Junta Myanmar Na een staatsgreep in 2021 bevond het militaire regime in Myanmar zich in een internationaal isolement. Maar nu generaal Min Aung Hlaing een burgerpak heeft aangetrokken, verschijnen daarin steeds meer barstjes.
De Myanmarese couppleger en generaal Min Aung Hlaing (rechts) liet zichzelf in april tot president verkiezen in een poging zijn regime van legitimiteit te voorzien. Donderdag werd hij in Bangkok met veel eerbetoon ontvangen door de Thaise premier Anutin Charnvirakul.
Met een militaire staatsgreep stortte Min Aung Hlaing (70) Myanmar in 2021 in een bloedige burgeroorlog. De aanklager van het Internationaal Strafhof in Den Haag verdenkt hem van oorlogsmisdaden en vraagt om een aanhoudingsbevel, en Myanmar is niet meer welkom bij regionaal samenwerkingsverband ASEAN.
Toch rolde Thailand donderdag de rode loper uit voor de generaal, die zichzelf na internationaal alom veroordeelde ‘verkiezingen’ in april als burgerpresident liet installeren. Gekleed in een pak in plaats van een uniform liet hij zich in Bangkok verwelkomen door een militaire kapel die de volksliederen van beide landen speelde. De Thaise premier Anutin Charnvirakul noemde het tijd om toenadering te zoeken tot het buurland. „Myanmar is net als Thailand lid van de ASEAN-familie”, zei hij donderdag tijdens de ontvangst.
Het Zuidoost-Aziatische samenwerkingsverband ASEAN sloot Myanmar na de coup in 2021 uit van officiële bijeenkomsten. Bij de staatsgreep werd de democratisch gekozen regeringsleider Aung San Suu Kyi (81) gevangen genomen. Er volgde een burgeroorlog waarbij naar schatting al honderdduizend mensen zijn omgekomen. Het regime heeft slechts een deel van het land in handen. Elders domineren verzetsgroepen of strijden zij met het regime om de macht. Verzet wordt hard de kop ingedrukt. Miljoenen Myanmarezen zijn ontheemd en mensen in verzetsgebieden hebben te vrezen van luchtbombardementen door het regime.
Hoewel de leiders van de meeste aangesloten landen zelf evenmin veel op hebben met democratie en mensenrechten, hechten ze wel aan rust en stabiliteit in hun regio. ASEAN eiste in een vijfpuntenplan onder meer een einde aan het geweld in Myanmar, een dialoog tussen alle partijen en toelating van humanitaire hulp en onafhankelijke regionale waarnemers.
Aan geen van die eisen is voldaan, maar toch lijkt Min Aung Hlaing steeds meer succes te boeken bij zijn pogingen het isolement van zijn regime te doorbreken. Kort voor het bezoek aan Thailand bracht de junta een foto van Aung San Suu Kyi naar buiten, die in huisarrest zit. Zij was al ruim twee jaar niet gezien en er was onzekerheid of ze nog wel in leven was. De Thaise premier Anutin noemde de foto een „stap in de goede richting”, hoewel van haar vrijlating of van die van de naar schatting vijftienduizend andere politieke gevangenen geen sprake is.
Maar met samenwerken kom je verder dan met isoleren, verdedigden Thaise ministers het bezoek. „Het gaat niet om legitimeren, maar het gaat om realiteit”, zei de Thaise minister van Buitenlandse Zaken Sihasak Phuangketheow.
Die houding is mede ingegeven door eigenbelang. De twee landen sloten handelsoverkomsten ter waarde van ruim 10 miljard euro, die Thailand goed kan gebruiken. Mede door de oliecrisis verkeert het in economisch zwaar weer: prijzen zijn gestegen en de belangrijke inkomsten uit toerisme vallen tegen. Ook hoopt Thailand meer grip te krijgen op de florerende drugshandel en andere criminaliteit langs de 2.400 kilometer lange grens met Myanmar. Voor zover bekend kwamen het geweld, de mensenrechtensituatie en het vijfpuntenplan van ASEAN tijdens de gesprekken niet ter sprake.
En er verschijnen meer barstjes in het isolement van Myanmar. Na eerdere bezoeken aan China en Rusland, beide belangrijke wapenleveranciers en afnemers van grondstoffen, reisde Min Aung Hlaing in juli al naar Laos, ook een ASEAN-land. En hoewel Indonesië, de Filippijnen, Singapore en Maleisië vasthouden aan de eisen als voorwaarde voor herstel van de contacten met het samenwerkingsverband, is ook Maleisië ondertussen wel degelijk met het regime in gesprek. Het herbergt zo’n 126.000 Rohingya-vluchtelingen, een moslimminderheid die het geweld in Myanmar is ontvlucht. Net als Bangladesh, waar een miljoen Rohingya in kampen wonen, verkent Maleisië terugkeeropties.
De ASEAN-landen hadden al weinig invloed op het regime in Myanmar, maar van de drukmiddelen die ze wel gebruikten is nu nog minder over, zeggen critici. Zuidoost-Azië-kenner Sebastian Strangio wijst er in onlinemagazine The Diplomat op dat er geen tekenen zijn dat de junta de macht wil delen of openstaat voor dialoog.
Voor de Myanmarese oppositie betekent het bezoek van Min Aung Hlaing aan Thailand een bittere tegenslag, die een einde van de burgeroorlog nog verder uit zicht brengt. In een interview met weekblad Nikkei Asia riep de minister van Buitenlandse Zaken van de Myanmarese regering in ballingschap de ASEAN-leiders op om vast te houden aan het diplomatieke isolement, ook nu het regime zich presenteert in burgerkleren.
Maar of zij veel gehoor zal vinden, is de vraag. Myanmar is rijk aan natuurlijke grondstoffen, waaronder zeldzame metalen. Verzetsgroepen boeken soms militaire successen, maar een overwinning op de junta is ver weg. En het regime wordt zelfverzekerder: nadat ASEAN-lid Oost-Timor begin dit jaar een rechtszaak tegen Min Aung Hlaing en andere juntaleiders begon wegens misdaden tegen de menselijkheid, zette Myanmar de ambassadeur van het eilandstaatje uit. Eind juli haalde Min Aung Hlaing in een toespraak uit naar het vijfpuntenplan, en beschuldigde hij ASEAN van „discriminatie” tegen zijn land.
Volgens analist Strangio is het bezoek aan Thailand teken van een verzwakte ASEAN en een opsteker voor „Min Aung Hlaing en zijn trawanten, die alleen maar nog verder zullen uittesten hoever ze hun speelruimte kunnen oprekken”.
Voorlopig met succes, want wat Thailand betreft mag Min Aung Hlaing aanschuiven bij de ASEAN-top in november. „Wij zijn bereid om een brug te slaan,” aldus buitenlandminister Sihasak donderdag. „Of de andere leden dat ook willen, is aan henzelf. Er moet consensus zijn. We zullen niets afdwingen.”