Dekolonisatie Ooit kreeg dit mini-eiland in de Stille Oceaan de naam ‘Pleasant Island’. De Duitsers veranderden de naam toen ze het eiland koloniseerden in 1888 naar Nauru. Die naam past niet bij de taal en de identiteit van het land, aldus de president van het vers hernoemde Naoero.
Bewoners van Naoero kijken naar een Australian football-wedstrijd, een populaire sport op het eiland. Op de achtergrond de fosfaatfabriek, lang een belangrijke bron van inkomsten voor het land.
Namen doen ertoe. Dat wisten de kolonisten al toen ze overzeese gebieden innamen. Dat weten ook de landen die zich weer van de koloniale namen willen ontdoen. Zo ook de Republiek Naoero (spreek uit Now-ero).
Het eiland in de Stille Oceaan heette sinds 1888 Nauru (Now-roo), een naam die het had gekregen van de Duitse kolonisten, maar de nieuwe naam komt beter overeen met de spelling en uitspraak van de nationale taal. „De naam beoogt het erfgoed, de taal en de identiteit van onze natie beter te eren „, zei president David Adeang.
Met 12.000 inwoners is Naoero, na Tuvalu en Vaticaanstad, het op twee na kleinste land ter wereld als je kijkt naar bevolkingsomvang. Het is ook slechts 21 vierkante kilometer groot en ligt op ongeveer 3.000 kilometer van de kust van Australië. Op het atol is er één hoofdweg en één stoplicht. Dat stoplicht moet ervoor zorgen dat er soms een vliegtuig kan oversteken. De republiek heeft geen hoofdstad noch een leger.
De eerste bewoners kwamen er in 1000 v. Chr terecht. Alles ging z’n gangetje totdat er op 8 november 1798 een Brits schip langsvoer. De opvarende kapitein, John Fearn, was onder de indruk van de schoonheid van het land en de hartelijkheid van de bewoners. Hij doopte het tot ‘Pleasant Island’.
Erg plezierig bleef het er niet. Er braken gewapende conflicten uit en in 1888 annexeerden de Duitsers het eiland. Nog geen elf jaar later ontdekte de Nieuw-Zeelandse goudzoeker Albert Ellis (1869 – 1951) dat Naoero voor 80 procent rijk was aan fosfaat, waarna in 1908 de Pacific Phosphate Company de boel kwam ontginnen. Dat bleef doorgaan na de Eerste Wereldoorlog, terwijl Naoero ondertussen door Australië was ingelijfd. In 1942 namen de Japanners het eiland in. Ze deporteerden de bewoners die niet konden werken. Wie zich verzette, werd geëxecuteerd. Aan het eind van de oorlog woonden er nog maar 600 dei-Naoero, zoals de inwoners vanaf nu heten (in plaats van Nauruaans).
Na de Tweede Wereldoorlog keerden de gedeporteerde bewoners en het Australische gezag weer terug. De mijnbouw ging weer verder waar die in 1942 gebleven was. Toen Naoero in 1968 onafhankelijk werd, was een derde van het eiland leeggehaald. In de jaren zeventig vormde fosfaatwinning de voornaamste bron van inkomsten. Het eiland kreeg steeds meer het uiterlijk van een maanlandschap terwijl de bevolking zich naar de kust verplaatste.
Door klimaatverandering is de kust tegenwoordig niet meer veilig: de zeespiegel stijgt en er zijn enorme stormen. Zo’n 90 procent van de bevolking zal verplaatst moeten worden naar de binnenlanden.
Vanaf de jaren negentig verkeerde het land aan de rand van een economische afgrond. Een Australisch asielzoekerscentrum is inmiddels de voornaamste bron van inkomsten. Tussen 2014 en 2018 werden 25 Australische migranten zonder proces vastgehouden op Naoero. Vorig jaar nog werd afgesproken dat het land 354 migranten zal opvangen waar Australië van af wil, het gaat daarbij om veroordeelde migranten die vastzitten in detentiecentra. De deal geldt voor de komende dertig jaar, waarbij het zou kunnen dat in ruil voor 1,4 miljard euro er duizenden migranten die kant op gaan. Daarnaast kwam de regering vorig jaar met het plan staatsburgerschap aan te bieden. Voor omgerekend ruim 135.000 euro kan je een paspoort kopen. Wie met familie komt, betaalt 15.000 euro per gezinslid erbovenop.