Vrouwen die volgens de politie suïcide pleegden, hadden daarvoor verdacht vaak met huiselijk geweld en intieme terreur te maken. Nader onderzoek naar de mogelijke rol van de (ex-)partner blijft meestal achterwege. ‘We moeten de signalen beter leren herkennen.’
Toen haar dochter Ilona in de zomer van 2022 plotseling dood werd aangetroffen in het appartement van de man met wie zij het jaar ervoor een relatie had gehad, bleef Anita achter met veel onbeantwoorde vragen.
De politie constateerde suïcide: de 20-jarige Ilona zou zich hebben verhangen aan een gordijnroede.
Er volgde geen strafrechtelijk onderzoek en ook de vriend werd niet verhoord. ‘Dat vond ik heel vreemd’, zegt Anita. ‘Er was namelijk een geschiedenis van huiselijk geweld en dat wist de politie, want daar had Ilona melding van gedaan en wij als familie ook. Mijn dochter werd dood aangetroffen met allerlei verwondingen, nadat ze had besloten de relatie met haar vriend te verbreken.
‘Het is bekend dat dat het gevaarlijkste moment is in een relatie waarin sprake is van huiselijk geweld. Een koffer lag half ingepakt op bed. Er stonden koffers en zakken bij de deur. Toch is de zaak niet verder onderzocht. Dat vind ik onbegrijpelijk.’
Volgens Anita heeft de politie een aantal zaken niet uitgezocht die wel uitgezocht hadden moeten worden. Kon de gordijnroede waaraan Ilona zich zou hebben verhangen wel een gewicht van 70 kilo dragen? Dat werd niet bekeken. Vlak voor haar vriend 112 belde met de melding dat Ilona zich van het leven had beroofd, zijn WhatsAppberichten tussen hem en Ilona verwijderd van haar telefoon. De politie heeft niet geprobeerd die te achterhalen.
Er waren allerlei verwondingen op het lichaam van Ilona, maar er volgde geen nader forensisch onderzoek naar de manier en het tijdstip waarop die zijn ontstaan. Ook vroeg de politie niet om een uitgewerkte versie van de 112-melding van de vriend.
De schouwarts concludeerde dat zij de betrokkenheid van derden niet kon uitsluiten. Anita beschikt bovendien over WhatsAppberichten, mails en voiceberichten uit haar dochters telefoon, waarin is te lezen en horen hoe de vriend Ilona met de dood bedreigt.
‘Al haar familieleden en vrienden en ikzelf vonden dat nader onderzoek nodig was, maar niemand nam ons serieus. Ik ben weggezet als een idioot, als iemand met een verstoorde rouwverwerking’, zegt ze. ‘Maar ik heb liever dat Ilona er zelf een einde aan heeft gemaakt dan dat er iets anders is gebeurd. Alleen moet die suïcide dan wel bewezen zijn.’
Anita begon in 2023 een artikel 12-procedure om het Openbaar Ministerie (OM) te dwingen nader onderzoek te doen en de vriend van Ilona alsnog te vervolgen. Om de klacht goed te kunnen beoordelen, vroeg het hof in 2024 aan het OM of er nog onderzoek mogelijk was naar de gordijnroede, de verwondingen op het lichaam van Ilona, de verdwenen WhatsAppberichten en de 112-melding. Maar twee jaar na Ilona’s dood bestond de plaats delict niet meer, was haar lichaam begraven en de bewaartermijn van de cloud overschreden. Anita’s klacht werd afgewezen en ze zou nooit antwoord krijgen op haar vragen.
‘Ik kan niet rouwen’, zegt ze, ‘want ik kan het niet afsluiten.’
Anita is beslist niet de enige nabestaande die achterblijft met twijfels nadat officieel is vastgesteld dat een zus, dochter of moeder suïcide heeft gepleegd. Dat constateerde Marieke Liem, hoogleraar veiligheid en interventies aan de Universiteit Leiden, toen zij vrouwelijke slachtoffers van moord en doodslag begon te registreren voor de Femicide Monitor, een wetenschappelijk project dat als doel heeft vrouwenmoord beter te begrijpen.
‘We deden veel interviews met nabestaanden en er klopten ook mensen bij ons aan die een dierbare officieel door zelfdoding hadden verloren, maar die zeiden: ze zat in een gewelddadige relatie en we vrezen dat haar partner er iets mee te maken heeft. Toen dacht ik: in hoeverre hebben deze mensen een punt?’
Liem deed er vervolgens onderzoek naar, in samenwerking met Forensisch Artsen Rotterdam Rijnmond (FARR), een organisatie die forensisch-medische deskundigheid biedt aan politie en justitie. Haar team bekeek 550 schouwrapporten van vrouwen in de regio Rijnmond van wie de politie de afgelopen tien jaar had vastgesteld dat zij suïcide hadden gepleegd. De onderzoeksvraag was: zijn er aanwijzingen voor huiselijk geweld, zoals bijvoorbeeld letsel of een melding bij de politie of huisarts?
De uitkomst was schokkend. ‘Bij een op de vier vrouwen bleek huiselijk geweld een rol te spelen’, zegt Liem. ‘Wij waren enorm verbaasd over dat hoge aandeel. En dit cijfer is een absolute ondergrens, want huiselijk geweld wordt vaak niet gemeld.’
Marieke Liem krijgt nu van het ministerie van Justitie financiering zodat haar team politiedossiers kan bekijken, nabestaanden kan spreken en het onderzoek landelijk kan uitbreiden. ‘We hebben nu alleen nog maar een pilotstudie gedaan. Maar zelfs die allereerste stap laat zien hoe groot het probleem eigenlijk is. Een probleem dat tot nu toe grotendeels is genegeerd.’
Volgens Liem zijn er verschillende scenario’s mogelijk wanneer een slachtoffer van huiselijk geweld zelfdoding lijkt te hebben gepleegd.
Allereerst kan het gaan om een moord of doodslag die door de dader als zelfdoding in scène is gezet. Dit is mogelijk het geval geweest bij het overlijden van de 30-jarige Laura van Zaal, die in 2024 met een hondenketting om haar nek werd gevonden in haar woning in Leiden. Haar ex-partner Paul V. houdt vol dat het een suïcide was, maar vorige maand werd er 18 jaar cel en tbs tegen hem geëist wegens doodslag.
Liem: ‘Maar ook als een gewelddadige (ex-)partner niet fysiek de hand heeft gehad in de dood van de vrouw, kan hij een rol hebben gespeeld. Het kan zijn dat hij de vrouw tot suïcide heeft gedwongen of daartoe onder druk heeft gezet. En andere mogelijkheid is dat de vrouw suïcide als enige uitweg zag uit een situatie van huiselijk geweld.
‘Het is ook mogelijk dat het geweld een factor was. Bijvoorbeeld: een vrouw is langdurig slachtoffer van huiselijk geweld, dat leidt tot middelengebruik en depressie en vervolgens tot zelfdoding.’
Een aanzienlijk deel van de vrouwen wier dood als suïcide te boek staat, is dus mogelijk slachtoffer van psychologische mishandeling of dwang door een (ex-)partner. Of van moord of doodslag.
Liem: ‘Maar in Nederland worden suïcides van vrouwen niet systematisch onderzocht. Terwijl politie en justitie dit wel zouden moeten doen volgens het Verdrag van Istanbul inzake de bestrijding van geweld tegen vrouwen. Nederland faalt hierin. Wat ik van nabestaanden terughoor, is dat de politie vrij snel concludeerde dat het suïcide was en vervolgens geen verder onderzoek deed. En daarmee gaat het boek dicht.’
‘Huiselijk geweld is veel dodelijker dan we tot nu toe dachten’, zegt Jack Menke, forensisch arts en medisch directeur van FARR. ‘Het gemiddelde aantal van 43 vrouwenmoorden per jaar in Nederland is al indrukwekkend, maar vermoedelijk is het echte aantal aanmerkelijk groter.’
‘Veel groter’, zegt FARR-directeur Geranda Zeelenberg.
Ze legt uit: ‘Als een vrouw wordt aangetroffen die zich bijvoorbeeld heeft verhangen, krijgen wij meteen vanuit de meldkamer het bericht dat het om een suïcide gaat. Dat heeft invloed op het onderzoek: in de praktijk zien we dat dan niet alle onderzoeksmogelijkheden worden benut zoals dat bij een overduidelijke moordzaak wel gebeurt. Maar nu we weten hoe vaak huiselijk geweld een rol speelt bij zelfdoding en dat de pleger van dat geweld verantwoordelijk kan zijn, moeten we echt anders gaan werken.
‘Bij elke vrouw die suïcide heeft gepleegd, moet een uitgebreider onderzoek volgen, waarbij de forensisch arts informatie opvraagt bij de huisarts en wordt bekeken of er meldingen van huiselijk geweld zijn. Sinds kort stimuleren wij onze forensisch artsen ook om een zwangerschapstest af te nemen, omdat we weten dat een zwangerschap een trigger kan zijn voor femicide in een gewelddadige relatie.
‘Tevens is het goed om te kijken of er eerder niet-fatale verwurging heeft plaatsgehad, want dat is een belangrijke rode vlag voor femicide. Met forensisch licht kunnen we letsel zien dat je niet met het blote oog waarneemt. Ook bloedonderzoek kan nuttig zijn, om te kijken of er drugs in het spel zijn.
‘Als er huiselijk geweld speelde, wil dat niet zeggen dat dat in 100 procent van de gevallen de oorzaak is. Een zelfdoding kan ook in een opwelling gebeuren of door een psychose. Maar we moeten er heel alert op zijn. De grote vraag is: zijn we tijdens zo’n onderzoek aan het zoeken naar bewijs voor moord, of proberen we uit te sluiten dat er sprake is van een misdrijf? Het lijkt een nuanceverschil, maar dat is het niet. Trekken we alle registers open of doen we dat niet? Dat gebeurt denk ik onvoldoende en dat heeft ook te maken met capaciteitsproblemen.’
‘Het is belangrijk dat signalen die kunnen wijzen op een misdrijf bij een niet-natuurlijk overlijden beter worden herkend en standaard worden meegenomen in het onderzoek’, zegt Berte van Heemst, die zich als officier van justitie exclusief bezighoudt met huiselijk geweld.
‘Er zijn tien indicatoren voor verdachte doodsomstandigheden. Ik noem er een paar: het slachtoffer sterft onverwachts op jonge leeftijd, één partner wilde de relatie beëindigen, er is een verleden van huiselijk geweld. Gelukkig is de kennis over huiselijk geweld, intieme terreur en femicide bij OM en politie de afgelopen jaren flink toegenomen – al bestaan er per regio en persoon nog wel verschillen. Maar we moeten die indicatoren tussen de oren krijgen, zodat we ze altijd checken bij een niet-natuurlijk overlijden. Hier kunnen wij als OM en politie meer aan doen.’
1. Het slachtoffer stierf onverwacht, op jonge leeftijd.
2. Het lijkt op een suïcide of een ongeluk.
3. Eén partner wilde de relatie beëindigen.
4. Er is een verleden van huiselijk geweld of dwingende controle.
5. Het slachtoffer werd gevonden in de woning of verblijfplaats.
6. Het slachtoffer werd gevonden door de huidige of vorige partner.
7. Er is een verleden van verwurging/verstikking ten aanzien van het slachtoffer of de partner.
8. De partner was de laatste persoon die het slachtoffer levend heeft gezien.
9. De partner heeft de controle gehad over de plek waar het slachtoffer is gevonden, voordat de politie ter plaatse was.
10. De plek waar het slachtoffer is gevonden, is op de een of andere manier gewijzigd.
De lijst die Van Heemst noemt, komt uit Groot-Brittannië. Daar is al langer aandacht voor deze problematiek en zijn al stappen gezet om die aan te pakken. Britse politiemensen krijgen tegenwoordig een speciale training inzake het verband tussen huiselijk geweld en zelfdoding.
In 2022 bleek uit een baanbrekend onderzoek naar politiegegevens in het graafschap Kent dat huiselijk geweld een rol speelde bij 30 procent van de zaken die waren aangemerkt als zelfdoding. De onderzoeker, Tim Woodhouse, werkte indertijd als hulpverlener in suïcidepreventie en spreekt van een ‘nationaal schandaal’. ‘Het aantal doden en de gruwelijkheid van de zaken is ronduit verbijsterend’, zegt hij aan de telefoon.
Vorig jaar zijn er in Groot-Brittannië nieuwe politierichtlijnen ingevoerd voor vermoedelijke zelfdodingen waarbij huiselijk geweld een rol speelde. ‘Simpele basismaatregelen’, zegt Woodhouse. ‘Onderzoeken of er sprake was van huiselijk geweld. Familieleden en vrienden horen die daar meer over zouden kunnen weten. Maar ook: mobiele telefoons en laptops niet in handen van mogelijke verdachten laten. Als je ervoor zorgt dat bewijsmateriaal niet verdwijnt in de eerste uren, kan dat al veel helpen.’
In april dit jaar werd in Groot-Brittannië voor het eerst een ex-partner veroordeeld voor de suïcide van een vrouw na langdurig huiselijk geweld, hoewel hij haar dood niet fysiek had veroorzaakt.
De 28-jarige Kimberly Milne was in juli 2023 van een viaduct gesprongen nadat haar 40-jarige ex-partner Lee Milne haar jarenlang geestelijk en lichamelijk had mishandeld. De politie spoorde getuigen op die hadden gezien hoe Lee Milne, die op borgtocht was vrijgelaten na een reeks huiselijk-gewelddelicten en een contactverbod had, zijn ex-partner bedreigde op de avond van haar dood. Daarin zag justitie voldoende grond om hem te vervolgen voor dood door schuld – dat is in Schotland, waar de zaak speelde, vergelijkbaar met doodslag.
Milne kreeg 8 jaar gevangenisstraf, een historisch moment in de Britse rechtspraak.
In Nederland is één keer een vergelijkbare zaak voorgekomen. Dat was de zelfdoding van de 29-jarige Carolina Jimenez, een moeder van twee kinderen uit Zoetermeer. Haar ex-partner Regillio K. gooide in 2011 een halve liter zwavelzuur over haar heen, in het bijzijn van haar 3-jarige dochtertje. Jimenez raakte ernstig verminkt en leed zo veel pijn dat ze in 2013 een einde aan haar leven maakte.
Uiteindelijk werd Regillio K. door de rechter verantwoordelijk gesteld voor de zelfdoding van Jimenez. Hij werd in hoger beroep veroordeeld tot 16 jaar en tbs met dwangverpleging voor zware mishandeling de dood ten gevolg hebbend.
‘Misschien is er een aparte strafbaarstelling nodig voor suïcidezaken waarbij de (ex-)partner het slachtoffer heeft gedwongen, onder druk heeft gezet of op een andere manier schuld draagt aan haar overlijden’, zegt officier van justitie Van Heemst. ‘We hebben dit soort zaken nog maar weinig gezien, maar we constateren wel dat de huidige wet beperkingen met zich meebrengt op dit punt.’
Een vervolging voor dood door schuld, zoals in Schotland gebeurde, is volgens haar in Nederland niet de aangewezen weg. ‘Het is niet het meest passende artikel voor wat er feitelijk aan de hand is. In Nederland staat op dood door schuld een straf van ten hoogste 2 jaar.’
Ook zij denkt dat het officiële aantal vrouwenmoorden fors zou kunnen toenemen als OM en politie hier alerter op worden. ‘Daarvoor is capaciteit nodig, dat begrijp ik. Maar de nabestaanden van de slachtoffers krijgen op dit moment geen rechtvaardigheid en er zijn vrouwen die het risico lopen hier slachtoffer van te worden. Want er lopen allerlei daders vrij rond. En wie zegt dat ze het niet nog een keer gaan doen?’
Volgens Marieke Liem moet niet alleen nauwkeuriger worden gekeken naar zelfdodingen van vrouwen, maar ook naar doodsoorzaken als een overdosis of een ongeluk. ‘Als een vrouw die nooit drugs heeft gebruikt plotseling met een grote hoeveelheid drugs in haar bloed wordt aangetroffen, moet de politie zich afvragen: ging dat vrijwillig? Het wordt nu weggeschreven als een accidentele overdosis. Maar als die vrouw in een gewelddadige relatie zat, kan het zijn dat haar (ex-)partner er iets mee te maken heeft.
‘Hetzelfde geldt voor vrouwen die van een balkon, uit een raam of van de trap vallen. Dat wordt dan weggeschreven als een ongeluk. Maar vallen vrouwen zomaar van een balkon of uit een raam van vijftien hoog als ze aan het schoonmaken zijn? Ik dacht het niet. Het gaat mij om het hele palet van onnatuurlijk overlijden van vrouwen. Daar moet veel beter naar worden gekeken.’
Er zijn overigens nu al politiemensen alert op de mogelijke rol die huiselijk geweld of dwingende controle speelt bij de doodsoorzaak van een vrouw. Zoals in de eerdergenoemde zaak van Laura van Zaal uit Leiden. Negen van de tien indicatoren voor verdachte doodsomstandigheden bleken op haar dood van toepassing.
Op de dag dat haar partner – op haar verzoek – zou vertrekken uit haar huis, werd zij zwaargewond aangetroffen in haar woonkamer. Ze overleed later in het ziekenhuis. Volgens haar ex-partner Paul V. had ze geprobeerd zichzelf met een hondenriem te verhangen aan een verwarmingsbuis.
Een van de politieagenten die op de melding afkwamen, wist dat er een geschiedenis was van intieme terreur. Er volgde grondig forensisch onderzoek. Daaruit bleek dat de hondenriem niet strak genoeg om de verwarmingsbuis zat om aannemelijk te maken dat iemand van Laura’s gewicht eraan had gehangen. Vlak voordat ze zich zou hebben verhangen, had Laura de school van haar kinderen gemaild dat haar dochter, die een operatie had ondergaan, naar school zou komen, maar terug naar huis mocht als ze zich niet lekker voelde. Ook bleek Paul V. maanden eerder op internet gezocht te hebben naar wetenschappelijke artikelen over hoe de politie bij een verhanging kan vaststellen of het slachtoffer het zelf heeft gedaan, of iemand anders.
Volgende week doet de rechter uitspraak.
De achternaam van Ilona en haar moeder wordt om veiligheidsredenen niet genoemd.
De ex-vriend van Ilona is formeel nooit als verdachte aangemerkt. Dit verhaal draait niet om de vraag of hij schuldig is, maar om de blinde vlekken in onderzoeken naar verdachte suïcides. Om zijn herkenbaarheid te voorkomen, zijn enkele details uit dit verhaal weggelaten.
Het verhaal over Ilona’s dood is gebaseerd op de tussenbeschikking van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden inzake de artikel 12-procedure die door Anita is aangespannen. Het verhaal van de moeder wordt ondersteund door WhatsAppberichten, mails en voiceberichten uit Ilona’s telefoon, die de Volkskrant heeft gezien en beluisterd.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant