Het online winkelmandje blijkt een echt winkelmandje. Daarin onder meer: een fles Sarsons moutazijn voor over de friet; Oxo-bouillonblokjes met de twee O’s als uilenoogjes; Walkers crisps met de onnavolgbare smaak garnalencocktail; Yorkshire zwarte thee en zakjes Colman’s Mix for Shepherd’s Pie, want de Engelse mosterdreus blijft innoveren.
De bestelling wordt voor verzending gereedgemaakt in het kantoortje van Corinne Provoost, directeur van Hartley’s The English Shop in Arnhem. Maar de meeste klanten komen door de voordeur. Voor de iconische levensmiddelen, Engels aardewerk en all things Paddington en Beatrix Potter. De ‘smaak van Engeland’ is onverminderd populair.
Provoost is een ondernemende ex-expat. Ze had IT-banen in verschillende buitenlanden en begon met een vriendin al eens een stroopwafelcafé in Honduras. Ze wilde nog één keer iets anders. Dat werd Hartley’s. Ze is pas twee jaar eigenaar, de vorige zat er twintig jaar. „Maar ik weet wel zeker dat het vóór de Brexit beter draaide”, zegt ze.
Deze dinsdag is het tien jaar geleden dat de Britten in een referendum besloten uit de Europese Unie te stappen. De eilandbewoners bakkeleien sindsdien over wat de Brexit wel en niet heeft opgeleverd. Voor Hartley’s betekende het in elk geval: rompslomp en kosten.
Sinds het vertrek uit de interne markt en douane-unie importeert Provoost met haar bedrijf niet langer direct Britse waar. Ze koopt in bij grotere Europese bedrijven die, met diepe zakken en genoeg administratief personeel, nog wel rechtstreeks zaken doen. En die allemaal wat van haar marge afsnoepen.
„Juist het midden- en kleinbedrijf is hard geraakt, in Nederland en het VK”, beaamt Rem Korteweg, specialist geopolitiek en handel bij Instituut Clingendael. Deze maand publiceerde hij een slim en onderhoudend boek, met als titel de gewiekste slogan van de Brexiteers – Take Back Control – maar dan met een vraagteken.
Het gaat óók over Nederland: hoe ‘wij’ sindsdien met een schizofrene blik naar de Britten kijken. „We blijven Britse cultuur consumeren bij de vleet – schrijvers, tv-series, tv-chefs, humor. Ook omdat we ons daar ten onrechte in denken te herkennen. Dat beeld is volslagen geromantiseerd. Anderzijds vragen we ons af of ze wel goed bij hun hoofd waren toen ze de EU opzegden.”
Daar mag het denken niet ophouden, vindt hij. De Brexit is een afschrikwekkend voorbeeld, maar het „trilemma” tussen nationale soevereiniteit, democratische besluitvorming en globalisering gaat Nederland net zo goed aan. Toch wordt de slotgracht breder. „Mentaal drijft het Verenigd Koninkrijk af”, zegt Korteweg. „Voor gewone Nederlanders blijft het een aantrekkelijk land, maar voor overheden en de lidstaten was de Brexit een afsluiting: het VK is niet langer een probleem voor de EU, noch een oplossing. Uit het oog, uit het hart.”
Natuurlijk is er nog samenwerking en uitwisseling, in de wetenschappen, in de kunsten. De Britten zijn een drijvende kracht achter de Europese steun aan Oekraïne. Maar de relatie atrofieert. „Jonge Britten krijgen geen Erasmus-beurs meer om in het buitenland te studeren [vanaf 2027 mogelijk weer wel]. En wat zou de EU het strategische Britse denken, ondanks de politieke ellende in Londen, goed kunnen gebruiken met de grootste crisis op het continent.”
Breturn? Korteweg ziet het nog niet gebeuren. En hoe langer het duurt, hoe schraler oude netwerken en de ervaring van vóór de Brexit worden. „Zo zonde.” Droevig vooruitzicht: een Europees power house dat alleen nog Marmite en Worcestershiresaus betekent.
Hans Steketee doet elke maandag ergens vanuit Nederland verslag