Home

Buurtpyromanen denken je hier een plezier te doen door hun vuil te verbranden

Waar lopen de correspondenten van de Volkskrant in hun dagelijkse leven tegenaan? Vandaag: Noël van Bemmel vraagt zich af waarom Indonesiërs nog steeds hun vuilnis verbranden in de tuin.

is correspondent Zuidoost-Azië van de Volkskrant. Hij woont in Indonesië.

Om de zoveel dagen drijft een dikke rookwolk door ons huis in Denpasar. De geur van brandend plastic vult de neusgaten en blijft hangen tussen de gordijnen; zwarte roetdeeltjes slaan neer op aanrecht en eettafel. Deuren en ramen sluiten helpt niet, want onze woning heeft – zoals veel huizen in de tropen – royale ventilatieopeningen rondom om schimmel en vocht te bestrijden. Die milieuvriendelijke klimaatbeheersing dateert uit een tijd dat er nog geen luchtvervuiling of airconditioning was in Indonesië. Nu kleurt de plafondventilator boven mijn schrijftafel steeds zwarter.

Een blik uit het raam maakt meteen duidelijk waar de rook vandaan komt. Onze buurman rechts veegt vlijtig alle gevallen bladeren en zwerfvuil op, kiepert die in de greppel voor zijn huis en steekt ze aan met benzine. De buren op links en aan de overkant stapelen hun vuil graag tegen een boom in de berm en laten die hopen urenlang doorsmeulen. Eén rijke buurman heeft een olievat met gaten erin op straat gezet; daar steken vaak kloeke vlammen uit. Allemaal doodnormaal in Indonesië.

Sterker nog, de buurtpyromanen denken de rest een plezier te doen door zwerfvuil op te ruimen en tegelijkertijd muskieten te verjagen. Deze traditie ging eeuwenlang goed totdat pisangblad plaats maakte voor kunststof als verpakkingsmateriaal. Geen land verpakt zoveel in plastic (drinkwater, eten, bijna alle spullen in de winkel) en nergens kiezen zoveel consumenten uit geldgebrek voor mini-verpakkingen. Zo belandt meer dan drie miljoen ton plastic jaarlijks in het milieu, vaak achteloos weggegooid op straat. Alleen India en Nigeria scoren slechter.

Zelf zet ik mijn vuilnis gewoon voor de deur in een grote bak. Daarvoor betaal ik maandelijks 2,50 euro aan een meneer van het buurtcomité die alle huizen langsgaat. De vuilniswagen is een open truck waarop mannen met slippers het losse afval aanstampen. Helaas vinden veel buren dat te duur. Of houden zij liever vast aan hun rokerige gewoonte. Wie daar last van heeft zwijgt, om de vrede in de straat te bewaren. Klagen bij het buurtcomité helpt ook niet. Helemaal niet als je een buitenlander bent die tijdelijk is neergestreken.

De Indonesische overheid haalt hooguit 70 procent van het vuilnis op. De rest wordt verbrand in de tuin of verdwijnt in de rivier of in de bosjes. De open stortplaatsen zijn doorgaans overvol, stoten wolken methaangas uit en vervuilen het grondwater. Afvalscheiding, compostering en recycling vinden zelden plaats. Soms staan de vuilnisbergen dagenlang in brand, soms komen groepen afvaljutters om door instortingen.

De overheid heeft beloofd voor 2029 circa 340 open stortplaatsen te sluiten, afvalscheiding op huishoudniveau te gaan stimuleren, recycling te bevorderen en grote moderne vuilverbrandingsovens te bouwen om energie op te wekken. Of die ambitie wordt gehaald, is zeer de vraag. Toen de gouverneur van Bali dit jaar de overvolle stortplaats sloot voor organisch afval, dumpten honderden vuilnistrucks hun lading voor zijn kantoor. Daarna ging de stort weer open.

Thuis zijn we braaf begonnen met afval scheiden. Zo’n zeventig procent, zo blijkt, is organisch. Vooral afkomstig uit de tuin waar de bomen het hele jaar door bladeren verliezen. Bij het bedrijf Shiva Industries, gerund door twee expats, halen we een groot vat en een flesje mysterieuze bacteriën. ‘Klein snijden, mengen en de rest gaat vanzelf’, belooft oprichter Tobias Wilson die grote composteermachines bouwt voor hotels en restaurants. De vaten en flesjes deelt hij gratis uit. Als het goed is, stelt hij, blijft slechts een bruine vloeistof over om de tuin mee te voeden. Mooi project, maar we wachten nog steeds op de eerste druppel.

Source: Volkskrant

Previous

Next