Soms denk je als kijker van Magellan het goede in de ogen van de Portugese ontdekkingsreiziger Ferdinand Magellaan te zien glinsteren. Het maakt de aangerichte verschrikkingen des te gruwelijker.
schrijft voor de Volkskrant over film, met speciale aandacht voor filmmuziek en horror.
Tijdens het kijken naar het imposante, wonderschoon gefotografeerde kostuumepos Magellan is het interessant om te letten op wat juist níét wordt getoond. Om een voorbeeld te noemen: wanneer de Portugese ontdekkingsreiziger Ferdinand Magellaan (1480-1521) en zijn conquistadores, na jarenlange omzwervingen op zee, eindelijk land bereiken, zie je niet hoe ze aldaar hun eerste stappen zetten.
Wat een groots moment vol ontlading en avonturiers-bombast zou kunnen opleveren, wordt door cineast Lav Diaz simpelweg overgeslagen.
Het is een van de vele manieren waarop de vermaarde Filipijnse filmmaker de traditionele, koloniale blik op de ontdekkingsreiziger ontmantelt. Magellaan, geldend als de leider van de eerste boottocht rond de wereld, de eerste Europeaan die ooit de Filipijnen bereikte en de man die het christendom naar het land bracht, is hier geen heroïsch icoon; eerder een monomane, bloeddorstige gek.
Al moet meteen worden toegevoegd dat de Mexicaanse acteur Gael García Bernal binnen dat kader voor allerlei nuances zorgt. Getooid met een grijze baard en perfect Portugees, laat hij steeds weer de zoekende, falende mens in Magellaan doorschemeren. Soms denk je als toeschouwer wel degelijk het goede in zijn ogen te zien glinsteren. Het maakt de in naam van God en gezag aangerichte verschrikkingen des te gruwelijker.
Diaz, die ook (mede)verantwoordelijk was voor het camerawerk, het production design en de montage van Magellan, staat bekend om zijn radicale slow cinema-exercities. Zijn in lange takes gegoten, meestal zwart-witte films bereiken soms lengtes van elf uur.
Magellan, uitgebracht in de zomerreeks Previously Unreleased van filmmuseum Eye, zou weleens zijn meest toegankelijke werk kunnen zijn: nog geen drie uur lang (al schijnt er ook een versie van negen uur te bestaan), gezegend met een betrekkelijk hoog verteltempo, een fraaie aankleding, prachtig gebruik van kleur en licht en natuurlijk Bernals voortreffelijke hoofdrol. Hij is de eerste globale filmster die in Diaz’ oeuvre opduikt.
Magellan herinnert als anti-avonturenepos aan films als Werner Herzogs Aguirre (1972), Lisandro Alonso’s Jauja (2014) en Lucrecia Martels Zama (2017). Tegelijkertijd blijft Diaz volstrekt trouw aan zijn eigen koers. Hij richt zich vooral op de jarenlange expeditie die Magellaan in 1519 onder Spaanse vlag aanvangt, en die hem uiteindelijk naar het Filipijnse eiland Cebu zal voeren.
De reis wordt geplaagd door muiterij, uitputting, ziekte en waanzin, zonder dat Diaz en cinematograaf Artur Tort ooit van hun bewust statische cameravoering afwijken. Door de uitgewogen beeldcomposities en het gestileerd expressieve acteerwerk krijgen de scènes geregeld het karakter van een re-enactment of bewegend schilderij: een nu eens vervreemdend, dan weer hypnotiserend effect.
De slachtpartijen die Magellaan en zijn mannen onder de lokale bevolking aanrichten, blijven in deze tableaus grotendeels buiten beeld. Diaz geeft des te meer ruimte aan het residu van het geweld. De met lijken bezaaide jungle. De vernietigde dorpen. De apocalyptische ravage.
In afwachting van Magellaans eigen ondergang, is dat wat de film indrukwekkend tastbaar maakt: de hallucinante stilte van dood, verval en verwoesting.
Historisch drama
★★★★☆
Regie Lav Diaz
Met Gael García Bernal, Ângela Azevedo Ramos, Amado Arjay Babon, Darío Yazbek Bernal
160 min., in 30 zalen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant