Migratie Spanje controleert vanaf vandaag een maand lang reizigers uit Italië, als reactie op Italiaanse grenscontroles. Aan de basis van deze crisis ligt het scherpe ideologische contrast tussen de premiers Pedro Sánchez, posterboy van links in Europa, en Giorgia Meloni, boegbeeld van de Europese politieke rechterflank.
Migranten in Ceuta stonden afgelopen donderdag in de rij om voedsel te ontvangen van de lokale ngo Media Luna Blanca.
Midden in het toeristische hoogseizoen gaat Spanje, in navolging van Italië, reizigers controleren die het land per schip of met het vliegtuig bereiken. De Spaanse regering van Pedro Sánchez voert die extra controles vanaf deze zaterdag in voor de periode van een maand. Het is een reactie op de Italiaanse grenscontroles voor wie vanuit Spanje naar Italië reist, en die minimaal tot 15 augustus gelden.
De Italiaanse overheid motiveerde haar maatregel met een verwijzing naar geruchten op sociale media van een nieuw massaal vertrek naar Ceuta in die periode. Ook NRC las berichten die daarop wijzen. Toch lijkt de maatregel vooral symbolisch: er zijn geen aanwijzingen dat migranten sinds eind juli via Ceuta het Europese vasteland hebben bereikt.
Reisorganisaties en maatschappijen van cruiseschepen hebben bij de Italiaanse overheid al flink geklaagd over de grenscontroles, meldt de krant La Repubblica. Extra controles tussen twee toeristische topbestemmingen als Spanje en Italië kunnen leiden tot hinder en vertragingen. Maar ook al is binnen de Italiaanse regering niet iedereen even overtuigd dat een diplomatieke escalatie met Spanje een goed idee is, voorlopig bindt niemand in.
Drie dagen geleden bereikte Rome het informele verzoek vanuit Spanje om op te houden met de grenscontroles. Die had Italië ingesteld nadat eind juli zo’n 72.000 veelal Marokkaanse migranten naar Ceuta, de Spaanse exclave in het noorden van Marokko, waren gezwommen.
Spanje vroeg de controles weer in te trekken, omdat die volgens Madrid onzinnig zijn: geen van de migranten bereikt via Ceuta het Europese vasteland. De migranten die naar Ceuta zwommen, zijn grotendeels weer teruggekeerd naar Marokko. En wie vanuit de exclave naar het Spaanse vasteland wil reizen, heeft geldige reispapieren nodig. Daar wordt extra op gecontroleerd.
Maar hoewel de Italiaanse minister van Buitenlandse Zaken Antonio Tajani (van het rechts-liberale Forza Italia) wel oren had naar het Spaanse verzoek, botste hij op zijn collega Matteo Piantedosi (Binnenlandse Zaken), een hardliner inzake migratie, én niet in de laatste plaats op Giorgia Meloni. De Italiaanse premier had geen zin om Pedro Sánchez een gunst te verlenen.
Dat brengt de diplomatieke escalatie terug tot haar essentie: aan de basis van de rel ligt de scherpe ideologische tegenstelling tussen Sánchez en Meloni. Terwijl de Spaanse premier de posterboy is van de progressieve Europese linkerzijde en wordt geassocieerd met een humaan migratiebeleid, is de radicaal-rechtse Italiaanse premier juist het uithangbord van rechts en van iedereen die strenge migratieregels bepleit.
Meloni heeft scherpe kritiek op Sánchez, die met een buitengewone reguleringsprocedure zo’n half miljoen migranten in Spanje een legale status verwachtte te bezorgen. Inmiddels hebben zich al tweemaal zoveel migranten voor die procedure aangemeld.
Na de Ceuta-crisis ondertekenden 22 Europese leiders een zeer kritische brief aan de Spaanse regering, waarvan Meloni een initiatiefnemer was. De Spaanse procedure werd in de brief omschreven als een van de „beleidsmaatregelen die de aantrekkingskracht vergroten”.
Migratie-experts in Italië nemen Meloni op de korrel. „De positie van de Italiaanse regering is hypocriet, want wij doen hetzelfde, maar op een iets andere manier”, zei migratie-expert Matteo Villa van het instituut voor de studie van internationale politiek (ISPI), een denktank uit Milaan, tegen de Financial Times. De Italiaanse premier slaagt erin zich in het buitenland als de hardliner inzake migratie te positioneren, maar voert in eigen land een veel pragmatischer beleid.
Italië heeft een oude bevolking, en jonge Italianen trekken nog altijd weg. Sectoren als de landbouw, horeca, en in groeiende mate de zorg leunen sterk op migranten. Uitgerekend de zo migratiekritische regering van Meloni keurde jaarlijkse quota goed waardoor Italiaanse werkgevers tussen 2023 en 2028 voor bijna een miljoen buitenlanders werkvergunningen kunnen aanvragen.
De Spaanse pijlen richting Rome blijven intussen komen. Vanuit Ceuta, waar ze de opvang van niet-begeleide minderjarige migranten voorbereidt, noemt minister Sira Rego (Jeugd en Kinderen) in een gesprek met La Repubblica de Italiaanse grenscontroles „belachelijk en onverantwoordelijk”. Volgens de Spaanse minister importeert premier Meloni een agenda die Europa van binnenuit verzwakt. „Het lijkt erop dat Meloni meer bezig is met opnieuw met Trump op de foto gaan dan met het verdedigen van de Europese belangen.”