Home

Ranglijsten

Wat is dat nu voor belachelijks, dat er geen standen en ranglijsten meer worden bijgehouden in de jeugdsport – ik lees dit soort gemopper steeds vaker, vooral op LinkedIn. Vanuit de onderbuik wordt er geroepen dat het geen wonder is dat we een generatie gepamperde watjes kweken als we kinderen niet meer laten ervaren wat winst en verlies is, omdat we alle tegenslag al voor die zich aandient wegpoetsen.

Zelfs in deze krant verschijnt nu en dan een opiniestuk waarin op basis van eigen ervaringen wordt geroepen dat het idioot is dat kinderen onder de tien geen medailles meer krijgen bij bijvoorbeeld zwemkampioenschappen, en dat zou dan „overbezorgd” zijn.

Ik erger me altijd groen en geel aan dit soort van kennis gespeende stellingnames. Hoe heerlijk vond ik het dus dat de NOS éindelijk eens schreef over het Noorse sportmodel, met de goede prestaties van het Noorse voetbalelftal in aanloop naar het WK als aanleiding. In Noorwegen wordt al decennia met een heel andere filosofie gesport dan in ons land. Tot twaalf jaar worden Noorse kinderen nog niet op talent geselecteerd, plezier staat voorop en er worden geen ranglijsten en scores bijgehouden.

Waarom? Omdat verreweg de meeste kinderen helemaal niet geïnteresseerd zijn in winst en verlies, als je het hen zelf vraagt. Welk onderzoek je er ook op naslaat, telkens blijkt hetzelfde. Kinderen sporten om plezier te maken, iets met hun vriendjes te doen en iets te leren. Wij volwassenen hebben bedacht dat alles in het leven draait om winnen, en om beter zijn dan een ander. Dan ben je het succesvolst, vinden we, ahum.

Nu was ik zelf zo’n irritant kind dat in veel dingen de beste wilde zijn in een tijd dat er nog wel scores en ranglijsten werden bijgehouden. Dus ik kan uit de onderzoeken aanhalen wat zulke kinderen leren als je geen ranglijsten en scores bijhoudt, of ik kan het illustreren met mezelf als voorbeeld. Ik beloof u: N=1 komt hier overeen met de wetenschappelijke werkelijkheid, en het idee achter het Noorse sportmodel.

Ik was een volleyballertje als kind, de sport betekende alles voor me. Ik wilde alles leren, ik was bloedfanatiek en ik stopte nog niet als ik erbij neerviel. Waarom? Niet om het winnen. Dat vond ik ook leuk, maar wat ik vooral wilde was mezelf verbeteren. Daar haalde ik zoveel voldoening uit.

Ik vond het irritant als ik moest volleyballen met kinderen die het minder goed konden dan ik. Dat hoor je ook als het gaat over het Noorse model: niet leuk voor talentjes. Klopt. Maar er zijn ook andere waarden in het leven. Dat herinner ik als volleyballertje, maar ook op school. Ik kon goed en snel lezen, en moest altijd met het langzaamst lezende klasgenootje oefenen. Ik kon zijn boek wel doormidden bijten van frustratie, maar wat ik ervan leerde: geduldig zijn, samenwerken, en ontdekken dat niet iedereen hetzelfde is als jij.

Het is onzin dat kinderen niet leren omgaan met winst of verlies als er geen scores of ranglijsten worden bijgehouden. Een wedstrijd blijft een wedstrijd – maar kinderen haken wél veel minder snel af als er geen nadruk ligt op de uitslag, weten ze in Noorwegen al sinds de jaren tachtig.

Word je er ook wereldkampioen mee? Ach. Als de Noren eruit liggen, hebben ze in ieder geval plezier gehad.

Marijn de Vries

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next