taiwanese drones. Wapens passen niet bij de ‘eeuw van vrede’ die Cheng belooft.
Hoe Taiwan zich zonder bewapening moet redden bij militaire confrontaties met China, vertelt Cheng er niet bij. Ze herhaalt slechts uitgekauwde standpunten van haar voorgangers, die verregaande economische integratie tussen Taiwan en China bepleiten. Daarop is haar partij echter al lang afgerekend door kiezers die vrezen dat hun eiland alleen maar verder door Beijing wordt ingekapseld.
3x Cheng Li-wun
- De vader van Cheng Li-wun behoort tot de Yi, een van de 55 etnische minderheden in China
- Cheng Li-wun prees tegenover Deutsche Welle Rusland als een democratie en herhaalde het Russische narratief dat de Navo de oorlog in Oekraïne heeft veroorzaakt.
- Cheng Li-wun werkte een tijdje als presentator van een talkshow.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant