Nationaal Waterkamp In Zeewolde wordt een tiendaags kamp gehouden voor waterscouts uit binnen- en buitenland. Op het terrein verblijven ruim vierduizend nationale scouts van tussen de elf en achttien jaar. En iedereen vindt veiligheid belangrijk: „Hoe stom en dom we elkaar soms ook vinden, we zouden we voor elkaar in het water springen.”
Een groep waterscouts uit Amsterdam op Nawaka, het tiendaags Nationaal Waterkamp.
‘Hallo, hallo, hallo!”, klinkt een hoge jongensstem vanachter een catamaran. De boot ligt stil, midden op het Nuldernauw tussen Flevoland en Gelderland. „Hallo, hallo, hallo!”, klinkt het weer. Dan verschijnt in het water een gezicht. De jongen klemt z’n handen vast aan het vaartuig.
Het blijkt de elfjarige Isa. Volgens de zeven kinderen aan boord heeft hij zojuist een levende mossel gelikt. „Ja, kapot lekker”, zegt Isa. Hij verdwijnt weer in het water. De kinderen, van een scouting uit Amsterdam, verblijven tien dagen op het grootste waterscoutingkamp van Europa: Nawaka.
Eens in de vier jaar wordt Nawaka (het Nationaal Waterkamp, van Scouting Nederland) georganiseerd op Scoutinglandgoed Zeewolde. Aan het smalste randmeer van Nederland, het Nuldernauw, ligt het kamp. De hele dag door worden zeilwedstrijden, roei- en wrikwedstrijden (roeien met één riem aan de achtersteven) gehouden. Winnaars mogen vervolgens deelnemen aan landelijke scoutingzeilwedstrijden.
Twee jaar geleden al begonnen achthonderd vrijwilligers het scoutinglandgoed van zeventig hectare om te bouwen tot een kamp. Op het terrein, dat volgens de vrijwilligers en deelnemers aanvoelt als een dorp, verblijven ruim vierduizend waterscouts tussen de elf en achttien jaar.
De waterscouts krijgen onder meer les in sea surival: veiligheidstraining op zee.
Isa, de elfjarige waterscout, heeft vooralsnog geen allergische reactie gehad op de mossel. „Hij is immuun voor vergiftiging”, grapt Doris (14). Ze zit op de catamaran en hoort ook bij dezelfde scoutinggroep. Volgens haar heeft Isa al veel onbekende dingen geproefd. Voor beide waterscouts is het hun eerste Nawaka.
De waterscoutinggroep uit Amsterdam zegt „wel echt goed” op elkaars gezondheid en veiligheid te letten. „Hoe stom en dom we elkaar soms ook vinden, we zouden voor elkaar in het water springen”, zegt Emilia (15). Dit is haar tweede Nawaka. „Spring dan voor mij in het water!”, roept Isa, die in het water aan twee houten balken bungelt.
Daan (15) is volgens de Amsterdamse waterscoutinggroep „de normale” van het stel. Het is z’n tweede Nawaka. De groep is geankerd om even bij te komen van een opdracht, vertelt Daan. Ze hebben hun twee boten met balken aan elkaar moeten koppelen om ze om te bouwen tot één catamaran. „Isa heeft net de boot vanaf de buitenkant in het water gedicht”, vertelt Daan.
Een waterscoutinggroep uit Schoonhoven.
Van vrijwilligers krijgen de scouts onder meer les in sea surival, veiligheidstraining op zee. Het veiligheidsplan dat Scouting Nederland voor het evenement aanlevert, wordt vaak door andere festivals overgenomen, zegt Eefje Smeulders (36), bestuurslid bij Nawaka, landelijk bestuurslid van Scouting Nederland én scout sinds haar achtste. „We zijn gewend om dingen goed te regelen. Van oudsher is ons motto: wees bereid op het onverwachte.”
Het eerste Nawaka werd in 1949 georganiseerd op het Kruiteneiland, gelegen in de monding van de Oude Maas bij Rotterdam, dat is opgegaan in een industriegebied. Het kamp heeft afgelopen 77 jaar veel thuisadressen gehad, maar sinds Nawaka in 2018 van Roermond naar Zeewolde verhuisde, staat het landgoed iedere zomer vol met scouts van over de hele wereld.
Want los van de tiendaagse nationale Nawaka, wordt Scoutinglandgoed Zeewolde ook ieder jaar bezocht door waterscouts uit Ierland, Griekenland, Engeland, Israël, Oekraïne en Noorwegen. De jongste gemeente van Nederland betekent veel in de internationale scoutingwereld, zegt Smeulders. Ze kan het weten, want ze bezoekt vaak (water)scouts in het buitenland om kennis uit te wisselen en vertelt dan over het Scoutinglandgoed.
De scouts van de Amsterdamse groep.
Susanne gooit een touw naar de mannen van de havenwacht om te worden voortgesleept uit de haven.
Boten worden gesleept.
Een bord met verschillende scoutings.
De Nawaka-havendienst houdt een oogje in het zeil. Sidney van Vliet (24) en Thimothy van Duijn (31) varen om de beurt over het meer. Ze namen vroeger ook deel aan het kamp. De twee doorgewinterde scouts varen langs groepen op lelievletten: stalen zeil-, roei- of wrikboten, speciaal voor de waterscouting. De groepen doen mee aan de vlettenrally, een race en speurtocht op het water. De winnaars krijgen een beker.
Bij de vlettenrallytent op het kampterrein houdt de organisatie via een GPS-tracker bij waar alle boten zich bevinden. Aan de mast van de vlet van de waterscoutinggroep uit Schoonhoven is een tracker met ducttape vastgeplakt. „We moeten vooral veel rondjes varen op het meer om punten te verdienen”, zegt Elise (16). De vier meiden op de lelievlet hebben geen idee hoeveel punten ze hebben verdiend.
Winnen boeit de Schoonhovense groep niet zo, gezelligheid staat voorop. Via de Nawaka-app kunnen scouts hun score bijhouden, „maar we zijn te lui om de app te downloaden”, zegt Susanne (16). Evenals de groep uit Amsterdam zitten ze bijna niet op hun telefoon. Er is ook nauwelijks bereik. „Ik kan ermee leven. Het is maar een telefoon”, zegt Susanne.
Last van heimwee hebben de vier waterscouts uit Schoonhoven niet, zeggen ze. Het is volgens hen meer dan genoeg om af en toe hun ouders „een teken van leven” te geven. En ze zien elkaar weer in het weekend op de bezoekersdag. Op het kamp wordt voor buurtbewoners en familie een terrassenfestival georganiseerd, met eten en drinken van lokale ondernemers.
Het is de laatste Nawaka voor het groepje uit Schoonhoven. Kohrt: „We zijn van plan om misschien over vier jaar – als we allemaal twintig zijn – als vrijwilliger terug te komen.”
Scouts houden een wrikwedstrijd.