In zijn mail stuurde de lezer de voorpagina uit 2018 mee, met daarop een grote foto van een bloemenzee. Mensen leggen knuffels neer, een vader trekt zijn zoontje tegen zich aan. ‘Zwarte dag in Oss’, staat er als kop bij, refererend aan het ongeluk met de Stint waarbij op 20 september 2018 vier jonge kinderen om het leven kwamen. Naast de voorpagina deed de krant over drie volle pagina’s verslag van de gebeurtenis.
De lezer verbaasde zich er daarom over dat het ongeluk in Zeeuws-Vlaanderen, waarbij drie kinderen en een schooldirecteur onderweg naar een schoolkamp om het leven kwamen, in de krant van vorige week vrijdag werd afgedaan met een bescheiden nieuwsbericht op pagina 7.
Ombudsvrouw Loes Reijmer behandelt vragen, klachten en opmerkingen over de journalistiek van de Volkskrant. U kunt haar per mail bereiken.
‘Is de Volkskrant zich bewust dat Zeeuws-Vlaanderen bij Nederland hoort?’, vroeg hij. ‘Is er iets veranderd in de prioriteiten die de Volkskrant heeft? Ik ben zeer teleurgesteld in mijn krant.’
Hij is niet de enige die vorige week aan de gebeurtenis in Oss moest denken; zelf had ik die associatie ook. Kinderen in de basisschoolleeftijd die omkomen terwijl ze van of naar een school(kamp) reizen. Dat is, zoals de voorpagina in 2018 ook stelde, ‘de ergste nachtmerrie voor ouders’. De impact op de gemeenschap in Oss en Zeeuws-Vlaanderen was en is groot.
Er zijn ook verschillen die maken dat de berichtgeving anders was. Verklaringen die in journalistieke zin logisch zijn, maar voor lezers misschien minder. Over het ongeluk met de Stint waren bijvoorbeeld meer journalistieke vragen te stellen: de veiligheid van het vervoermiddel leek in het geding, terwijl het door veel kinderdagverblijven werd gebruikt.
Soms zijn de redenen meer praktisch van aard: het moment waarop het ongeval plaatsvindt, het vroege tijdstip dat de krant tegenwoordig naar de drukker moet. In het licht van zoveel leed lijken die al snel banaal en ongepast. Laat ik vooropstellen dat ik ook vind dat de Volkskrant, onbedoeld, wat klinisch verslag heeft gedaan van deze gebeurtenis.
Het is overigens niet bij dat ene nieuwsbericht in de vrijdagkrant gebleven. Op zaterdag stond een fotootje in de krant van de bloemen op de plek van het ongeluk. Op maandag volgde een interessant interview met een expert rouwverwerking bij kinderen. Online verschenen vijf artikelen, waarvan vier nieuwsberichten.
Maar een reportage over hoe in Zeeuws-Vlaanderen op het ongeluk wordt gereageerd, met echte mensen en echte emoties, maakte de redactie niet. Hoe komt dat?
De volle omvang drong donderdag pas laat in de middag door. Het ANP meldde rond 14.00 uur al dat er een ongeluk met fietsers was gebeurd, later bleek dat er kinderen en een begeleider waren omgekomen. Het is begrijpelijk dat er die avond dus geen verslaggever op af is gestuurd.
Op vrijdag is in de ochtendvergadering wel gesproken over een reportage. ‘Als krant kijken we al snel analytisch’, zegt de chef nieuws. ‘Met emoties zijn we terughoudend, hoewel dat misschien niet altijd terecht is.’
Ook de regiocorrespondent Zuid-Nederland twijfelde. Op vrijdag is er veel minder tijd dan op andere dagen: kranten moeten, vanwege sluiting van drukkerijen en te weinig bezorgers, steeds vroeger naar de drukker. Doordeweeks moeten de laatste pagina’s om 21.45 uur klaar zijn. Op vrijdag is dat zelfs 18.30 uur. Van verslaggevers wordt verwacht dat ze hun verhaal voor 16.00 uur inleveren, bij hoge uitzondering iets later.
Voor de regiocorrespondent voelde het op vrijdag begrijpelijkerwijs als een grote gok om op reportage te gaan. Ook omdat hij niet wist wat hij zou aantreffen en of er mensen met hem zouden willen spreken. Besloten werd om een uitgebreid nieuwsbericht te maken, dat vrijdagavond online werd gepubliceerd. In de krant was geen plek meer.
De regiocorrespondent sprak die dag ook met een rouwdeskundige. Dat gesprek was zo interessant dat hij besloot het in het weekend uit te werken tot een afzonderlijk interview. Het zat hem immers niet lekker als het alleen bij nieuwsberichten zou blijven.
Op zondag diende zich een nieuwe aanleiding aan om verslag te doen vanuit Zeeuws-Vlaanderen: om 19.00 uur zou er een stille tocht plaatsvinden in Axel, de gemeente waar de basisschool staat. Te laat om de krant op tijd naar de drukker te krijgen, concludeerde de weekendchef. Bovendien was er al het interview met de rouwdeskundige. Daarmee was een reportage definitief van de baan.
Wat opvalt aan deze casus is hoezeer de dwingende krantendeadline toch nog de keuzes medebepaalt. Doordeweeks wordt de Volkskrant veel meer online gelezen dan op papier, de organisatie is ingericht op ‘online first’. Maar de mentaliteit is toch: kan de reportage nog mee in de krant?
Ter vergelijking: NRC bracht het verslag van de stille tocht op zondagavond online en pas op dinsdag in de krant. Trouw wachtte niet op de stille tocht, maar maakte in het weekend een reportage over hoe de Zeeuwen met hun verdriet liever niet al te veel ruimte opeisten. Die stond op maandag in de krant met een foto van de herdenkingstocht. Een goede oplossing.
Voor verslaggevers zijn het geen makkelijke verhalen om te maken. Het voelt opdringerig om een gemeenschap in shock lastig te vallen met vragen. De afweging die, zeker bij kranten als de Volkskrant, ook altijd meespeelt is of een verhaal voor meer staat dan alleen de emotie. Gaat de reportage verder dan de constatering dat ‘de verslagenheid groot is’?
Daar zijn we niet altijd even streng in: toen de Amsterdamse Vondelkerk op 1 januari afbrandde, deden we óók verslag van de schok in de buurt – mijns inziens terecht. Vorige week tekende de krant ook de ontzetting in de Amsterdamse wijk Osdorp op, na een explosie in een sportschool. Wellicht ziet u in deze vergelijking de bevestiging van een vermeende Randstedelijke blik. Dat vraagstuk, een absolute ombuds-evergreen die ik zeker nog eens zal behandelen, voert te ver voor dit stukje.
In dit geval was de Volkskrant naar mijn smaak in ieder geval te streng: een reportage vanuit Zeeuws-Vlaanderen zou recht hebben gedaan aan de impact die dit dramatische ongeluk heeft op de inwoners. En niet alleen op hen: zoals al eerder opgemerkt, is dit de nachtmerrie van iedere ouder. Daarmee raakt de gebeurtenis ook aan lezers die niet in Zeeland wonen.
De chef nieuws is het daarmee eens: ‘De Volkskrant heeft als motto: het hoofd koel en het hart warm’, zegt hij. ‘Dit gaat om het warme hart.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant