Home

Het museum over Obama laat zien ‘wat voor land de VS ook kunnen zijn’

Obamamuseum Bij de opening van het museum over het presidentschap van Barack Obama overheerst Democratische nostalgie. Bezoekers doen hun uiterste best om het niet te hebben over de man die nu in het Witte Huis woont.

Op 18 juni ging voor publiek het museum van en over de regeerperiode van Barack Obama open. Er hoort ook een park bij.

Ze zijn met de auto uit Ohio en het vliegtuig uit California gekomen. Ze namen de bus uit Georgia of zaten twintig uur in de trein uit Louisiana. Duizenden Amerikanen trokken deze week naar Chicago voor de feestelijke opening van het museum en park dat de Obama’s daar hebben opgericht. Een nostalgische bijeenkomst voor Democraten die al bijna tien jaar snakken naar een nieuwe leider en, net als Barack Obama gedurende zijn presidentschap beloofde, naar hoop en verandering.

Uitgedost in roze en groen loopt Sharon Ponder-Ballard (62) vrijdagmiddag de granieten kolos uit, waar ze als een van de eersten de „verbluffende” tentoonstelling heeft kunnen zien. De attributen vindt ze bijzonder: de jurken van Michelle, de brieven die burgers hen stuurden, de slogans en posters, de Onafhankelijkheidsverklaring, objecten uit de burgerrechtenbeweging, het nagebouwde Oval Office – zonder klatergoud. Maar ze is vooral gegrepen door hoe de geschiedenis van de baanbrekende president hier binnen verteld wordt. „Je ziet aan alles hoe vereerd en bescheiden zij het Witte Huis bewoonden”, zegt ze over de Obama’s.

Sharon Ponder-Ballard zette leerlingen op de school waar ze werkt in de digitale wachtrij om kaartjes te kunnen bemachtigen voor de openingsdag van het Obama-museum.

Pander trekt vanachter haar grote zonnebril haar wenkbrauwen op om te impliceren ‘in tegenstelling tot de huidige bewoner’. Maar ze spreekt het niet uit. „Dit museum is een geheugensteuntje aan ons allemaal wat betreft onze gezamenlijke geschiedenis en onze waarden, een herinnering aan wat voor land we óók kunnen zijn.”

Zij heeft niet ver hoeven reizen. Pander woont al haar hele leven hier aan de relatief arme zuidkant van Chicago, waar Barack en Michelle Obama elkaar leerden kennen, trouwden en zijn politieke carrière begon. Een nog groter geluk: ze wist twee kaartjes te bemachtigen voor de eerste dag dat het museum openging voor publiek.

Dat deed ze niet alleen. „Ik had wat hulptroepen ingeschakeld.” Ze geeft les op een basisschool hier in de buurt. Vlak voordat de voorverkoop begon, had ze tien van haar leerlingen op hun computers in de online wachtrij geparkeerd.

Vanwege het enorme enthousiasme zijn kaartjes voor het museum (30 dollar) tot en met eind november stijf uitverkocht. Veruit de meeste mensen die vrijdag in de beeldentuin, groentetuin en speeltuinen op het complex lopen, kunnen het museum helemaal niet in. Ook pers is maar heel selectief binnengelaten.

Bezoekers dragen oude T-shirts van Obama’s verkiezingscampagnes, maar vooral veel kleding met opdrukken die verwijzen naar Juneteenth, de nationale feestdag waarmee op 19 juni het afschaffen van de slavernij herdacht wordt. Ze eten ijsjes, ze dansen en ze wachten in lange rijen om de andere gebouwen te kunnen bewonderen en om op de foto te gaan met een standbeeld van Barack en Michelle.

De toren die het daadwerkelijke museum huisvest, is gedecoreerd met de woorden die Obama in 2015 uitsprak bij een herdenking van de burgerrechtenmars van Selma.

Het is in de Verenigde Staten gebruikelijk dat presidenten na hun regeertermijn een museum stichten in hun thuisstaat. Traditioneel heten dat presidentiële bibliotheken te zijn, omdat hun archief er werd opgeslagen. Maar de officiële stukken van Obama’s presidentschap (2009-2017) zijn allemaal digitaal. In plaats daarvan koos hij voor een complex van bijna acht hectare, voor een bedrag van 850 miljoen dollar, dat zich richt op zijn nalatenschap én een aanwinst is voor de buurt. Er zijn picknicktafels en barbecues. Michelle Obama stond erop dat er een heuvel werd aangelegd waar kinderen in de winter vanaf kunnen sleeën.

De toren van acht verdiepingen die het werkelijk museum huisvest is van beton en graniet en gedecoreerd met de – vrijwel onleesbare – woorden die Obama in 2015 uitsprak bij een herdenking van de burgerrechtenmars van Selma. Mooi is deze ‘Obamalisk’ niet, maar het uitzicht over Lake Michigan is prachtig.

Daarnaast is er een sporthal, een evenementenhal en – toch – een bibliotheek, maar dan een van de gemeente, waar je als je lid bent gewoon boeken kunt lenen. In die bieb is een leeszaal ingericht met Obama’s favoriete boeken, zoals een door Gabriel Garcia Marquez gesigneerd exemplaar van Honderd jaar eenzaamheid, en een enorme hoeveelheid politieke biografieën.

De opening komt op een moment waarop veel Democraten zich wanhopig voelen over hun huidige president, hun democratie en hun partij, maar daar niet aan willen toegeven. Obama voelde dat zelf aan in een toespraak die hij donderdag gaf, met naast Michelle ook de echtparen Biden, Clinton en Bush op het podium. Hij wilde niets weten van „cynisme en wanhoop” of „nostalgie naar een vaag, vervlogen tijdperk, een onbereikbaar verleden”.

Owanda (63) en Herbert Campbell (86) maakten een busreis van twintig uur om het museum te kunnen bezoeken.

Toch overheerst dat laatste onder bezoekers. „We hoopten allemaal dat zijn verkiezing een grote, permanente verandering teweeg zou brengen”, zegt Carolyn Slaughter (75), die met een groepsreis uit Atlanta, Georgia, in Chicago is. „In plaats daarvan gaan we weer terug in de tijd.”

Owanda Campbell (63) is hier met haar echtgenoot, Herbert (86), die nog meemaakte dat hij als zwarte man niet voorin de bus mocht zitten. Deze week maakten zij samen een treinreis van bijna twintig uur, van New Orleans naar Chicago, om hierbij te kunnen zijn. „Ik krijg tranen in mijn ogen als ik er hier aan denk wat president Obama allemaal bereikte en wat er daarna weer is afgebroken”, zegt Campbell. „Het vervult me ​​met vreugde en hoop dat dit museum er voor altijd is.”

Er zijn ook veel jongeren, die nauwelijks eigen herinneringen hebben aan Obama’s tijd in het Witte Huis en hem alleen kennen als ex-president. Connor Clark (18), uit Pittsboro, North Carolina, heeft net zijn middelbare school afgemaakt. Als kind kwam hij een keer bij het Witte Huis, toen zijn moeder een plekje had bemachtigd bij het jaarlijkse Paasevenement, de Easter Egg Roll, daar. „Ik weet nog dat Michelle Obama ons kinderen voorlas, maar dat is het wel.”

De achttienjarige Connor Clark (links), naast twee vrienden was benieuwd naar Obama’s versie van de geschiedenis.

Hij is hier omdat hij benieuwd is hoe in een museum als dit „de voormalige regering zijn eigen geschiedenis schrijft”. Clark: „Dit is Obama’s versie van wat er in die acht jaar gebeurd is. Niet alles is goed gegaan, maar onder de streep is het positief geweest.”

De presidenten die Clark wel bewust heeft meegemaakt, tikten allebei de tachtig aan en weten hem niet te inspireren. Obama was, zegt de aanstaande student politicologie, „de laatste president die consequent en deskundig verwoordde wat hij voor het land wilde”. Als hij ergens heimwee naar heeft, is het dat „politieke ophef over kleine dingetjes kon gaan, zoals de kleur van het pak dat Obama droeg. Nu voelt alles dramatisch en existentieel.” Ook hij zegt niet hardop aan wie hij denkt dat dat ligt.

Vechten tegen de tranen

Ensley Venson (47) is hier met zijn dochter van 15 en neefje van 16. „Om ze wat geschiedenis bij te brengen.” Beiden kijken glazig als ze gevraagd wordt naar Obama. Venson heeft de avond van tevoren „vechtend tegen tranen naar de speeches van beide Obama’s gekeken”. Hij wil dat de tieners zien „hoe ver je kunt komen en hoe je dat met fatsoen kunt doen. Obama is hét voorbeeld van iemand die zich niet op de kast liet jagen door alle ellende die hij over zich heen kreeg. Ik ben ervan overtuigd dat we nog zo’n leider kunnen krijgen.”

Dat is juist het probleem van de Democratische Partij. Zo’n leider is in de afgelopen tien jaar nog niet opgestaan. Het zijn nog steeds Barack en Michelle Obama die her en der de meest memorabele toespraken geven en de hoogste populariteit genieten. Als tien bezoekers die hier vrijdag rondlopen gevraagd wordt wie hun partij weer vooruit moet helpen, hebben negen geen antwoord. „Kamala, misschien?”, oppert Slaughter uit Georgia de voormalige vicepresident Kamala Harris.

Het lijkt ondertussen alsof de bezoekers hebben afgesproken te zwijgen over de man die nu in het Witte Huis zit en in 2016 hun droom verstoorde dat de VS een tijdperk van racisme, polarisatie en agressie achter zich hadden gelaten. In gesprekken bij het Obama-museum valt de naam Donald Trump niet één keer. Ook in de tentoonstelling en in de toespraken bij de opening werd hij niet genoemd. Want vandaag gaat het om de held uit vervlogen tijden en wanen Obamafans zich in Chicago even in een wereld zonder Trump.

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next