Bloemen zijn goed voor mensen, maar mensen zijn niet goed voor bloemen. Ze spuiten er gif op en kopen ze op de verkeerde momenten. Dat kan anders.
Mensen houden van bloemen. In haar boek Groene zintuigen (2024) zet Kathy Willis, hoogleraar biodiversiteit aan de universiteit van Oxford, allerlei studies op een rij waaruit blijkt dat mensen in de buurt van planten, bomen en bloemen gezonder en gelukkiger zijn dan mensen die verstoken zijn van groen.
Het intrigerendst vindt ze een onderzoek dat in 1984 werd gepubliceerd in het Amerikaanse wetenschappelijke tijdschrift Science. Dat toonde aan dat mensen die vanuit hun ziekenhuisbed door het raam bomen konden zien, sneller herstelden van een galblaasoperatie dan mensen die na diezelfde operatie uitkeken op een blinde muur. De eerste groep had bovendien minder pijnstillers nodig.
Hoeveel rust, reinheid en regelmaat heeft een mens nodig? Volkskrantverslaggever Wilma de Rek, tevens auteur van het boek Rust, reinheid en regelmaat, gaat in een serie op zoek naar antwoorden. Lees hier de andere artikelen terug.
Willis vindt dat onderzoek zo intrigerend omdat het aangeeft dat niet de boom zelf voor het positieve gezondheidseffect zorgt, maar puur de zintuiglijke ervaring van die boom; in dit geval het zien, maar het geldt ook voor ruiken, horen en voelen.
Planten – en dus ook hun voortplantingsorganen: de bloemen – geven vergelijkbare effecten. Ze verminderen stress en angst en vergroten het geestelijk welzijn. Bloemen gooien er bovendien nog een boel bonuseffecten tegenaan, met hun lekkere luchtjes, prachtige kleuren (vooral groen en geel maken mensen blij) en geraffineerde vormen.
De Romeinen vrolijkten hun tuinen al op met korenbloemen, klaproos en lavendel. In de ommuurde tuinen van de middeleeuwen werden niet alleen nuttige voedsel- en medicinale planten gekweekt maar ook wufte exemplaren, puur voor het mooi.
In de 17de eeuw zetten classicisten bloemen als soldaatjes in het gelid, in de 18de eeuw woelden naturalisten ze weer los. Al die eeuwen sneden mensen de bloemen die buiten naar de bijtjes stonden te lonken bij tijd en wijle af van de plant die hen in leven hield, om ze op te sluiten in een vaas.
Of bloemen ook van mensen houden weten we niet. Als ze konden praten zouden ze waarschijnlijk hetzelfde antwoorden als die kalkoen op de vraag of hij van kerst houdt: niet echt. Maar de bloemen in de huizen van de Romeinen, de middeleeuwers en de rest hadden tenminste nog een leuk leven gehad, wuivend in de zon.
Dat kun je van de meeste snijbloemen die nu in onze vazen staan niet zeggen. Die worden speciaal gekweekt om zo prachtig en traag mogelijk (‘ja, deze staan gegarandeerd twee weken hoor!’) te sterven.
Vanaf de 19de eeuw werd de bloem steeds meer een product en groeide tulpenland Nederland uit tot centrum van de wereldhandel. Bij de teelt komen zo veel ‘gewasbeschermers’ kijken dat Milieu Centraal de consument aanraadt uitgebloeide bloemen niet bij het gft of op de composthoop te gooien, maar bij het restafval: ‘Vaak zitten op de bloemen nog bestrijdingsmiddelen die schadelijk kunnen zijn voor insecten en het milieu.’
In april dit jaar deed het Pesticide Action Network Netherlands een steekproef bij zeventien tuinplanten van Praxis, Welkoop en Intratuin, waarop 32 verschillende bestrijdingsmiddelen werden gevonden. Dertien daarvan waren geclassificeerd als ‘zeer gevaarlijke pesticiden’. Het viel binnen de wettelijk toegestane hoeveelheden.
Sinds een paar jaar groeit de weerstand tegen de bloementeelt, ook vanwege het energie- en waterverbruik plus de CO2-uitstoot die erbij komen kijken. In 2024 laaide de discussie op nadat in Frankrijk de dodelijke leukemie van een jong meisje rechtstreeks was gelinkt aan de pesticiden waarmee haar moeder, bloemist, tijdens de zwangerschap in aanraking was gekomen.
Het aantal bloemisterijen in Nederland loopt intussen hard terug, en dat is jammer. Want bloemen zijn dus goed voor de mens, maar dan moeten ze natuurlijk niet worden bespoten met troep die slecht is voor mens en dier.
Het goede nieuws is dat dat ook helemaal niet nodig is, want er zijn prima alternatieven. Nee, niet de almaar populairder wordende kunstbloemen, die vaak in China worden gemaakt van polyester of nylon en niet de positieve gezondheidseffecten van echte bloemen hebben.
Het echte alternatief is de onbespoten natuurbloem, ook wel biologische bloem genoemd, en gelukkig rukt die zachtjes op.
Bij Bloemenhuis Terweyde in Culemborg wijst bloemist Björn Peterse (40) opgewekt naar het grote aanbod. ‘Het limonium staat nu volop in bloei, de eerste pimpernelletjes zijn er al. Er zijn tagetes, rudbeckia, distels, strobloemen. Binnenkort komen de sneeuwbessen, en we krijgen ook nog leeuwenbek en ridderspoor. En zonnebloemen natuurlijk.’
Peterse haalt een deel van zijn aanbod bij de nabijgelegen stadsboerderij Caetshage en de biologische Kwekerij op ’t Hof, maar hij verkoopt ook niet-biologische bloemen. ‘Dat kan prima naast elkaar, veel niet-biologische tuinders doen ook hun best duurzaam te telen. En sommige klanten moeten niks van biologische bloemen hebben; ze denken dat die maar kort staan, wat niet zo is. Of ze vinden ze te duur.’
De ellende met prijzen, zegt Peterse, is dat de consument ze vergelijkt met die van de supermarkt. ‘Lidl is nu begonnen met de verkoop van biologische bloemen en voor de brede acceptatie is dat mooi, maar ze bieden boeketten aan voor 4,99 euro. Ik kan voor 4,99 euro echt geen biologisch boeket maken. Lidl ook niet, maar die maakt gewoon de boter of de suiker wat duurder. Ze zouden eerlijke prijzen moeten vragen.’
Met de cyclus van de bloemenverkoop is iets raars aan de hand: die gaat dwars tegen de natuurlijke cyclus in. Peterse: ‘Het is hoogzomer, buiten is het aanbod aan bloemen nu het grootst, maar mensen kopen ze nauwelijks, omdat ze in de tuin zitten of op vakantie zijn. De verkoop van snijbloemen trekt pas weer aan vanaf september, oktober, maar in de natuur neemt het aanbod dan juist af.’
Wil je schone bloemen? Volg dan de seizoenen, het hoogtepunt is nu. En in de winter neem je een gedroogd boeket, een winterbloem zoals de amaryllis, of een fijne kersttak. Ach, was het maar vast zover.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant