Een thuisbatterij klinkt voor veel huishoudens als de logische volgende stap bij zonnepanelen. Maar wie vooral geld wil besparen, moet goed rekenen. De accu is vaak prijzig en lost lang niet altijd een echt probleem op.
Begin volgend jaar verdwijnt de salderingsregeling. Huishoudens met zonnepanelen kunnen dankzij die regeling al jaren hun teruggeleverde zonnestroom wegstrepen tegen het verbruik vanaf het stroomnet. Door het verdwijnen van de salderingsregeling zijn veel zonnepaneelbezitters bang voor hogere lasten en terugleverkosten.
"Mensen worden bang gemaakt dat ze bijvoorbeeld duizenden euro's terugleverkosten krijgen, maar dat is niet zo", zegt energie-expert Dennis van der Meij. Bij vaste contracten houden terugleververgoeding en terugleverkosten elkaar volgens hem vaak ongeveer in evenwicht. Daardoor levert teruggeleverde stroom niets meer op, maar kost die ook niets.
Het financiële voordeel van zonnepanelen wordt wel lager. Een kilowattuur die je zelf gebruikt, is straks veel meer waard dan een kilowattuur die je teruglevert aan het net. Wie eigen zonnestroom direct verbruikt, hoeft die stroom niet in te kopen en bespaart daarmee energiebelasting, btw, het stroomtarief van dat moment en eventuele leveringskosten. Dat kan al snel om 26 cent per kilowattuur gaan.
Een gemiddeld huishouden gebruikt zonder thuisbatterij ongeveer 30 tot 35 procent van de eigen zonnestroom direct, zegt energie-expert Jeroen Bakker. Met bewust gedrag kan daar ongeveer 10 procentpunt bij komen. Denk aan de vaatwasser, wasmachine of boiler overdag automatisch aanzetten als de zonnepanelen stroom opwekken.
Een thuisbatterij kan dat eigen verbruik verder verhogen. Bakker ziet in zijn onderzoeksdata dat een huishouden met een batterij van 5 kilowattuur richting 60 procent zelfverbruik kan gaan. Groter is niet altijd beter: boven die capaciteit komen er vaak nog maar een paar procentpunten bij.
Een thuisaccu is ook volgens energie-expert Henry Lootens niet de eerste stap. "Eerst probeer je het verbruik te verplaatsen, en voor het laatste deel kun je een batterij overwegen", zegt hij.
De financiële rekensom blijft voorlopig lastig. Van der Meij denkt dat thuisbatterijen de komende jaren met alleen zelfverbruik meestal niet worden terugverdiend. Zelfs als een huishouden per kilowattuur ongeveer 26 tot 30 cent aan inkoopkosten bespaart, moet de batterijprijs volgens hem nog fors dalen.
Daar komt bij dat een batterij niet alle stroom netjes bewaart. Bij laden en ontladen gaat energie verloren. In de praktijk verdwijnt vaak 15 tot 25 procent, zegt Van der Meij. Wie 10 kilowattuur in de batterij stopt, kan er dus soms maar ongeveer 8 kilowattuur weer uit halen.
Sommige verkopers wijzen op handelen met goedkope en dure stroom. De batterij laadt dan op bij lage prijzen en levert terug of ontlaadt bij hoge prijzen. Dat klinkt aantrekkelijk, maar de verschillen moeten groot genoeg zijn om belastingen, kosten en verliezen goed te maken.
Die kansen worden kleiner, denkt Van der Meij. Steeds meer huishoudens en bedrijven sturen hun verbruik of opslag op goedkope uren. Daardoor vlakken prijsverschillen af. "Handel is geen reden meer om een accu aan te schaffen", zegt hij.
Door het verdwijnen van de salderingsregeling moet vanaf volgend jaar het prijsverschil minimaal zo'n 12 cent zijn om geen geld te verliezen. Vanaf dat moment betaal je namelijk wel belasting en btw over de elektriciteit die je van het net haalt, maar krijg je geen belasting en btw meer terug over de elektriciteit die je teruglevert aan het net.
Een hybride strategie kan volgens Van der Meij nog wel nuttig zijn: vooral eigen zonnestroom opslaan, en af en toe inspelen op prijzen. Maar dan moet het systeem flexibel zijn en kunnen meebewegen met de markt. "Een simpele domme doos is daarvoor minder geschikt."
Voor huishoudens zonder zonnepanelen kan een thuisbatterij soms interessant lijken in combinatie met een dynamisch contract. Dan laad je de batterij bij lage stroomprijzen. Maar ook daar geldt dat belastingen, kosten en verliezen de winst snel verkleinen. Daarnaast worden de prijsverschillen ook weer steeds kleiner.
Wie toch een batterij wil, moet vooral niet te groot kopen. 5 tot 7 kilowattuur is volgens Van der Meij voor veel huishoudens een logische orde van grootte. Een vuistregel is kijken naar het stroomverbruik tussen zonsondergang en zonsopkomst in de maanden maart tot en met september.
Vermenigvuldig het aantal kilowattuur dat je in de avond en nacht verbruikt met anderhalf. De uitkomst van die rekensom is de capaciteit die je thuisaccu ongeveer moet hebben. Deze berekening houdt rekening met het verlies dat ontstaat tussen laden en ontladen en zorgt voor een kleine extra marge.
De winter moet je daarbij niet leidend maken, onderstreept Van der Meij. Dan is er weinig zon en juist veel vraag, zeker bij een warmtepomp. Een thuisbatterij lost die seizoenskloof niet op: hij bewaart stroom voor uren of hooguit dagen, niet voor maanden.
Er zijn nog wel andere goede redenen te noemen om de aanschaf van een thuisbatterij te overwegen. Meer onafhankelijkheid van het net kan voor sommige huishoudens belangrijk zijn. Met zonnepanelen en een kleine batterij hoeft een huishouden tussen grofweg begin maart en eind oktober veel minder stroom in te kopen.
Maar als het doel alleen geld verdienen is, blijft voorzichtigheid nodig. "Ik ben niet tegen een batterij, maar je moet het zien als hobby, niet als financieel verdienmodel", zegt Lootens.
Ook noodstroom wordt vaak gebruikt als verkoopargument. Maar langdurige stroomuitval is in Nederland niet het scenario waar de meeste huishoudens hun aankoop op hoeven te baseren, zegt Van der Meij. "Er komen geen 28 dagen zonder stroom. Stroomstoringen zijn extreem zeldzaam en duren doorgaans hooguit een paar uur."
De belangrijkste vraag blijft volgens Van der Meij vooral: welk probleem moet de batterij oplossen? Wie vooral minder terug wil leveren, kan eerst apparaten overdag gebruiken of slimmer sturen. Wie onafhankelijkheid wil en daar geld voor overheeft, kan een batterij overwegen.
Veel mensen die nu een thuisbatterij aanschaffen doen dat uit een paniekreactie, denkt Van der Meij. Het einde van salderen maakt eigen verbruik belangrijker, maar niet elke kilowattuur overschot vraagt om een accu. Slimmer gebruiken is vaak de eerste besparing.
Source: Nu.nl Tech