Home

Dirigent Wiecher Mandemaker reist met zijn koor naar Westminster Abbey: ‘Meer kun je niet verlangen; hen op de mooist denkbare locatie tot deze hoogte te horen stijgen’

De Rotterdamse Laurenscantorij bestaat zestig jaar en reist naar het Londense Westminster Abbey waar ze een aantal dagen Choir in residence zijn. Dirigent Wiecher Mandemaker: „Al die grote componisten die hier begraven liggen. Vaughan Williams, Stanford, Elgar, Britten. Je voelt je ineens klein in hun gezelschap.”

De Rotterdamse Laurenscantorij in Westminster Abbey in Londen. Dirigent Wiecher Mandemaker staat op de eerste rij, geheel rechts.

Woensdag 29 juli Eurostar naar Londen

We zijn wel wat gewend als Laurenscantorij. Al zestig jaar zingen we diensten en concerten in de Rotterdamse Laurenskerk. Toch is de sfeer vanmorgen net even anders als de Eurostar binnenloopt op Rotterdam Centraal. Het doet een beetje denken aan de opgewonden stemming bij een schoolreisje. Als onderdeel van ons jubileum reizen we vandaag met 38 koorleden – drie konden helaas niet – af naar Westminster Abbey in Londen, waar we de komende dagen Choir in residence zijn. De Westminster heeft zijn eigen beroemde jongenskoor, tijdens vakanties mogen andere koren de dagelijkse diensten zingen. Iedereen wil dat natuurlijk heel graag doen, in die iconische Abbey die we allemaal zo goed kennen van koninklijke bruiloften (William en Kate) en begrafenissen (koningin Elizabeth). De Laurenscantorij is een amateurkoor, maar heel professioneel, en we zijn door de strenge selectie heen gekomen. Er gaat een droom uitkomen de komende dagen.

Donderdag 30 juliDebuut in Westminster Abbey

Vandaag is ons debuut in Westminster Abbey. De dag begint met een rondleiding. De geschiedenis van dit gebouw is indrukwekkend, net als de lijst met namen van vorsten, dichters en musici die hier begraven liggen. Links staart een beeltenis van Gibbons me aan, ik schuifel over het graf van Purcell. Je kunt hier letterlijk over de componisten lopen; Vaughan Williams, Stanford, Elgar, Britten, Howells. Je voelt je ineens klein in het gezelschap van deze grote componisten.

Na een eerste repetitie in St. Margaret’s Church volgen de loopinstructies van de verger, een soort koster. Je moet je volgens strikte protocollen door de Abbey bewegen. In twee rijen naast elkaar, de hoeken moeten in exact 90 graden genomen worden. Hij neemt de dienst kort met ons door, niets wordt aan het toeval overgelaten. Dan volgt het magische moment dat we plaatsnemen in de beroemde koorbanken en de eerste tonen klinken: we zingen het ‘Magnificat’ en ‘Nunc Dimittis’ van Stanford. De opgebouwde spanning  maakt plaats voor verwondering en vervoering. Heel speciaal om hier te mogen staan in die lange rij van musici die hier in al die eeuwen zo veel schoonheid hebben gebracht. De ruimte zingt heerlijk en de organist is van de buitencategorie. Het is zo bijzonder dit te kunnen doen met de mensen die me zo lief en dierbaar zijn.

De evensong, een grotendeels gezongen middaggebed, verloopt uitstekend, iedereen is geconcentreerd en geïnspireerd. We hebben de proef doorstaan en dit smaakt absoluut naar meer. Maar eerst wordt dit succes gevierd in de pub. Het bleef nog lang onrustig in Londen.

Vrijdag 31 juliFans uit Nederland

De dag begint met een bezoek aan de Nederlandse ambassadeur in Londen. We worden gastvrij ontvangen op zijn residentie. Na wat toespraken zingen we een mooie anthem. Er volgt een ontspannen samenzijn waarna we vertrekken voor de middagrepetitie. We zingen onder andere een prachtig ‘Magnificat’ van Gibbons. We doen enorm ons best, maar als we even later in de Abbey langs zijn graf lopen komt toch de gedachte boven dat ik Gibbons graag zou raadplegen. Wat zou hij ervan vinden? Zijn we op het goede spoor of moet het toch anders? Ik krijg geen antwoord.

Het is bijzonder om te zien dat er nogal wat fans uit Nederland zijn overgekomen om ons hier te horen. En het doet ook goed dat het personeel van de Abbey enthousiast is over ons gezang. Waren er gisteren al 500 mensen, vandaag gaan we daar dik overheen! Wat een belevenis. We sluiten de dag als koor af met een groots diner in een Portugees restaurant.

Dirigent Wiecher Mandemaker neemt voor Westminster Abbey foto’s van het koor.

Zaterdag 1 augustusBriljante polyfonie

Als je een paar dagen in Westminster Abbey zingt dan ervaar je hoe goed de Engelse koorliteratuur past in deze omgeving en hoe ze is ontstaan als een resultante van liturgische structuur, architectuur, instrumenten en een goede koorcultuur. Vandaag zingen we echter in aanwezigheid van het ambassadeursechtpaar twee Nederlandse composities; het ‘Magnificat’ van H. Andriessen en ‘Psalm 100’ van J.P. Sweelinck. De stukken passen prachtig in de liturgie en Gibbons en Purcell moeten van onder hun zerken hebben genoten van Sweelincks briljante polyfonie. Ook de grandeur van Andriessens ‘Magnificat’ past hier geweldig en het indrukwekkende orgel stuwt ons tot grote hoogte.

Er vallen me vandaag een paar dingen op. Een flink deel van de zangers van de Laurenscantorij heeft geen kerkelijke achtergrond. Maar in deze Abbey vinden ze wel wat ze zoeken. De kracht van de rituelen in de dienst, de kwaliteit van de lezingen, gebeden en prachtige muziek in de overrompelende schoonheid van het gebouw raken allen diep.

Ook zie ik dat het koor in deze snelkookpan van repetities en vieringen in een paar dagen groeit in kwaliteit. Het vele repeteren en uitvoeren brengt ons in samenklank, zuiverheid en muzikaliteit weer verder. Een inspirerend recept voor ontwikkeling.

Zondag 2 augustus‘Nogal gedurfd’

Onze laatste dag is de heftigste. We zitten om 06.30 uur aan het ontbijt, er moet om 08.15 uur gerepeteerd worden; de eerste van een reeks deze dag. Je kunt horen dat we pittige dagen achter de rug hebben. De geest wil wel maar de stem stribbelt wat tegen. Ik besluit de repetities zo compact mogelijk te houden, veel rust te geven en energie te sparen voor de diensten.

De Eucharistieviering begint om 11.15 uur. We hebben veel te zingen, waaronder Rheinbergers dubbelkorige ‘Cantus Missae’, een geweldig stuk waar je als koor alles in kunt laten horen. De Rotterdamse mouwen worden opgestroopt en het resultaat mag er zijn. Deze viering is heel anders van vorm dan de evensong en weer ben ik onder de indruk van de vloeiende beweging en hoogwaardige uitvoering  van de liturgie.

Na de dienst is er een fotomoment met de pers, een snelle lunch en weer een repetitie voor de laatste evensong. We zingen de ‘Westminster Service’ van Howells. Dat leek me een sympathiek gebaar, maar ik ving al snel op dat men het beschouwde als „nogal gedurfd” om dit stuk in het hol van de leeuw uit te voeren. Het koor zingt echter de sterren van de hemel en bij mij komen de tranen. Ik ben de enige niet. Meer kun je niet verlangen als dirigent; op de mooist denkbare locatie je koor tot deze hoogte te horen stijgen is een  ervaring om nooit te vergeten. Westminster was goed voor ons.

Wiecher Mandemaker voor Westminster Abbey.

Klassieke muziek

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next