Home

Geen gewonden bij bosbrand Venray, maar campinggasten aangedaan: ‘Of ik nou hier of daar doodga, wat maakt dat uit?’

De bosbrand in de gemeente Venray heeft ruim 100 hectare natuurgebied verwoest. Vooralsnog zijn er geen slachtoffers gevallen. Maar sommige geëvacueerde campinggasten voelen zich toch zwaar getroffen.

is politie- en justitieverslaggever van de Volkskrant.

Op het terras van hotel Asteria in Venray ontbijten campinggasten van recreatieplek De Oude Barrier in het Noord-Limburgse dorp Smakt. Ze mochten in het hotel overnachten nadat ze maandag werden geëvacueerd omdat de bosbrand te dichtbij kwam. Een van hen is boos.

‘Ik moet mijn medicatie hebben. Het is maar 100 meter hiervandaan’, wijst hij naar rood-witte afzetlinten in de verte.

‘Sorry meneer, u mag daar niet naartoe’, antwoordt een dame aan een tafel onder een parasol. Ze draagt een groen hesje met de fluorescerende letters ‘OVD-Bz’ op haar rug – ze is hier als officier van dienst namens de afdeling Bevolkingszaken van de gemeente Venray.

‘Maar ik zit al te lang zonder medicijnen’, vervolgt de man. ‘Kan ik niet even met een brandweermannetje mee?’

‘Nee’, reageert de vrouw vriendelijk maar stellig. ‘Niemand mag daar naartoe. Het is niet veilig. Ik raad u aan naar een huisarts te gaan.’

‘Dat duurt me te lang, u houdt mij niet tegen’, sputtert de man, die noodgedwongen dezelfde vakantiekleren draagt als gisteren.

‘Dan zal ik de politie moeten inschakelen.’

‘Met alle respect’, antwoordt de boze campinggast, ‘of ik nou hier of daar doodga, wat maakt dat nou uit?’

De brand ‘omsingelen’

Voorlopig zijn er geen slachtoffers gevallen, sinds de brandweer maandagochtend 11.45 uur de melding kreeg van een omvangrijke bosbrand in de Boshuizerbergen, ten oosten van Venray. ‘Wij staan hier altijd als er is opgeschaald’, verzucht de ‘officier van dienst geneeskundig’ vanuit zijn ambulance op het parkeerterrein van Asteria. ‘Het ziet er niet naar uit dat we moeten uitrukken, maar je weet het nooit. Die brandweergasten staan daar in de volle zon, hè? Er kan altijd zomaar iemand omvallen.’

De brand die maandag in de Noord-Limburgse gemeente Venray al 100 hectare bos verwoestte, is dinsdag nog niet onder controle. Brandweercommandant Geert van Pol verwacht dat het nablussen nog zeker 48 uur duurt. Hij geeft leiding over korpsen die uit het hele land zijn komen helpen en heeft 250 mensen ingezet die het gebied ‘omsingelen’: de brandweer blust en legt met handgereedschap stoplijnen aan in het bos om verspreiding van het vuur tegen te gaan.

Voor de plekken waar de brandweer niet kan komen, bepaalt Van Pol samen met landelijke adviseurs van de natuurbrandbestrijding en het Mobile Air Operations Team de dropzones, waar twee Chinook-transporthelikopters van defensie met grote waterzakken de brandweer helpen blussen. Defensie heeft 76 manschappen aan het werk.

Kroonvuur

Een brand van dit kaliber maakt commandant Van Pol zelden mee. Kroonvuur, waarbij de brand zich via de boomtoppen verspreidt, ‘zien we alleen bij extreme droogte zoals nu’. Ruim driehonderd vakantiegasten zijn geëvacueerd, met ‘man en macht’ hebben Van Pols mensen de hele nacht doorgewerkt. Zijn grootste vrees is de wind en onweer. ‘Dan wordt het wispelturig.’

Vanuit de zogenoemde CoPi (commando plaats incident), een ad hoc neergezette container op het parkeerterrein van hotel Asteria, wordt alle hulpverlening gecoördineerd. Burgemeester Michiel Uitdehaag van Venray bezoekt er de brandweermensen die na een lange nacht zijn afgelost. ‘Dan hoor je hoe groot de impact ook voor hen is, fysiek en mentaal.’ De burgemeester gaat ervan uit dat van die 100 hectare getroffen natuur weinig meer over is. ‘Dat is dramatisch.’

Alle toegangswegen naar het bos zijn met hekken en rood-wit lint afgezet en worden bewaakt. Ook het treinverkeer tussen Boxmeer en Venray ligt stil. Door het dorp Maashees, over de Monseigneur Geurtsstraat die het dorp uit door de weilanden slingert, loopt een dikke, gele, kilometerslange slang van de Maas naar het bosgebied. Erboven vliegen de Chinooks met veel kabaal af en aan.

Ramptoeristen

Ramptoeristen worden overal tegengehouden. ‘Het is niet veilig’, zeggen verkeersregelaars in feloranje hesjes steevast tegen passanten. Ook de verkeersregelaars hebben het zwaar; het is inmiddels meer dan 30 graden en in het gebied hangt de penetrante geur van vuur en rook.

Enkele kilometers verderop, op natuurkampeerterrein Landgoed Geijsteren, kregen alle campinggasten een alarmbericht op hun mobiele telefoons met de dringende oproep om ramen en deuren dicht te houden, vertelt Tineke Bakker, die ‘al 25 jaar’ elk seizoen hier met haar man en camper staat. ‘Vannacht lieten we alles open. Die brandlucht stonk een uur in de wind, maar de hitte was helemáál niet te doen.’

Oorverdovend kabaal

Op een steiger staat een man onverstoorbaar in de Maas te vissen. Zijn vrouw en hun twee kleine kinderen zitten aan zijn voeten. De kleuters steken hun vingers in hun oren zodra pal achter hen een Chinook met donderend geraas tot 20 meter boven de rivier blijft stilhangen. Een mist van rivierwater spat op en verspreidt zich over de hele camping als de helikopter een bambi bucket, zoals de oranje bluswaterzak officieel heet, in het water laat zakken. Zodra die met 7.600 liter Maaswater is volgelopen, stijgt het gevaarte weer op en nadert de volgende helikopter met oorverdovend kabaal.

‘Deze waterzakken zijn kleintjes’, zegt Martien Jegerings (76), die in een campingstoel op de kade toekijkt. ‘Ik heb zelf 44 jaar bij de brandweer gewerkt. Echt grote bluswaterzakken kunnen tienduizend liter vervoeren.’ En nee, Martien zit hier niet als ramptoerist. Ook zit hij hier niet om beroepshalve de Chinooks te bewonderen, hoewel hij het ‘best wel leuk’ vindt. ‘Zie je die kinderen daar op de steiger? Dat zijn Jan en Thijs, mijn kleinkinderen. Daar zit ik van te genieten.’

De natuurbrand bij Venray woedt in de Boshuizerbergen, een natuurgebied dat bijzonder is vanwege het jeneverbesstruweel in het midden ervan. Dat was een van de grootste jeneverbesstruwelen in Zuid-Nederland. Het gebied is eigendom van Het Limburgs Landschap, dat 95 jaar geleden werd opgericht om het jeneverbesstruweel te behouden. ‘Dat is ons tot gisteren redelijk gelukt’, zegt woordvoerder Henk Heijligers met galgenhumor. Het jeneverbesstruweel groeit in een landschap met schrale vegetatie op stuifzand. Boshuizerbergen heeft de status van beschermd Natura 2000-gebied vanwege de landschappelijke waarde. Rond het struweel zijn in de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw dennenbossen geplant voor de mijnbouw. Dat maakt het hele gebied lichter ontvlambaar dan bijvoorbeeld loofbossen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next